Goede verkenner en geduchte aanvaller

De eerste twaalf Nederlandse Apachegevechtshelikopters zijn sinds kort operationeel. De cockpit zit vol met knopjes, lampjes, handels en beeldschermen. Met deze hi-tech gevechtsmachine is het goed vliegen in een maanloze nacht.

GILZE-RIJEN, 27 NOV. De chauffeur van de truck dieselt gestaag over de snelweg, onwetend dat zijn oplegger gevangen wordt gehouden in de kruisdraden van de televisiecamera in de neus van de Apache-gevechtshelikopter.

Dit is het poldermodel van operatie Desert Storm: de vrachtauto rijdt over de A-28 van Harderwijk naar Zwolle, en de groenzwarte Apache hangt tien kilometer verder vlak boven een dennenbos aan de zuidkant van de Oldebroeksche Heide. “En nu nog even wat leuks”, zegt majoor Wido Gerdsen, die vanuit de achterste stoel de heli bestuurt. De helikopter met roepnaam Redskin 24 schiet omhoog en maakt een scherpe looping. De vliegershelm blijft aan de hoofdsteun plakken totdat de negen ton wegende machine vlak boven de boomtoppen weer in horizontale positie komt.

De fonkelnieuwe Apache van de Koninklijke Luchtmacht heeft nog geen schot op een vijand gelost maar wel al zijn eerste gevecht gewonnen. De Apache is de overwinnaar in het bittere conflict over de aanschaf van het vliegende anti-tankwapen van de toekomst, dat de Nederlandse politiek in 1994 verdeelde.

De voorstanders van de Tigre-helikopter van het Frans/Duitse Eurocopter delfden ten slotte het onderspit tegen de 'Atlantici' die de Apache wilden, omdat deze zijn nut tijdens de Golfoorlog (1990-1991) had bewezen. De eerste twaalf AH-64A Apache-gevechtshelikopters zijn deze herfst officieel operationeel geworden.

Met een schuin oog naar kandidaten voor de pilotenopleiding showt de luchtmacht tijdens een missie met een hoog jongensboekengehalte haar nieuwste paradepaard. De Apache draait loopings, buldert over boomtoppen en blaast 'virtueel' vrachtauto's op die rustig over de snelweg rijden.

De twaalf toestellen maken deel uit van de Tactische Helikopter Groep (THG), die de Luchtmobiele Brigade moet ondersteunen. De Apaches van het 301 squadron Redskins, gestationeerd op de vliegbasis bij Gilze-Rijen, zijn door de Verenigde Staten geleverd in afwachting van de dertig modernere exemplaren van het geavanceerdere D-model. Deze Apaches zijn geleasd voor het symbolische bedrag van één gulden per stuk, een bedrag dat nogal afsteekt tegen de 1,3 miljard gulden die de nieuwe machines samen kostten.

Na een grondige opleiding van de piloten in de VS en na oefeningen in onder andere Nederland en Polen kunnen de nieuwe helikopters nu worden ingezet voor een hele reeks taken. Niet alleen moeten ze vijandelijke tanks kapot kunnen schieten, maar ook bijvoorbeeld VN-konvooien begeleiden en het terrein verkennen. 'Van hoog tot laag in het geweldsspectrum', zoals het heet.

Alleen al het noemen van de Tigre leidt tot geschimp bij het 301 squadron. Majoor Gerdsen: “De eerste Franse toestellen worden pas na het jaar 2000 in dienst genomen. Wij krijgen de eerste 'Delta's' al in 1999. Daar komt bij dat we direct konden meedoen met de trainingsprogramma's van de Amerikanen.” De Franse strijdkrachten daarentegen moeten van nul af aan beginnen als zij hun Tigres in gebruik nemen.

Vandaag staat een zogeheten low-level, deep-attack-missie op het programma. In de met kaarten behangen briefing-room geeft kapitein Onno Eichelsheim een uiteenzetting. “De verzamelde strijdkrachten van Friesland, Groningen en Drenthe zijn Overijssel binnengevallen en nu proberen ze ook Utrecht binnen te vallen.” Deze provincies hebben de hulp ingeroepen van de Multinationale Divisie (Centraal) van de NAVO, waar ook de Luchtmobiele Brigade en de THG deel van uitmaken. Het front loopt dwars over de Veluwe. Intell, de inlichtingendienst, heeft aangegeven dat er in een bosrand op de Oldebroeckse Heide 35 T-72 tanks en zes stuks artillerie staan opgesteld. Eichelsheim: “Die gaan we uitschakelen.”

Drie Apaches, virtueel bewapend met laser-geleide Hellfire-antitank-raketten, ongeleide projectielen en een 30 millimeter-kanon zouden moeten volstaan. Daar zijn zelfs rekensommen over gemaakt: het aantal doelen is bekend en de trefzekerheid van de Hellfires is gesteld op 80 procent.

Er wordt wel gezegd dat de gemiddelde Nederlander zijn video niet kan programmeren. Dat verklaart wellicht ten dele het geringe aantal kandidaten dat in aanmerking komt voor de opleiding tot Apache-piloot. In de cockpit zitten honderden knopjes, lampjes, meters, handels en beeldschermen. De helm is niet alleen koptelefoon maar ook vizier. Met een soort monocle die ook dienst doet als klein tv-scherm, kan ook het kanon worden gericht: beide zijn gesynchroniseerd. Een tank hoeft maar te worden 'aangekeken' en de granaten treffen doel.

Het zicht is meer dan tien kilometer, de wind verwaarloosbaar, het zonnetje schijnt. “Fantastisch vliegweer”, zegt Eichelsheim, “Maar tactisch gezien zijn het rampzalige operationele omstandigheden. Wij willen maanloze nachten met een laag wolkendek. Die slogan van de producent klopt: Apache owns the night.

Na te hebben warmgedraaid, maken de drie Apaches een grote bocht vanaf de startbaan naar het noorden. De snelheid is zo'n 200 kilometer per uur en de vlieghoogte ongeveer 300 meter. Bij snelwegen gaan we de hoogte in, want nieuwsgierig naar de formatie gevechtshelikopters zouden automobilisten nog de verkeerde weghelft kunnen kiezen. Koeien en paarden kijken naar boven, schapen zoeken dekking bij een drinkbak. De vliegroute kruist al snel de grote rivieren: de Waal bij Zaltbommel en de Rijn bij Elst. Dan doemen de Veluwse heuvels op en wordt het spannend. De helikopter scheert met meer dan 200 kilometer per uur door de dalen, springt omhoog bij boerderijen en passeert onderlangs cirkelende buizerds. “We volgen de contouren van het terrein”, zegt Gerdsen, die al zeven jaar in de Apache vliegt. Hij maakte deel uit van een uitwisselingsprogramma met de Amerikaanse luchtmacht.

Op een bepaald punt splitst de formatie heli's zich op. De ene Apache gaat naar engagement area Lion waarvandaan de kanonnen onder vuur worden genomen, de twee andere gaan naar engagement area Bear om de vijandelijke tanks te beschieten. Redskin 24 blijft hangen voor een bosrand en klimt dan juist zo hoog boven de bomen dat de sensoren in de neus, een infraroodkijker, een TV-camera en een soort telescoop, het hele terrein kunnen overzien. Volgens de cijfertjes onderin het beeldschermpje staan de oefentanks op zo'n vijf kilometer afstand. Een dubbele klik op een rechter handgreepknop zou de richt-laser inschakelen en na het overhalen van de trekker aan de linker handgreep zou een Hellfire-raket vanaf de zijkant van de helikopter naar de vrachtauto schieten. In een mum van tijd zou het met ze gebeurd zijn.

Utrecht en Overijssel kunnen voorlopig rustig gaan slapen.

    • Menno Steketee