Enge engelen

We kennen ze van servetten, kerstbomen en ansichtkaarten, als goudkleurige, glimlachende creatuurtjes. De tentoonstelling Engelenwerk leert echter dat engelen veel complexer zijn en niet altijd even vriendelijk.

Expositie Engelenwerk, van 29 nov t/m 15 maart in het Goois Museum, Kerkbrink 6, Hilversum. Inl 035-6292826. Open: dag. 13-17u. Ma gesloten.

Waarom heeft de ene engel meer vleugels dan de andere en is de ene blauw en de andere rood? Prangende vraagstukken in het persbericht dat de VVV Noord-Holland rondstuurde over de expositie Engelenwerk in het Goois Museum in Hilversum. Intrigerend ook, nu deze wezens niet meer in het openbaar verschijnen.

Engelen waren niet alleen streng hiërarchisch georganiseerd - er worden maar liefst negen soorten onderscheiden - maar ook vaak hardvochtige wezens. In de Apokalyps/Openbaringen, het verhaal over het einde der tijden, verwoesten zeven engelen der gramschap een groot deel van de aarde. Een cherubijn met een vlammend zwaard houdt de wacht na de verdrijving van Adam en Eva uit het paradijs. Elders in het Oude Testament slacht één engel 180.000 Assyriërs af. “Echt vertederende verhalen over engelen zijn er niet”, zegt Loes Schaafsma, samensteller van de tentoonstelling. “Ze treden wel op als helpers of verkondigers, maar er was niet echt aanleiding om ze af te beelden als schatjes. Het waren meer ontzagwekkende wezens.”

De engelenhiërarchie werd in de 5e eeuw n. Chr. op papier gezet door ene Dionysius de Areopagiet, die zijn ideeën baseerde op de geschriften van Paulus. Het hoogst in rang waren de serafijnen, die in de katholieke Bijbelvertaling - uitgangspunt van de expositie - alleen in visioenen optreden. Ze hadden weinig contact met mensen. Hun voornaamste taak was zingen rond de troon van God. Daaronder stonden de cherubijnen, die de kennis van God doorgaven aan de lagere engelen die het op hun beurt weer doorgaven aan de mensen. Minder bekend en weinig of niet voorkomend in de Bijbel zijn engelsoorten als tronen, heerschappijen en overheden. Aartsengelen daarentegen, de op één na laagste in rang, spelen een belangrijke rol. Zo kondigde Gabriël bij Maria de geboorte van Jezus aan en verslaat Michaël in de Apocalyps de draak.

Over uiterlijk en geslacht van engelen is heel wat gespeculeerd. Sommige engelen zijn rood wegens hun vurige liefde voor God, andere blauw wegens hun wijsheid. Ook het aantal vleugels loopt uiteen. Serafijnen worden doorgaans afgebeeld met zes vleugels, cherubijnen met vier vleugels en lagere engelen met twee. En hoewel engelen meestal 'jongensnamen' hebben en ook als zodang worden afgebeeld, zijn het 'officieel' onzijdige wezens. Alleen in de late Renaissance in Italië werd een engel - toen de cultus rond beschermengelen een hoge vlucht nam - wel eens afgebeeld als vrouw.

Pas halverwege de Middeleeuwen werden engelen steeds vaker weergegeven als mollige wezentjes met een hoog schattigheidsgehalte. Dit gebeurde vermoedelijk onder invloed van de Griekse mythologie, waar de liefdesgod Amor werd afgebeeld als blote baby met pijl en boog. Engelen zijn overigens geen Bijbelse uitvinding: de joden namen ze waarschijnlijk over uit Egypte, waar de godinnen Isis en Neftis met vleugels werden afgebeeld. Het is het leuke en tevens het lastige met engelen: je kunt er eeuwig over blijven speculeren. Wie weet vindt in volgende eeuwen de theorie van Malcolm Goldwon navolging: in zijn boek Engelen, een bedreigde soort (uitg. Elmar bv in Rijswijk, 1990) oppert hij dat het geloof in engelen niets anders was dan het geloof in buitenaardse wezens.

    • Friederike de Raat