Robert Hughes over het vernietigen van kunst; 'Het idee dat kunst zich ontwikkelt is bullshit'

Robert Hughes, 'de beroemdste kunstcriticus ter wereld', was gisteren in Amsterdam voor de vertaling van zijn American Visions, een kroniek van vier eeuwen Amerikaanse kunst. Over de kunst van de jaren zeventig en tachtig van deze eeuw heeft hij weinig goeds te melden: “Het meeste is rommel.”

Amerika's Visioenen, Het epos van de Amerikaanse kunst. 635 blz., ƒ 125,-, na 1/4/98; ƒ 149,50.

AMSTERDAM, 26 NOV. “De dader van de aanslag op dat doek van Barnett Newman moet last hebben van een erotische fixatie. Zo'n manie is absoluut fantastisch. En wat een vasthoudendheid laat die man zien, wat een consistente kritische opinie! Daar kunnen wij kunstcritici jaloers op zijn. Maar wat kunnen we ertegen doen? Geen enkel kunstwerk is te beschermen tegen psychoten.”

De schrijver Robert Hughes (58) is net vanuit zijn woonplaats New York gearriveerd voor de presentatie van de Nederlandse vertaling van zijn laatste boek, American Visions, The Epic History of Art in America. “Ik neem aan dat ik mij ten aanzien van Newman schuldig moet voelen. Ik heb geschreven over een 'inflated myth of claim to fame'. Ik respecteer hem wel, maar ik zie hem niet als een van de groten. Maar het blijft tragisch dat dit in het Stedelijk is gebeurd. Newman is méér polemisch en radicaal abstract dan de anderen, daar heeft die aanslag mee te maken. Het is een ramp voor musea en publiek. Overal worden kunstwerken gebarricadeerd achter glas en kettingen. De Mona Lisa wordt net zo geconserveerd als de mummie van Evita Peron: met speciaal licht, vibratie-censoren, geluidcensoren en temperatuurmeters.”

Hughes schrijft voor Time al dertig jaar lang heldere, humoristische, vaak bijtende en genadeloze, en af en toe liefdevolle, kritieken over oude en nieuwe kunst. Ze hebben hem tot de 'beroemdste kunstcriticus ter wereld' gemaakt, aldus de New Yorker. Daarnaast publiceerde hij essays voor The New York Review of Books, en boeken, waarvan dat over moderne kunst, The Shock of the New, het bekendst is. Amerika's Visioenen - “liefdesbrief aan Amerika” - schreef hij voor de gelijknamige tv-serie over Amerikaanse kunst.

Hughes herinnert zich levendig hoe hij zich bewust werd van de kwetsbaarheid van kunstwerken. In 1966 deed hij in Florence verslag over de overstroming van de Tiber. Hij kwam er 's avonds laat aan, alles was bedekt met een laag modder, en in de deuren van de Dom, waar de beroemde bronzen Renaissance-panelen van Ghiberti hadden gezeten. gaapte een groot gat. In de duisternis stak een puntig voorwerp omhoog uit de modder. Het was een van de panelen. Struikelend bracht Hughes het naar binnen, waar een priester hem zei het paneel maar weer terug te steken, want in de modder was het veel veiliger.

“Je neemt de kunst voor iets vanzelfsprekends, zij is er gewoon altijd. Dan ontdek je dat dat niet zo is. Het vernielen van kunst heeft een grote traditie. De Puriteinen (Europese immigranten in Amerika, red.) vernietigden alle middeleeuwse,Britse kunst, dat was deel van hun programma. En tijdens de Franse revolutie maakte le Noble Peuple alles kapot wat met het Ancien Régime te maken had. En dan zijn er natuurlijk de nazi's en hun 'entartete Kunst', en na de oorlog, de geallieerden, en ga zo maar door.

“Het is als met de angst van de katholiek voor de jood die de hostie kapot wil maken. Óf de hostie is echt het lichaam van Christus en moet dus om die reden worden vernietigd. Óf het is allemaal gebaseerd op bedrog en ook dan moet de hostie worden vernietigd - de jood heeft in beide gevallen, vanuit zijn positie bezien, gelijk. Zo ook met Newman: óf de vernieler attaqueert een leugen, óf hij attaqueert echt de essentie van het modernisme. In beide gevallen heeft hij gelijk.”

Hughes, in spijkeroverhemd en witte jeans, is een geboren verteller. Hij borrelt over van anekdotes en herinneringen aan kunstenaars. Met mimiek en verdraaide stem imiteert hij hen, van de bevriende Robert Rauschenberg en de 86-jarige beeldhouwster Louise Bourgeois tot de lang geleden overleden schilderes Lee Krasner, echtgenote van Jackson Pollock.

Het iconoclasme is een hoofdthema in Amerikaanse Visioenen, een kroniek van de Amerikaanse kunst vanaf het moment dat de Spanjaarden arriveerden tot nu. De Puriteinse erfenis is het hoofdthema. De Puriteinen beschouwden zichzelf als het door God gekozen volk om de Nieuwe Wereld te bewonen. Met hun esthetiek van soberheid, en hun ideeën over politieke en sociale vernieuwing creërden zij de typisch Amerikaanse mythe van 'nieuwheid'.

Het Puritiense Iconoclasme loopt als een rode draad door de hele Amerikaanse kunstgeschiedenis. Zo ziet Hughes een direct verband tussen de minimalistische kleurblokken van de schilderijen van Brice Marden en de 19de-eeuwse quilts van de streng gelovige Amish. Naast 'nieuwheid' heeft het ideaal van een ongerepte natuur, van het maagdelijke Beloofde Land dat de Puriteinen dachten te bewonen, de Amerikaanse kunst diep beïnvloed. Zelfs de schilderijen van abstract-expressionisten als Pollock en Rothko zouden een echo zijn van deze specifiek Amerikaanse natuurbeleving.

Hughes maakt korte metten met het algemeen geaccepteerde idee dat de Amerikaanse kunst pas tot bloei kwam na 1940, met ditzelfde abstract-expressionisme. “Het hele idee dat de kunst zich ontwikkelt, is bullshit. Veel 19de-eeuwse Amerikaanse kunst is van grote waarde. Ook in de vroeg moderne kunst: Marsden Haertly bijvoorbeeld was de Johannes de Doper van de modernistische kunst. Dat was een andere reden om dit boek te schrijven: om de Amerikanen te laten zien hoeveel goede kunst er ook vòòr 1940 was.

“Maar de Amerikaanse kunst mist ook heel veel. Voor mij is een kunstwerk intens fysieke stuff. Een kunstwerk is geen idee, het is ontstaan uit het verlangen om een solide, tastbaar ding te maken. Amerikanen hebben daar grote moeite mee. Voor hun is kunst image, maar geen concrete aanwezigheid. Ook dit komt voort uit de Puriteinse belevingswereld. Amerika heeft geen enkele belangrijke naaktschilder voortgebracht; en een groot realist als Lucian Freud kent Amerika ook niet. De sensualiteit is volkomen geabstraheerd.

“Het idee dat het kunstwerk alleen image is, bepaalt de kunst van de jaren tachtig en negentig. Het meeste daarvan is rommel. Ik vind, en dit zal wel reactionair zijn, dat kunstenaars hun werk zelf moeten maken. Maar Jeff Koons, that son of an bitch, weet helemaal niets van beeldhouwkunst; hij kan niets eens zijn eigen naam in een boom kerven, heb ik ontdekt.”

Wat is Hughes' volgende onderneming? “Al jaren wil ik een boek over Goya schrijven. Ik krijg nu haast. Verder was ik gevraagd voor de Biennale van Sidney in het jaar 2000. Maar dat doe ik niet, ik ben geen organisator, ik ben een schrijver. Kijk naar die Achille Bonito Oliva die een total fuck maakt van elke Venetiaanse Biënnale. Mijn aandeel in 2000 is een televisieserie over Australië. De Britten en Amerikanen denken dat wij een bende Crocodile Dundees zijn. Maar dat zijn we niet.”

    • Janneke Wesseling