Mix van pop en klassiek met een plas bier

Heineken Night of the Proms met Simple Minds, Deborah Harry, Coolio, Total Touch e.a. Gehoord: 23/11 Ahoy, Rotterdam. Herhaling: t/m 2/12 (uitverkocht).

Waar vind je het nog, dat je lekker mee mag brullen en deinen met een klassiek orkest? De Heineken Night of the Proms pretendeert pop en klassiek dichter bij elkaar te brengen. De formule heeft succes, want de zevende editie beslaat dit jaar tien uitverkochte avonden in Ahoy.

Dirigent Robert Grislot moedigde het publiek aan om luidkeels 'héé' te roepen op momenten dat het orkest Il Novecento een gat liet vallen. De sfeer zat er meteen goed in bij geheide krakers als het Slavenkoor van Verdi, Stars & Stripes van De Sousa en Tsjaikovski's Cappricio Italiano.

Een bonkige vertolking van Gershwins Rhapsody in Blue door de gevleugelde pianist Wayne Marshall (eerder zweefde hij met piano en al over het publiek) was voor de minder geduldige luisteraars een mooie aanleiding om het jaarlijkse avondje cultuur met een plas bier te beklinken.

Presentator Marcel Vanthilt wist de lachers op zijn hand toen hij Marshall aankondigde als 'de grootste pianist van het volgend millennium, maar bij ons ziet u hem al deze eeuw.' Er mocht gelachen worden, ook bij de recordpoging van xylofoonspeler Gustav Peters om 14.000 noten in een minuut te spelen of bij het wuivend riet dat zangkoor Fine Fleur nadeed op momenten dat er vocaal even niets te doen was.

Trijntje Oosterhuis van Total Touch sloeg zich waardig door de uitgeschreven synthesizerpartijen die het orkest achter haar reproduceerde, ook al klonk haar verzoek 'effe die hande in de luuucht' wel wat ordinair.

Wat rapper Coolio hier deed was een raadsel. Bij gebrek aan een hiphop-ritme waren orkest en de houterig rappende artiest niet vooruit te branden. Gelukkig was er de surprise-act van Deborah Harry, die ondanks het moeizame disco- en reggaeritme van respectievelijk Call Me en The Tide Is High bewees een ware popdiva te zijn, in een lange jurk maar met de guitige glimlach uit de gouden tijd van haar groep Blondie.

De tot een duo uitgedunde hoofdact Simple Minds maakte er een 'back to the eighties'-avond van met de galmende hits Alive and Kicking en Don't You. Jim Kerr werd als een soort zingende dominee boven de hoofden uitgetild. Op het moment dat iedereen uit volle borst 'lalala' stond te zingen, maakte niemand zich nog druk om de vraag of klassiek en pop hier dichter bij elkaar kwamen.

Laat dat maar over aan pianist Wayne Newton, die het presteerde om een lekker moppie Rachmaninov naadloos over te doen vloeien in een uitbundige meezinger.