Fusie tussen advocaten mislukt

ROTTERDAM, 25 NOV. De fusie die zou leiden tot het grootste advocatenkantoor van Nederland gaat niet door. De partners van het nieuwe Loeff Claeys Verbeke Buruma, die deze zomer nog spraken van een 'perfect fit' hebben het afgelopen weekeinde tijdens een bijeenkomst in Noordwijk besloten de voorbereidingen te staken, omdat de culturen van beide kantoren toch te zeer verschillen.

Het grootste advocatenkantoor van Nederland worden was geen vooropgezet doel, maar bleek onvermijdelijk, meenden mr. P. von Schmidt auf Altenstadt, voorzitter van het dagelijks bestuur van Buruma Maris in Den Haag en Rotterdam, en zijn collega mr. R. Stokman van Loeff Claeys Verbeke in Amsterdam en Rotterdam eerder dit jaar. Het in juli bekend geworden besluit tot samengaan van Loeff Claeys Verbeke en Buruma Maris was niet ingegeven door 'big is beautiful', maar door de markt waarop beide kantoren opereren. Ruim drie jaar geleden waren er al besprekingen tussen beide kantoren, maar het voornemen te fuseren strandde toen al een keer. Buruma Maris koos er uiteindelijk voor door eigen groei te verbreden. Maar Den Haag bleef een van de vestigingsplaatsen op de verlanglijst van Loeff. Vervulling van die wens zou volgens het bestuur van Loeff toch het best kunnen door een fusie met Buruma.

Die wens bleek begin dit jaar aan beide kanten te bestaan, terwijl met name Buruma eigenlijk tot de slotsom was gekomen dat het kantoor een ideale omvang had. Beide kantoren waren sinds die eerste besprekingen met elkaar in contact gebleven en besloten uiteindelijk toch tot fuseren 'door invloeden van de Umwelt'. Daarmee werden vooral de Anglo-Amerikaanse kantoren en de opkomst van de 'big six' - de zes grote, internationaal opererende accountantskantoren - op de juridische markt bedoeld. De internationalisering van de juridische markt was voor Loeff al eerder aanleiding om buiten de Benelux een samenwerkingsverband aan te gaan met een Engels sollicitorskantoor - Allen & Overy - en het leidende Franse kantoor Gide Loyrette Nouel.

Het samengaan van beide kantoren leek garant te staan voor een perfecte aansluiting van activiteiten. Bij Loeff is het accent de afgelopen tijd steeds meer komen te liggen op ondernemingsrecht in brede zin, en in de vakgebieden daaromheen als bestuurs- en bouwrecht, telecom-, media-, industrieel-, eigendoms-, fiscaal en arbeidsrecht. Ook Buruma heeft van oudsher een reputatie op een aantal specifieke vakgebieden.

Verwacht werd dus dat de integratie zonder noemenswaardige problemen zou verlopen, waarbij de omvang van het ene kantoor wel beduidend groter was dan die van de andere. Buruma Maris telt ruim 90 fee earners, een begrip waaronder advocaten, notarissen en fiscalisten worden gevangen. Loeff telt in Nederland rond 300 fee earners, in België en Luxemburg nog eens 160. Al met al staan bij Loeff ruim 900 mensen op de loonlijst, bij Buruma zo'n 180. Buruma heeft 26 compagnons, Loeff 75. Zowel bij Buruma als bij Loeff werken zo'n twintig fiscalisten.

De bestuursvoorzitters van beide kantoren zeggen dat bij de fusiebesprekingen van de afgelopen maanden behoorlijk vorderingen waren gemaakt. Ze betreuren het dat de culturele verschillen binnen beide kantoren dieper bleken te liggen dan zij tevoren hadden getaxeerd.