Eurotop (3)

De conclusies van de commissie-Schalken worden door minister van Justitie Sorgdrager, de Amsterdamse burgemeester Patijn en hoofdofficier Vrakking terzijde gelegd als ging het hier om een academisch meningsverschil over de uitleg van een wetsartikel.

De afgelopen weken is in de media door verscheidene strafrechtdeskundigen verklaard dat artikel 140 Wetboek van Strafrecht bedoeld is om organisaties met een duidelijke, hiërarchische structuur, die gedurende langere tijd stelselmatig de wet overtreden, te kunnen aanpakken. Ook de commissie-Schalken heeft vastgesteld dat aan de honderden arrestaties die op grond van dit wetsartikel tijdens de Eurotop zijn verricht elke rechtsgrond ontbrak. Het is zelfs gemakkelijker te verdedigen dat, volgens de officiële criteria, Sorgdrager, Patijn en Vrakking van zo'n criminele organisatie deel zouden uitmaken: de drie gezagsdragers schenden in geordend verband stelselmatig elementaire burgerrechten. De arrestanten zijn drie dagen lang vastgehouden zonder dat justitie enig werkelijk onderzoek tegen hen heeft ingesteld of zelfs maar van plan was in te stellen.

Het wekt ook bevreemding dat de minister tezelfdertijd stelt dat de arrestaties rechtmatig waren, en dat een nieuwe wet nodig is die 'preventieve vrijheidsbeneming' mogelijk maakt. Als artikel 140 correct is toegepast lijkt zo'n extra wet verspilde moeite. Bovendien klinkt 'preventieve vrijheidsbeneming' mij in de oren als newspeak voor 'willekeurige arrestaties'.

De onverschilligheid waarmee door Sorgdrager, Patijn en Vrakking gereageerd is op de vernietigende kritiek van de commissie-Schalken is een belediging voor eenieder die nog meent dat onze burgerrechten nimmer ter discussie kunnen staan, en alleen door het aftreden van deze drie gezagsdragers te eisen kan de volksvertegenwoordiging zich in dezen fatsoenlijk van haar taak kwijten.

    • R. H. van der Gaag