De vernieling van de Newman: een mijlpaal?

Het schilderij 'Cathedra' van Barnett Newman is vorige week uit protest met een stanleymes bewerkt. Wat bezielt de dader? En hoe erg is zijn daad? Paul Cliteur heeft begrip en spreekt van een verbetering, Anna Tilroe zegt dat ook anderen schuld hebben en Janneke Wesseling is woedend en vraagt zich af: waarom Newman?

Is Cathedra van Barnett Newman door de bewerking met het stanley-mes inderdaad 'vernield', zoals museum-directeur Fuchs voorbarig aanneemt? Of is de waarde ervan juist gestegen? Vóór de bewerking was het een tikje saai. Een groot blauw oppervlak met een verticale witte en een lichtblauwe streep. In Cathedra zoals nu afgebeeld in de krant zit heel wat meer 'spanning'. Rechts een fikse deuk. Middendoor een lange snee, alsof het schilderij opengebarsten is. Onwillekeurig wordt de fantasie geprikkeld: wat zou eruit komen? Wat ligt er achter dat monochrome blauwe vlak? Ook de verticale witte lijn is op verrassende wijze onderbroken geraakt door de bewerking van de iconoclast G.J. van B.

Toch is deze 'esthetische verbetering' niet de voornaamste reden waarom men serieus de vraag moet stellen of het nieuw ontstane schilderij geen kunstwerk in zijn eigen recht is, in zekere zin superieur aan het vroegere. Fuchs levert zelf de bouwstenen voor een veel belangrijker argumentatie. Hij zegt dat het voor 'kwetsbare 20ste-eeuwse kunst' steeds 'gevaarlijker' wordt omdat ze vernielzucht oproept. “Het is niet alleen een aanslag op een schilderij en een museum, maar ook op een cultuur waarin musea dit soort schilderijen ophangen, en mensen die graag bekijken”.

Als Fuchs hiermee gelijk heeft - en daarvoor lijkt veel te zeggen - dan doen we de actie volstrekt te kort door deze te kwalificeren als een zinloze daad van een gek. Het is minstens ook een daad van verzet. Verzet tegen het soort abstracte kunst als dat van Newman, verzet tegen de musea die het ophangen, verzet tegen mensen die dit soort schilderijen komen bekijken. Dat dit zo is, blijkt ook uit het feit dat Van B. in 1986 een aanslag pleegde op een ander schilderij van Newman nadat hij een essay van Carel Willink had gelezen waarin deze de abstracte schilderkunst aanviel.

Niet alleen Cathedra, maar ook het verzet daartegen krijgt zo een artistieke betekenis. Ja, dat verzet zou wel eens een omslagpunt kunnen markeren in de geschiedenis van de moderne kunst. Waarschijnlijk zal dit omslagpunt pas later worden gezien, maar het is zeer waarschijnlijk dat 21 november 1997 dan als een belangrijk moment zal worden beschouwd.

Zou het daarom niet verstandig zijn het met een stanleymes bewerkte schilderij in zijn huidige staat te handhaven? Een tekst met daarop de geschiedenis van de bewerking evenals de cultuurfilosofische bespiegeling van Fuchs naar aanleiding van de bewerking, zou ernaast kunnen komen. Het lijkt mij zeer waarschijnlijk dat het schilderij zo in de toekomst veel meer aandacht van toeristen trekt dan in de vorm waarin het door Newman werd afgeleverd. Natuurlijk, dat zal wat tijd vergen. Maar dan zal erover geschreven worden in reisgidsen. Sommigen zullen het handhaven van het schilderij in zijn bewerkte vorm zien als een platte grap. Anderen als een briljant idee. Weer anderen zullen het zien als een goed idee, maar wel moreel verwerpelijk. Over de beslissing om het schilderij in deze vorm te handhaven zal in ieder geval een pittige maatschappelijke discussie worden gevoerd. Maar - en daarom gaat het - dat zal de artistieke betekenis, en daarmee de waarde van het nieuwe kunststuk, alleen maar verhogen.

Intuïtief zullen velen het idee afwijzen. Men kan de waarde van de Nachtwacht toch ook niet verhogen door deze met een kwast witte verf te bewerken? Dat klopt, maar de klassieke kunst van Rembrandt is onvergelijkbaar met het soort kunst zoals door Newman wordt gemaakt. Bij Newman gaat het niet om het esthetisch appèl dat van zijn kunstwerk uitgaat. Cathedra was niet mooier of minder mooi geweest als het vlak door Newman groen was afgeleverd of de verticale lijn een horizontale lijn was geweest. Het gaat om iets anders, om een idee.

Ook zal men zeggen dat het immoreel is dat de waarde van een schilderij groter wordt als resultaat van een handeling die in strijd is met het Wetboek van Strafrecht. Dat mag juist zijn, maar de artistieke waarde is niet afhankelijk van een moreel oordeel. De moraal heeft ook geen invloed op de beursberichten.

Verder zal men tegenwerpen dat het 'unfair' is tegenover Newman om zijn kunstwerk verder te laten ontwikkelen door iemand die daartoe noch door hem, noch door het museum expliciet is uitgenodigd. Ook dat is juist. Maar, opnieuw, de waarde van een kunstwerk is geen functie van wat 'fair' of 'unfair' is.

Fuchs heeft drie Newman-kenners uitgenodigd om een voorstel te doen over de te volgen procedure. Het lijkt mij verstandiger een commissie van juristen te benoemen die moet uitzoeken of het juridisch mogelijk is het schilderij in de huidige toestand te handhaven. Zolang daarover geen uitsluitsel bestaat, moet worden vermeden dat het nieuw ontstane werk door restaurateurs wordt 'vernield'. Uiteindelijk, zo is mijn verwachting, zal het zijn weg vinden naar de 'geschiedenissen van de kunst' van Janson, Gombrich en anderen. Hoe het daarin terecht zal komen, is natuurlijk nog niet te voorspellen. Als een manifestatie van - door Willink geïnspireerd - verzet tegen de abstracte kunst? Als een product van samenwerking tussen de kunstenaar en een nieuw assertief revolterend publiek? Hoe het ook zij: wel als een milestone in the history of modern art.

    • Paul Cliteur