'De Jordaanse avant-garde wordt nog steeds uitgehuwelijkt'; Jordaniërs van Rock-Café naar geitenogen

Het Hard Rock Café en het Internet Café in Amman voorzien in de behoefte onder jonge Jordaniërs aan een modern leven. Maar onder dat moderne vernis blijft de tribale traditie bestaan.

AMMAN, 25 NOV. Op de eerste tonen van 'YMCA', de oude hit van de Village People, rent het bedienend personeel naar de trap om een dansje te doen. Boven hun hoofden hangt een glas-in-lood portret van John Lennon en een gitaar die ooit aan de Red Hot Chili Peppers behoorde. Een glimmende motorfiets komt boven de bar uit de muur. TV's tonen videoclips van MTV. Elders ter wereld is het Hard Rock Café een gewone bar voor gewone mensen. In Jordanië is het hip, en voor de verwesterde elite.

Net als het Internet Café met zijn zelfgemaakte brownies, de Power Hut met de nieuwste fitness-apparatuur en de postmoderne winkels vol designer-merken als Joseph en Nicole Farhi, voorziet het Hard Rock Café in een grote behoefte van jonge, welvarende Jordaniërs aan meer moderniteit in het traditionele bestaan. Het Café is dit jaar geopend. Goedgeklede jongeren eten hier hamburgers voor twintig gulden en drinken bier. Voor de deur van het enorme paleis-achtige café, gebouwd door de Saoedische zakenfamilie Bin-Laden, staan Mercedessen geparkeerd. Op de stoep liggen nep-keien waar muziek uit komt.

“Maar verkijk je niet op al die mobiele telefoons en Amerikaanse accenten”, zegt de tandarts Vasken Bilemjian, die een deel van de Jordaanse elite tot zijn clientèle rekent. “De jonge Jordaanse avant-garde wordt nog steeds door hun moeders uitgehuwelijkt.”

Dat gebeurt soms zelfs in de nieuwe etablissementen zelf. In het Hard Rock Café eten families met kinderen Ceasar Salad op muziek van de Spice Girls. Sommige moeders dragen hoofddoeken. Zakenlui die het in de andere, formele restaurants van Amman wel gezien hebben, nemen hier trots hun relaties mee naar toe. Vandaag luncht ex-premier Abdel Salam el-Kariti er met zijn vrouw.

De vorige generatie welvarende Jordaniërs studeerde in Beiroet en Kairo, of werkte in de Golf. Hun kinderen gaan naar de Amerika en Europa. Jonge Bedoeïenen halen er hun doctoraat in Business Administration. Hun wortels liggen hier, in een cultuur waar clan- en familiebanden en eer prevaleren. Ze zijn er trots op. Maar ze leefden jarenlang met e-mails en hip-hop, en hervinden hun draai maar moeilijk in het vaderland.

“In het Westen zijn we te Oosters en in het Oosten te Westers”, zegt Medien Gezirah, een kaalgeschoren Jordaanse Palestijn die in maart voor duizenden van deze come back kids het Internet-Café 'Books@Café' opende in het oude centrum van Amman. Hij kwam in 1993 uit Los Angeles terug. “De traditie in Jordanië is tribaal. Mannen en vrouwen zijn streng gescheiden. Iedereen groeit zo op. Je krijgt het niet meer uit je systeem. Toch wil je modern leven. Tussen die uitersten een balans vinden is moeilijk.”

Tegen de oranje-gemarmerde wand van het Books@Café leest Mohammed 'Men are from Mars, Women are from Venus', een van de populairste Amerikaanse non-fictieboeken in het Midden-Oosten. Mohammed, een twintiger in leren jack die zeven jaar in Londen woonde, keerde terug om in zijn vaders uitgeverij te werken. Op donderdag organiseert hij thema-avonden voor soortgenoten met aanpassingsproblemen. 'You Are Not Alone!' staat er op het Engelstalige programma. Een greep uit de thema's: Marriage (happily NEVER after?); Dating (how far do you go?); Who Are You (identity vs role playing in Jordan). Maar die discussies luchten hem niet op. Want juist doordat dit soort Westerse cafés er nu is, wordt het dilemma op de spits gedreven. 's Middags drink je caffe latte met meisjes in leren broeken en waan je je in New York of Parijs. 's Avonds eet je met de mannen van je clan geitenogen in een tent in de woestijn.

Suhaila (30), econome, ging uit met Hani, een computerdeskundige die tien jaar in Amerika had gewoond. Vlak voor de trouwerij vroeg Hani haar om bij de dokter een bewijs te halen dat ze nog maagd is. Hoewel ze seks voor het huwelijk categorisch afwijst, werd Suhaila zo kwaad dat ze hem de bons gaf.

“Het is alleen voor mijn familie”, probeerde Hani nog. Maar dat was het hem juist. “Arabische mannen zijn moederskindjes”, zegt Suhaila. “Het begint met zo'n bewijs voor hun moeder. En als je eenmaal getrouwd bent, dicteert je schoonmoeder je hele leven.” Nu is Suhaila stiekem verliefd op Selim, 26. Maar ze weten: zijn ouders staan nooit toe dat hij een oudere vrouw trouwt. Dus ze beginnen er niet eens aan.

Ook in het Engelstalige programma van Radio Jordan figureren Oost en West naast elkaar. De discjockeys hebben een Amerikaans accent. Tussen de laatste hits door houden ze phone-ins over incest en aids. Dat ook de armere, niet-bereisde jeugd luistert, blijkt uit de honderden brieven die het programma Listener's Choice wekelijks ontvangt: die zijn vaak gericht aan Listeners Chose. De verzoekplaten zijn niet aan vrienden en bekenden opgedragen, maar aan broers, zussen en ooms. Als de kroonprins jarig is, lezen de presentatoren de hele dag zijn biografie voor. Het nieuws begint niet zelden met het bericht dat koning Hussein een felicitatietelegram van de minister van Toerisme van de Emiraten kreeg.

Vergeleken met andere Arabische jongeren krijgen de Jordaniërs het culturele dilemma laat voor de kiezen. Kairo heeft altijd een grote buitenlandse gemeenschap gehad. Ook Beiroet was, behalve tijdens de oorlog, een open stad - ook daar gonsden vele culturen door elkaar. Beide steden hebben Amerikaanse universiteiten die Arabieren uit de hele regio trekken. Maar Jordanië is een geïsoleerd land, zegt Jawad Zada, chef van Radio Jordan. “Wij kunnen Syrië vaak niet in. Irak is problematisch. Zelfs Israel is voor velen nog verboden terrein.”

Tot voor kort was er in Jordanië niets te doen, behalve in de bar hangen van een van de vijfsterrenhotels. De elite nam voor duizenden guldens boeken en kleren mee van elke reis naar het Westen. “Kaarten”, zegt tandarts Bilemjian, een Armeniër van Libanees-Jordaanse afkomst die zijn hele leven in Amerika woonde, “was het tijdverdrijf. Je vroeg een vriend: wat doe je vanavond? Dan zei hij: och, een kaartje leggen.”

Nu gaan ze bij Pizza Pomodoro, Yesterday's of Babiche. De Golfoorlog bracht een influx aan Palestijnen die uit Koeweit werden gedreven - 300.000, schat men. Zij hadden geld. Zij openden Italiaanse restaurants, disco's en winkels met import-kleding, Amerikaanse zonnenbrillen of CD's.

“Wij Palestijnen”, zegt Medien van het Internet-Café, “zijn nomaden. We zijn gewend om van elke plek het beste te maken.” Hij opent binnenkort een wijn- en kaasbar en een macrobiotisch restaurant. “Amman is aan een inhaalmanoeuvre bezig”, zegt hij. “Er is een markt voor, anders deed ik dit niet. Maar veel meer dan een dun laagje vernis op een in-en in-traditionele maatschappij is het de komende decennia niet.”

    • Caroline de Gruyter