Bouterse laat iedereen gissen

Suriname is vandaag tweeëntwintig jaar onafhankelijk. Het land is nu dringend toe aan een 'vijfde republiek', aldus Desi Bouterse, de voormalig legerleider en van drugscriminaliteit verdachte adviseur van staat.

PARAMARIBO, 25 NOV. Al ver van het partijcentrum van de Nationale Democratische Partij staan de straten helemaal volgeparkeerd. Even lijkt het alsof half Paramaribo is uitgelopen voor de manifestatie 'Handen af van Suriname' die deze avond haar hoogtepunt moet krijgen. Dat blijkt reuze mee te vallen. De meeste belangstellenden zijn gekomen voor de jaarbeurs op een nabijgelegen terrein, waar muziek en andere festiviteiten heel wat meer aandacht trekken.

Toch zit het NDP-centrum, een soort open sporthal, met meer dan duizend mensen goed vol. Creoolse, indiaanse, hindostaanse en andere zang- en dansgroepen proberen vergeefs de stemming wat te verhogen. De ceremoniemeester heeft iets meer succes als hij de menigte vraagt of Nederlanders in Suriname de baas moeten blijven. Bakra basi? Het antwoordt laat zich raden.

De tamelijk lauwe stemming steekt schril af bij de felle taal van de vele wijkvertegenwoordigers die de een na de ander het podium beklimmen. De toon is de afgelopen weken in wijkvergaderingen al gezet door voorzitter Desi Bouterse zelf. Hij sprak van de “huichelhulp” van Nederland aan Suriname. Volgens Bouterse was Nederland ook de “intellectuele dader” van de recente couppoging, waarvoor een aantal verdachten is opgepakt. Ook de kritische Surinaamse media moesten het ontgelden. Abani's waren ze met hun 'a-nationale' opstelling: vuile verraders. Pas de laatste dagen werd de toon van Bouterse iets rustiger.

Het ressortraadslid van de wijk Beekhuizen hekelt fel de Nederlandse “goudroof” aan het begin van deze eeuw. De vertegenwoordiger van Blauwgrond spreekt onomwonden van de “herkolonisatie” waaraan Nederland zich heeft schuldig gemaakt met het Raamverdrag voor vriendschap en samenwerking. Voor “onze leider” Desi Bouterse zijn er prijzende woorden. Een pronte creoolse vrouw hekelt de Surinaamse pers, die zich te veel achter Nederland zou opstellen. Enkele coalitiegenoten van de NDP doen ook een duit in het zakje. Vertegenwoordigers van de hindostaanse coalitiepartij BVD zijn opvallend afwezig.

Desi Bouterse heeft al die tijd kettingrokend in zijn stoel gezeten met naast zich zijn goedlachse vrouw Ingrid. Hun dochtertje is intussen naar bed gebracht.

De opkomst van Bouterse is zoals hij zich alleen in Suriname kan veroorloven. Aangeblazen rookwolken hangen als een stralenkrans boven hem. Het muzieknummer Final Countdown is onbedoeld symbolisch voor de man die in Nederland een proces wacht wegens drugshandel en witwassen van crimineel geld. Gaat Bouterse opnieuw hard uithalen? Zal de Surinaamse 'schaduwpresident' misschien de verbreking van de betrekkingen met Nederland aankondigen?

Enigszins verrassend speelt de drugsverdachte deze avond plotseling weer de rol van staatsman, wat hem niet slecht afgaat. Ditmaal draagt hij geen felgekleurd shirt, maar een wit overhemd als om de serieuze toon van zijn betoog te onderstrepen. Suriname moet volgens Bouterse over zichzelf nadenken, een halve eeuw nadat het land voor het eerst zelfbestuur kreeg in het Koninkrijk der Nederlanden. Er komt een historisch betoog, waarbij alle bestuursvormen sindsdien aan de orde komen. Bouterse kent zijn Surinaamse klassieken.

Dan volgt het voorstel om de grondwet en het staatsbestel van Suriname grondig te wijzigen. Een uit alle geledingen samengestelde commissie moet daarover voorstellen doen. “Wij geloven in ideeën die we samen moeten toetsen”, zegt Bouterse. Zijn betoog verraadt de hand van zijn 'revo-vrienden' uit de jaren tachtig, die destijds samen met militairen onder aanvoering van Bouterse het land bestuurden. Zelfs de term 'participerende democratie' valt weer. En ook verwijst Bouterse nog maar eens naar Anton de Kom die zich in de jaren dertig al sterk maakte voor natievorming met de verschillende etnische groepen. Het staat voor Bouterse wel vast dat de Nederlandse “splijtzwam” deze altijd heeft tegengewerkt. Daarom moet volgens Bouterse ook de relatie tussen Nederland en Suriname ter discussie worden gesteld.

Suriname heeft volgens de adviseur van staat een “vijfde republiek” nodig na de eerste vijf jaar van onafhankelijkheid, het militaire bewind in de jaren tachtig, het nieuwe democratische bewind vanaf 1987, en de periode sinds 1992. Bouterse doelt met dit laatste klaarblijkelijk op het Raamverdrag van vriendschap en samenwerking tussen Suriname en Nederland, dat in 1992 tot stand kwam. De NDP-voorzitter lijkt hiermee indirect aan te geven dat dit verdrag door Suriname moet worden opgezegd.

Even valt Bouterse weer in zijn oude rol als hij Nederland ervan beschuldigt Suriname te “criminaliseren”. Nog demonstratiever is de NDP-voorzitter als hij de verse bekendmaking van de Nederlandse openbare aanklager voorleest, dat er geen strafvervolging komt tegen zijn militaire compaan Boerenveen wegens gebrek aan bewijs. “Al is de leugen nog zo snel, de waarheid achterhaalt hem wel”, klinkt het triomfantelijk.

Toch lijkt Bouterse niet meer te geloven dat er voor hem een zelfde succes in zit. Zijn campagne tegen Nederland verscherpte zich immers na het bezoek van advocaat Moszkowicz aan Paramaribo. Volgens ingewijden is Bouterse ontzettend geschrokken, toen hij via de advocaat het harde materiaal tegen hem in het Nederlandse justitiedossier onder ogen kreeg.

In Paramaribo kan men slechts speculeren wat Bouterse met zijn suggesties over grondwetswijziging wil. Iets moois nalaten als grondlegger misschien van de “vijfde republiek” voor het geval zijn politieke rol in Suriname na een veroordeling wegens drugsmisdrijven mogelijk is uitgespeeld? Of wil hij zijn eigen kansen op politiek overleven met zijn voorstellen juist vergroten? Of is het wellicht iets anders?

Desi Bouterse laat iedereen gissen. Even na middernacht wenst hij zijn gehoor voor vandaag een fijne srefidensie, een mooie onafhankelijkheidsviering. Rond half twee 's nachts betuigen enkele honderden bezoekers van de manifestatie hun steun aan president Wijdenbosch en aan zijn beleid van 'baas in eigen huis'. De president, die al die tijd is opgebleven, toont zich dankbaar. Dat het slecht gaat in het land is de schuld van Nederland, laat hij nog weten.

    • Hans Buddingh'