Advies: maak wethouder geen lid gemeenteraad

DEN HAAG, 25 NOV. Wethouders moeten niet langer deel uitmaken van de gemeenteraad. Daardoor komt de gemeenteraad in een onafhankelijker positie te staan tegenover het college van burgemeester en wethouders. Dit pleidooi houdt de Raad voor het openbaar bestuur in een advies aan minister Dijkstal.

In de huidige praktijk blijven gemeenteraadsleden die wethouder worden, deel uitmaken van de gemeenteraad. Zij stemmen mee als de gemeenteraad beslist over voorstellen van het college van burgemeester en wethouders. En zij hebben ook veel invloed in de raadsfractie van hun eigen partij. De wethouders functioneren zo als het ware als controleurs van zichzelf. Zo kan een wethouder in het uiterste geval stemmen tegen een voorstel uit de raad waarin hij wordt gevraagd op te stappen.

De Raad voor het openbaar bestuur is tegen het benoemen van wethouders van buiten de gemeenteraad, waarvan PvdA en D66 voorstander zijn. Deze figuur wordt als strijdig gezien met de bestaande bestuurspraktijk. Volgens de Raad kan de behoefte om sterkere bestuurders aan te trekken van buiten de lokale politiek ook op andere wijze worden gerealiseerd. Als voorbeelden worden genoemd de gemeenten Rotterdam en Amsterdam, waar respectievelijk oud-staatssecretaris H. Simons en voormalig Kamerlid (thans staatssecretaris) F. de Grave wethouder werden.

De Raad is tegen de figuur van de gekozen burgemeester, waar PvdA en D66 al geruime tijd op aandringen. Volgens de Raad wringt het als een burgemeester door de bevolking wordt gekozen, maar daarna moet functioneren met door de raad gekozen wethouders en met een portefeuille die in de wet vastligt. In de praktijk zijn wethouders verantwoordelijk voor een groot deel van het beleid. In sommige gemeenten staan partijen de burgemeester alleen toe dat hij zich bezighoudt met zijn wettelijke taken, waaronder openbare orde en veiligheid.

Het advies van de Raad voor het openbaar bestuur is uitgebracht op verzoek van de Tweede Kamer. Met name de VVD-fractie wilde duidelijkheid over de grenzen van de bestaande bestuurspraktijk. Dit verzoek werd gedaan met het oog op de verschillende ideeën die in de politiek circuleren om vernieuwingen door te voeren in het functioneren van de gemeenteraad en de burgemeester.

In zijn advies stelt de Raad voor het openbaar bestuur dat de verschillende ideeën, zoals de gekozen burgemeester, door de pleitbezorgers te geïsoleerd worden bekeken. Met name de gevolgen die sommige ideeën hebben voor het functioneren van het lokaal bestuur zijn niet goed doordacht, zo vindt de Raad.