Topsprinters rijden records aan flarden

CALGARY, 24 NOV. Drie wereldrecords zijn in een spectaculair schaatsweekeinde in Calgary aanzienlijk scherper gesteld. De houders van de nieuwe wereldrecords heten Catriona LeMay-Doan, Chris Witty en Kyu-Hyuk Lee. Ze realiseerden bij de wereldbekerwedstrijden sprint op de Olympic Oval de snelste tijden op de 500 (LeMay) en de 1.000 meter (Witty en Lee).

Bij de Nederlanders dwong vooral Jan Bos respect af. Hij stelde nadrukkelijk zijn kandidatuur voor een olympische medaille, in februari te verdienen in Nagano. Tweemaal was Bos slechts honderdsten van een seconde verwijderd van een wereldrecord op de 1.000 meter.

Zoals voorspeld regende het wereldrecords in Calgary. Soms hielden ze niet langer dan een paar minuten stand. “Zoveel records achter elkaar in één weekeinde maak je waarschijnlijk nooit meer mee”, sprak Marianne Timmer. Haar beste prestatie was een Nederlands record op de 1.000 meter.

De grote sprong vooruit die de schaatsers maakten, is te danken aan de klapschaats. Wie niet op klapschaatsen reed, was slechts figurant. Het wereldrecord op de 500 meter bij de mannen bleef onaangetast. Met 35,39 seconden (maart '96) is dat nog in handen van de Japanner Hiroyasu Shimizu.

Jan Bos werd zaterdag in een nationaal record van 35,77 seconden tweede op de 500 meter. De 22-jarige pupil van Peter Mueller evenaarde diezelfde dag op de 1.000 meter het wereldrecord van 1.10,63 dat de Japanner Manabu Horii in de rit voor hem had gevestigd. Beiden zaten daarmee onder het wereldrecord van 1.11,27 dat de Zuid-Koreaan Lee sinds kort bezat. De 19-jarige Lee was gisteren op de tweede 1.000 meter niet alleen de snelste, met 1.10,42 minuut onttroonde hij ook Horii als wereldrecordhouder. Bos zorgde gisteren bijna voor een sensatie door in zijn rit tegen de Canadese troef Jeremy Witherspoon onder de tijd van Lee door te gaan. Met 1.10,48 kwam hij slechts een paar honderdsten van een seconde tekort.

De Canadese Catriona LeMay legde in Calgary als eerste en enige vrouw de 500 meter af onder de 38 seconden. Twee dagen achtereen liet ze voor eigen publiek 37,9 seconden afdrukken. De Amerikaanse wereldrecordhoudster Bonnie Blair (38,69 in Calgary, 1995) stond er bij en keek er naar. LeMay was bij trainingswedstrijden al twee keer harder over het ijs gegaan, maar haar 38,47 en 38,15 werden niet erkend.

Het wereldrecord op de 1.000 meter van de Duitse Christa Rothenburger (Calgary, 1988) had LeMay officieus al op 1.16,64 gebracht. Zaterdag vestigde ze met 1.16,07 een nieuw wereldrecord, maar gisteren was de Amerikaanse wereldkampioene sprint van 1996 Chris Witty sneller. Binnen een dag zelfs meer dan een halve seconde: 1.15,43 minuut. Witty en LeMay kwamen gisteravond tegen elkaar uit, een paar minuten nadat de Duitse wereldkampioene sprint Franziska Schenk het wereldrecord met 1.15,92 op haar naam had gebracht. In de laatste ronde had LeMay een kleine voorsprong op de Amerikaanse. “Maar ik kon me aardig aan haar optrekken”, aldus Witty (22) achteraf. “En als je net zo hard als Catriona rijdt, weet je dat je in de buurt zit van een wereldrecord.”