Hoe D66 een keuze vermeed

Het was amusant om te vernemen. Wekenlang wisselden fractieleden van D66 berichten met elkaar wie de nieuwe fractieleider zou worden. Aan de dinertafel van de Tweede Kamer, in de gangetjes waarlangs ze hun werkvertrekken hebben en via de telefoon als echt niemand er van mocht weten.

Veel gesmoes en veel geheimzinnigheid. Wie was voor wie en hoe lag de verhouding precies? Er werden lijstjes gemaakt, die zo geheim waren dat ze soms ter plekke weer werden verscheurd. Je kon maar niet weten wat anderen met die informatie zouden doen; je moest er niet aan denken dat je terecht kwam in het kamp van de verliezer. Tenslotte moest je nog verder met de nieuwe man en ook je herverkiezing als Kamerlid stond nog niet vast.

Over één zaak waren ze het allemaal eens. De fractie zou de opvolger van Gerrit Jan aanwijzen. Ze herinnerden zich allemaal nog de gang van zaken in '94 toen Hans van Mierlo probeerde zijn generatiegenoot Aad Nuis als fractievoorzitter te parachuteren. Daar hadden ze toch mooi een stokje voor gestoken. Jammer alleen dat Jacob Kohnstamm toen niet wilde en Gerrit-Jan na het mislopen van een ministerschap moest worden geforceerd de klus moest klaren.

Ongemakkelijk was het deze keer ook. Sommigen noemden het luxe: de luxe dat er te kiezen viel. Ze hadden twee kandidaten en goeie kandidaten, maar wie was de beste? Op de meetlat ontliepen de veertigers De Graaf en Van Boxtel elkaar niet veel: allebei ambitieus en allebei capabel. En het vervelende was dat de twee elkaar ook akelig vasthielden. Als een Siamese tweeling, zoals ze zelf steeds zeiden. Nergens maakten ze ruzie over, nergens voerden ze campagne voor.

Zo bleven alleen stijlverschillen over. Wie zou het beste voor de camera ogen, wie zou het makkelijkst overeind blijven tegenover de retoriek van Frits Bolkestein en wie zou het beste lukken de handigheidjes van Jacques Wallage te pareren. De coalitiepartners wisten wel bij wie D66 het meest gebaat zou zijn: de VVD zag graag Van Boxtel gekozen, de PvdA liever De Graaf. Voor de VVD kwam De Graaf als keurige Democraat te dicht bij hun eigen profiel; voor de PvdA had Van Boxtel net te veel kwaliteiten als straatvechter. Alleen D66 zelf wist het niet. Wekenlang hielden de twee kandidaten elkaar volgens de interne voorkeurslijstjes in evenwicht: de verhouding was fifty-fifty. Het was om gek van te worden. Ook voor de kandidaten. Nog vorige week liet De Graaf een reis van een parlementaire delegatie naar de Verenigde Staten, die hij nota bene zelf had organiseerd, lopen. En in september had hij al de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties gemist. Iedereen zat eigenlijk te wachten op Aad Nuis.

    • Kees van der Malen