GEORGE FOREMAN; Afscheid van boksende dominee

ROTTERDAM, 24 NOV. Een legende heeft afscheid genomen van de ring. Bokser George Foreman verloor zaterdagnacht in Atlantic City op 48-jarige leeftijd zijn wereldtitel in het zwaargewicht aan landgenoot Shannon Briggs. Met een krachtig bullshit veroordeelde het publiek de beslissing van de umpire om de murw gebeukte Briggs tot winnaar uit te roepen.

Na afloop zette de boksende dominee Foreman een punt achter zijn loopbaan. “Ik kan wel aan de gang blijven. Het is mooi geweest en niemand die medelijden met mij hoeft te hebben”, zei hij na zijn vijfde nederlaag in 81 profpartijen.

George Edward Foreman, van 10 januari 1949 te Marshal, Texas, stond - met tussenpozen - ruim dertig jaar tussen de touwen. Vooral de laatste tien van zijn carrière zullen het grote publiek bijblijven. Alsof hij nooit was weg geweest, zo keerde Foreman, inmiddels bekeerd tot het christendom, op 38-jarige leeftijd terug op het canvas. De rentree van de boksende dominee was koren op de molen van de talrijke critici van de bokssport, die er het zoveelste bewijs in zagen dat de sport ten dode is opgeschreven.

Drie jaar geleden legde Foreman zijn critici het zwijgen op. In Las Vegas dwong hij Michael Moorer, negentien jonger en destijds een gevreesd bokser, letterlijk en figuurlijk op de knieën. Het leidde tot een golf van euforie in Amerika. Werd hij in de pers vooraf nog afgeschilderd als “een oude man voor wie een ronde, vlezige buik hetzelfde is als pure kracht”, na afloop werd The Punching Preacher luid bejubeld als “de man die iedere veertiger weer met trots naar zijn eigen buikje kan laten kijken”. Zelfs president Clinton sprak lovende woorden over de boksende icoon en de held van de baby-boomers.

Foreman sloeg een fortuin bijeen. Zaterdag voegde hij tien miljoen gulden toe aan zijn vermogen, dat geschat wordt op ruim tweehonderd miljoen. Geld was voor Foreman een belangrijke drijfveer om in 1987, tien jaar na zijn eerste afscheid, terug te keren in de ring. “Het geld was op en dus restte mij niets anders dan mijn oude beroep op te pakken. Ik moet mijn familie onderhouden en voel mij verplicht de kerk financieel bij te staan.” Verveling vormde een tweede beweegreden. “Als ik opstond wist ik niet meer of het zondag, maandag of dinsdag was”, zei hij drie jaar geleden. “Een man moet werken en ik ben gek van werken.”

Foreman, opgegroeid in de achterbuurten van Houston, stapte in 1966 voor het eerst in de ring. Hij ontpopte zich als een talentvol bokser en twee jaar later, bij de Olympische Spelen in Mexico, won de Texaan een gouden medaille. Lange tijd werd weinig tot niets van hem vernomen, totdat hij in 1973 als profbokser met een aantal vernietigende dreunen andermaal voor het voetlicht trad. In gevecht met de ongenaakbare Smokin' Joe Frazier sloeg hij de titelhouder in de tweede ronde knock-out.

Het betekende de definitieve doorbraak van Big George, die zich vanaf dat moment kampioen mocht noemen in het zwaargewicht, de koningsklasse. Legendarisch was zijn gevecht tegen landgenoot Muhammed Ali, nog steeds gezien als de grootste bokser aller tijden. Op 30 oktober 1974 troffen beiden elkaar in Kinshasa, de hoofdstad van het toenmalige Zaïre. Het gevecht ging de boeken in als The Rumble of The Jungle en leeft bij veel boksliefhebbers voort als een van de mooiste confrontaties ooit.

Ali won en Foreman incasseerde zijn eerste nederlaag. “Ali is mijn grote voorbeeld. Ook al verloor ik destijds, die partij beschouw ik als het hoogtepunt uit mijn loopbaan”, zei Foreman vorige week in de aanloop naar wat zijn laatste gevecht zou worden.

De afgelopen jaren droomde de kampioen van de onbeduidende International Boxing Organisation hardop over een confrontatie met de gevestigde namen uit het circuit, Iron Mike Tyson, Lennox Lewis en Evander Holyfield. Zover kwam het niet. Volgens Foreman het bewijs dat hij, ondanks zijn gevorderde leeftijd, nog steeds gevreesd werd. “Leeftijd is niet van belang. Wie in God gelooft, gelooft in zichzelf en hoeft voor niemand bang te zijn.”

    • Mark Hoogstad