... Democraten komen

VOOR D66 BETEKENT de overstap van Wolffensperger dat de partij wederom een nieuwe leider kan verwelkomen. Weliswaar is Thom de Graaf formeel tot de verkiezingen van volgend jaar gekozen als fractievoorzitter, maar binnen D66 wordt deze benoeming alom als meer dan een interimfunctie beschouwd.

In feite heeft de fractie daar ook naar gehandeld. Zou het slechts een tijdelijke vervanging zijn geweest, dan had de huidige vice-voorzitter van de fractie, Roger van Boxtel, voor de nog resterende maanden kunnen doorschuiven. Aangezien dit niet is gebeurd kan de keuze voor De Graaf gezien worden als een investering in de toekomst.

De Graaf staat nu allereerst voor de taak zich te bewijzen. Slechts een bescheiden meerderheid van de fractie gaf aan hem de voorkeur boven Van Boxtel. Met de politieke koers van beiden had de 'race' tussen De Graaf en Van Boxtel overigens niets te maken. Het was louter een keuze tussen temperamenten en daarmee is D66 - de partij die toch vooral een gevoel uitstraalt - zichzelf gebleven. Wel ligt het interessegebied van de jurist en staatsrechtdeskundige De Graaf dichter bij het oorspronkelijke gedachtengoed van D66. Wat dat betreft is hij meer de zoon van Van Mierlo dan Van Boxtel dat zou zijn.

HET VREEMDSOORTIGE, om niet te zeggen paradoxale, van de thans ontstane situatie is dat D66, vaak aangeduid als de lijst-Van Mierlo, nu opeens met drie leiders zit: vice-premier Van Mierlo, die maar geen afscheid kan nemen, lijsttrekker Borst , die in de verkiezingen het redelijk alternatief voor Bolkestein en Kok moet vormen, en fractievoorzitter De Graaf als virtueel leider. Op zich lijkt een brede politieke top een kwestie van luxe, maar het electoraat kan meerhoofdig leiderschap ook uitleggen als onduidelijkheid. Vroeg of laat zal bij D66 de echte leider moeten opstaan. Ervaringen bij andere partijen hebben geleerd dat dit beter vroeg kan zijn.