Varkenshouderij

Een 'generieke' korting van vijfentwintig procent op elke varkensstapel in het hele land: daarmee wil de minister van Landbouw de problemen met de varkenssector oplossen. Generiek, want wat schoon is moet schoon blijven, vindt de minister. Hij gaat voorbij aan het feit dat de overbevolking in de varkenshouderij een probleem is van slechts enkele concentratiegebieden.

Meer dan de helft van het land huisvest minder dan vijftien procent van de varkens. De ongelukkige varkenshouders in dit deel moeten evenredig bijdragen in het oplossen van de problemen in het concentratiegebied. Als iets schoon is, waarvan moet het dan gereinigd worden?

De gekozen benadering biedt unieke kansen voor andere ministeries. Los de geluidsoverlast op Schiphol op door de luchthaven Eelde te sluiten. Als dit succesvol is, los dan het fileprobleem dan op door elke elke auto op het aantal wielen met 25 procent te korten. Zonder aanzien des persoons en ongeacht of men in Amsterdam woont of op Ameland. Er zal geen auto meer rijden, er is geen file meer en het milieu is gered.

Ten slote nog dit. Op varkensbedrijven die ondanks alles de laatste jaren nog zijn uitgebreid, is vaak een 'groen label'-stal geplaatst. Als nu een uitzondering wordt gemaakt op de generieke korting voor deze bedrijven, dan worden daarmee juist diegenen ontzien die verantwoordelijk zijn voor het distributieprobleem 'mestoverschot'. Hier is wellicht dezelfde logica toegepast.