Premier Kok noemt overleg 'buitengewoon vruchtbaar'; Tevredenheid na banentop

Tijdens de Luxemburgse banentop leek het vooral te gaan om het vinden van de juiste woorden om zo alle EU-leiders op één lijn te kunnen krijgen.

LUXEMBURG, 22 NOV. Het ging gisteren bij de top van staats- en regeringsleiders van de Europese Unie vooral om het vinden van woorden. Aanbevelingen en doelstellingen voor de werkgelegenheid moesten zo worden geformuleerd dat geen EU-lidstaat die ze onderschreef daardoor in het nauw kwam.

Met deze aanpak van de werkgelegenheid is de EU dankzij het Franse initiatief tijdens de top van Amsterdam van afgelopen zomer aan een geheel nieuwe ontwikkeling begonnen, zei de Franse socialistische premier Jospin. Tevreden voegde hij eraan toe dat de gedachte voor de top in Amsterdam met een zekere scepsis was ontvangen, maar nu heeft de EU er naast de economische doelstellingen van Maastricht de sociale doelstellingen van Luxemburg bij gekregen.

Maar de al even tevreden Franse gaullistische president Chirac noemde het resultaat van de top een stap in een ontwikkeling van enkele jaren waarbij Europese regeringsleiders het probleem van de werkloosheid hebben besproken. Hij voegde er de waarschuwing aan toe dat bij plannen ter stimulering van de werkgelegenheid de “gevaarlijke ervaringen” uit het verleden moeten worden voorkomen. Hij weigerde te zeggen of hij daarmee socialistische plannen voor banen bedoelde.

Toch heeft de bijeenkomst van de Europese regeringsleiders een concreet resultaat. Afgesproken is dat er jaarlijks tijdens een top van regeringsleiders bekeken zal worden in hoeverre EU-lidstaten succes hebben met hun nationaal vastgestelde plannen ter stimulering van de werkgelegenheid. De regeringsleiders gaven gisteren allemaal grif toe dat de gemaakte afspraken niet betekenen dat een lidstaat gedwongen kan worden tot het nemen van maatregelen. Maar ze gingen ervan uit dat het jaarlijks gezamenlijk onder de loupe nemen van de Europese werkgelegenheid in alle EU-lidstaten gevoeld zal worden als een druk tot het bereiken van resultaten. “Ik heb geen top van loze woorden gewild. Dit kan een nieuwe start van de Europese Unie worden”, zei gisteravond premier Juncker van Luxemburg, dat momenteel voorzitter is van de EU.

Gistermorgen begon de top in zo'n optimistische stemming, dat diplomaten verwachtten dat de bijeenkomst al vroeg in de middag zou zijn afgelopen. De ochtendsessie vorderde echter maar langzaam, omdat alle aanwezigen de tijd namen om te verklaren dat de Europese aanpak van werkloosheid niet bij loze woorden mocht blijven.

Na de lunch ging het niet sneller, omdat woord na woord nauwkeurig moest worden overwogen. De Franse premier Jospin zei achteraf tevreden dat het woord flexibiliteit in de conclusies van de top niet wordt genoemd. En zijn Britse collega Blair zei even tevreden dat de bijeenkomst zich met economische politiek had beziggehouden en niet had getracht met wetten banen te scheppen. Premier Kok noemde de bijeenkomst “buitengewoon vruchtbaar”.

De regeringsleiders zijn gisteravond naar huis teruggekeerd met de taak om nationale plannen voor bevordering van de werkgelegenheid op te stellen. De Spaanse premier Aznar is tevreden dat een formulering is gevonden waardoor zijn land met hoge werkloosheid meer tijd krijgt dan de afgesproken vijf jaar om een jongere, voordat deze zes maanden werkloos is, een opleiding of werk te bieden. Bondskanselier Kohl kan tevreden zijn dat het minimum percentage van de werklozen, dat een opleiding moet krijgen, tijdens de onderhandelingen is teruggebracht van 25 naar 20 procent. Dat betekent dat de sociale normen van Luxemburg het Duitsland niet moeilijker gaan maken om aan de financiële normen van Maastricht te voldoen.

Premier Kok had ook reden voor tevredenheid. Ondanks veel tegenstand van andere regeringsleiders is het Nederlandse voorstel om te onderzoeken of verlaging van BTW op enkele arbeidsintensieve diensten de werkgelegenheid kan worden gestimuleerd, niet helemaal van tafel verdwenen. Of op herstel van schoenen of fietsen in de toekomst minder BTW geheven mag worden, zal uiteindelijk in een gevecht van de EU-ministers van Financiën worden bepaald. “Dat wordt nog een moeilijk gesprek”, voorspelde premier Kok.

    • Birgit Donker
    • Ben van der Velden