Innemend spel met poppen, heksen en kwakende kikkers

Voorstelling: Los Mansardinos door het Alibi Collectief. Idee en regie: Pat van Hemelrijck. Decor: Al Balis; spelers: Pat van Hemelrijck, Gerard Olthaar, Tanja Mus en Frédéric Le Junter. Gezien 20/11 Toneelschuur, Haarlem. Te zien t/m 21/3/98. Inl.: 00-32-3-235 04 90.

Het moet voor uitvinder en theatrale strandjutter Pat van Hemelrijck heerlijk zijn om op het toneel precies te doen wat hij wil. Bijna anderhalf uur lang toneel maken zonder enige vorm van dialoog, zonder een letter dramatische tekst. Alsof er geen woorden meer bestaan in het Nederlands, alsof er in diezelfde Nederlandse en ook Vlaamse taal geen schitterende dingen zijn geschreven. Neem eens een roman als van J.J. Voskuil; drie bladzijden van zijn boek vertellen meer over de mensheid dan Pat van Hemelrijck doet in een toneelavond.

Pat van Hemelrijck wil dat ook helemaal niet, omgaan met tekst. Hij is een liefhebber van vlooienmarkten en poppen. Ik moet allereerst zeggen: zijn voorstelling Los Mansardinos vind ik uiteindelijk hartveroverend. Maar mijn ontroering komt voort uit een vorm van verbijstering: hoe kan een volwassen man denken dat volwassen toeschouwers in de zaal geamuseerd en ook geraakt kunnen zijn door een simpel spel met poppen? Er is over die voorstelling van alles aan ingewikkelds te vertellen. Van Hemelrijck treedt bijvoorbeeld in het voetspoor van Don Quichotte die in dit geval niet tegen windmolens vecht, maar tegen het blauwe monster dat televisie heet. Althans, zo wil het programmaboek het. Maar het paradoxale is nu juist dat we in de voorstelling uitsluitend naar een vorm van televisie zitten te kijken, namelijk de video.

Van Hemelrijck en consorten hebben zich omringd door een niet te tellen hoeveelheid poppen, fabeldieren, kinderspeelgoedbadjekikkers, heksen met ingevallen kin, barbies. Met de video in de hand zetten ze de lens bovenop die zogeheten toneelpersonages en ze laten hen in een Spaans soort koeterwaals allerhande dingen zeggen zoals 'Goedenacht' en 'Goedemorgen'. Dat is eigenlijk alles. Dat het gezelschap aan het slot met een Kuifje-raket naar de maan wil vliegen, doet eigenlijk niet eens ter zake. Dat ook dat beeld hilarisch is, doet ook niet ter zake. Al vliegend, dus stilstaand op het toneel, wikkelen ze een hemelsblauwe banderol af. Ze stijgen. Ik vond het onuitputtelijk humoristisch, maar nog steeds weet ik niet waarom.

Het moet de mengeling zijn van unverfroren naïviteit en ernst, van kinderlijkheid en volwassenheid die charmeert. In onze samenleving waarin alles draait om 'waarom-daarom' is er soms geen 'daarom', is er vaak geen reden voor de zaken die zijn zoals ze zijn. Het is zo. Puncto basta of basta puncto. Het maakt niet eens verschil. Pat van Hemelrijck geeft ons met zijn kinderlijk-openhartige poppenspel, met zijn liefde voor een kikker die kwaakt met een rode ballon in zijn keel iets terug wat we misschien verloren zijn: het geloof in de ontroering van de eenvoud. We weten zoveel, al die boeken en musea en bibliotheken die we zo in een mensenleven doorworstelen. Wat leert het ons? En als zij een videocamera op een speelgoedkikkertje zetten dan springen mij de tranen in de ogen. Het is een verloren wereld die we terugvinden, de wereld van de kindertijd. Toen we nog geloofden in Sinterklaas, en anders toen onze kinderen nog geloofden. Om maar een voorbeeld te noemen. We raken voortdurend het geloof in die illusies kwijt, en gelukkig is er een toneelvoorstelling als Los Mansardinos die ons dit alles doet beseffen.