'De NAVO wil de Serviërs hullen in duisternis'

In Servisch Bosnië lijkt de etheroorlog tussen aanhangers van ex-president KaradziEÉc en zijn opvolgster PlavšiEÉc beslecht. De scheldpartijen uit Pale zijn na ingrijpen van de NAVO-vredesmacht verstomd.

PALE, 22 NOV. 'Verboden voor SFOR-personeel', staat op de deur van het gebouwtje in het centrum van Pale. Niet dat de NAVO-vredesmacht nog veel te zoeken heeft in dit betonnen flatje met bosjes satellietschijven op het dak. Hier huist televisiezender SRT, in betere tijden de geoliede propagandamachine van de vroegere president KaradziEÉc en zijn partij, de SDS. Begin oktober werd de zender uit de lucht gehaald. Sindsdien worden hier nog slechts signalen ontvangen, niet uitgezonden.

Directeur Miroslav Toholj van SRT heeft nu zeeën van tijd om de pers te woord te staan. Hij houdt zichzelf en zijn personeel aan het werk, zegt hij, maar het is nogal demoraliserend om uitzendingen te maken die niet worden uitgezonden. Zijn personeel heeft twee weken gestaakt. Niemand die het merkte. Men las het avondnieuws uit protest voor in de buitenlucht, op de pleinen van Pale, Bijeljina en Visegrad. Niemand die er tv-opnames van maakte.

Toholj staat bekend als vertrouweling van ex-president KaradziEÉc en is sinds 1992 hoofd propaganda van de Bosnisch-Servische Republiek. Eerst als minister van Informatie, nu als hoofd van de staatstelevisie. Hij kan zijn huidige inertie maar moeilijk verkroppen. Zijn gemoedelijke toon maakt gaande het gesprek plaats voor het soort schelden waar zijn zender zich in de afgelopen jaren zo in heeft bekwaamd. De internationale gemeenschap (“moderne Beria's”) heeft zijn zender gestolen en laat nu zijn tv-torens wegroesten. “Het Westen wil de Serviërs in duisternis onderdompelen. Ze willen een informatieblokkade, zoals bij de Russische inval in Tsjechoslowakije of de Golfoorlog. Ze kunnen geen kritische getuigen tolereren”, zegt Toholj.

Eind mei besloot de internationale gemeenschap in het Portugese Sintra dat de Hoge Vertegenwoordiger van de VN in Bosnië het recht kreeg “elk media-netwerk of programma in te perken of te verbieden als haar berichtgeving zich hardnekkig en openlijk keert tegen de letter of de geest van het vredesakkoord van Dayton”. Daarmee begonnen de problemen voor de SRT: de formulering was haar op de huid geschreven. Jarenlang had de zender door desinformatie en verdraaiingen een klimaat van haat en angst onder de Bosnische Serviërs gezaaid.

De SRT besloot deze nieuwe bevoegdheid niet serieus te nemen. Er waren de afgelopen maanden spotjes te zien waarin SFOR werd omgedoopt tot 'SS-FOR', compleet met archiefbeelden van stampende nazi-laarzen. Op 4 juli werd gemeld dat de internationale gemeenschap vanuit vliegtuigjes biologische en chemische wapens uitsproeide over de Serviërs. Het plaatsje Derventa werd daardoor overspoeld door “exotische kevers, reptielen, insecten en muggen”. Dit was nog voordat de Servische gemoederen echt verhit raakten door het neerschieten van de Servische oorlogsmisdadiger Simo Drljaca door SFOR-soldaten. Toen gingen alle registers open.

Op 1 oktober verdween de SRT uit de lucht. Op dat moment waren er twee Servische zenders: TV-Banja Luka, loyaal aan president PlavšiEÉc en alleen te ontvangen in het westen van de Servische Republiek, en SRT, loyaal aan de hard-liners van ex-president KaradziEÉc en te ontvangen in het oosten en noorden. Met TV-Banja Luka had de internationale gemeenschap een alternatief voor de SRT. De druk kon daarom worden opgevoerd. De zender moest niet alleen haar propaganda matigen, maar ook door de VN geleverde video-banden integraal uitzenden. De breuk kwam eind september, toen de SRT tegen de afspraak in knoeide met een videoband van een persconferentie van Louise Arbour, de aanklager van het Haagse tribunaal voor oorlogsmisdaden. Door enkele kleine ingrepen wist de zender te suggereren dat zij vooringenomen was tegen de Serviërs.

Dat was de druppel die de emmer deed overlopen. SFOR bezette op 1 oktober vier televisietorens. Sindsdien is alleen TV-Banja Luka te ontvangen. Dit overigens tegen de zin van president PlavšiEÉc, die twee dagen eerder in Belgrado had afgesproken dat beide zenders om de dag nationaal mochten uitzenden. Vorige maand zond de SRT weer stiekem twee dagen uit door gebruik te maken van de nog niet bezette tv-toren op de berg Zep. Toen SFOR zich opmaakte ook deze toren in te nemen, maakte SRT-technici hem onklaar. In het hele oosten van de Servische Republiek verscheen een week lang slechts sneeuw op de beeldschermen. De VN maakte daarna 500.000 dollar vrij voor een satelliet-verbinding. De Serviërs kunnen nu dus op kosten van de VN naar TV-Banja Luka kijken.

Toholj ontvouwt zijn plannen voor de nabije toekomst: de SRT gaat 'Samizdat-televisie' maken vanuit een geheime lokatie en apparatuur installeren om de zender van president PlavšiEÉc te storen. Intussen moet de Servische kijker het doen met TV-Banja Luka. Dat is nauwelijks een vooruitgang. Het avondnieuws is gortdroog, statisch en amateuristisch.

Veel Bosnië-experts zijn gelukkig met de nieuwe harde lijn tegen de Servische media. “De televisie was een vitaal machtsmiddel voor de SDS”, zegt politiek analist Chris Bennet van de internationale denktank ICG. “De komende verkiezingen zijn de eerste waar de partijen met min of meer gelijke wapens strijden.” Anderen zijn pessimistischer. Een nadeel is bijvoorbeeld dat sinds de overname van de tv-torens door SFOR in het grootste deel van het land geen televisie meer uit het buurland Servië wordt doorgegeven. Dus missen de kijkers hun dagelijkse soaps en knokfilms, de videoclips van TV-Pink en de nachtelijke porno van TV-Palma. Veel Serviërs verwijten PlavšiEÉc dit gemis. Zeker nu, met het oog op de komende verkiezingen, op TV-Banja Luka elke avond urenlange politieke debatten worden uitgezonden.

    • Coen van Zwol