Waterdemocratie blijft ingewikkeld

Nog vijf dagen kan er worden gestemd bij de verkiezingen voor tien waterschappen. Huurders mogen voor het eerst meedoen. Voor sommige kandidaten is het waterschap het opstapje in een bestuurlijke carrière. De opkomst zal niet hoog zijn.

ROTTERDAM, 21 NOV. Bij de verkiezingstelefoon van het hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht komen veel gesprekken binnen van inwoners van Amsterdam, die momenteel voor het eerst kunnen stemmen bij waterschapverkiezingen. Waarom moet ik voor water stemmen en niet voor het gas en licht, is een vraag die veel wordt gesteld. Een medewerker van de verkiezingslijn: “Een heleboel mensen vinden die verkiezingen onzin. Mensen bellen met de vraag: op wie moet ik nou stemmen? Ik ken die mensen helemaal niet. Doen ze het soms voor het geld? Dat horen we ook vaak.”

Zo'n 2,5 miljoen Nederlanders kunnen nog tot 26 november hun stem - in sommige gevallen meerdere stemmen - uitbrengen bij de verkiezing van waterschapsbesturen. In tien waterschappen in Noord-Holland, Friesland, Overijssel en Gelderland worden verkiezingen gehouden. In Amsterdam is de termijn met een week verlengd, omdat 80.000 stembiljetten niet op tijd bij de kiezers zijn gekomen.

De waterschappen hebben drie belangrijke taken. Ze zijn verantwoordelijk voor de waterkering (dijkbeheer), de waterkwantiteit (het waterpeil), en de kwaliteit van het water. Met de nieuwe Waterschapswet die in 1992 in werking is getreden, hebben ook huurders voor het eerst stemrecht gekregen bij de waterschapsverkiezingen. In het archaïsche jargon van de waterschappen - de oudste bestuursvorm van Nederland, stammend uit de middeleeuwen - heten zij 'ingezetenen'. Voorheen hadden alleen eigenaren van huizen (de categorie 'gebouwd') en eigenaren van grond ('ongebouwd') stemrecht. In die laatste categorie zitten voornamelijk boeren, die tot de komst van de nieuwe Waterschapswet de waterschappen altijd hebben gedomineerd. Huiseigenaren die in hun eigen huis wonen hebben dus twee stemmen, sommige boeren hebbben zelfs drie stemmen. Ten slotte is er nog de categorie 'bedrijfsgebouwd', maar die zetels worden veelal via de Kamers van Koophandel verdeeld. Huurders kregen in de Waterschapswet stemrecht omdat ze voortaan ook waterschapsbelasting moeten betalen, waar die belasting eerst alleen door boeren en huiseigenaren werd opgebracht.

Het gecompliceerde kiesstelsel leidt tot veel vragen van burgers. “Dit is veel te ingewikkeld allemaal”, erkent dijkgraaf J.H. van der Vliet van Amstel, Gooi en Vecht. De Unie van waterschappen onderzoekt momenteel hoe het stelsel vereenvoudigd kan worden. Van der Vliet: “Je zou daarbij bijvoorbeeld kunnen denken aan een tweedeling tussen bedrijven en burgers.”

De waterschappen maken de laatste jaren een fusiegolf door. Waren er kort na de oorlog nog 2.500 waterschappen, nu zijn er nog maar 66. Het samengaan van de waterschappen heeft geleid tot nieuwe verkiezingen in steeds andere delen van het land. Eerder hadden huurders al stemrecht bij verkiezingen in onder andere Zeeland en Brabant, maar bij die verkiezingen werd getrapt gekozen. Gemeenteraadsleden kozen de waterschapsbestuurders. Dit jaar kunnen huurders voor het eerst direct kiezen. Provinciale staten hebben gezamelijk besloten om geen onderscheid meer te maken tussen huurders en huiseigenaren en boeren, die altijd al direct konden kiezen.

De waterschappen kennen een zogeheten 'personenstelsel' en geen partijenstelsel. Daarom staan er bij de meeste kandidaten geen politieke partijen vermeld in het 'kandidatenboekje', dat de kiezers toegestuurd hebben gekregen. Ook dit leidt tot veel misverstanden bij burgers die verkiezingen automatisch in verband brengen met politieke partijen. Wie tien handtekeningen verzamelt van sympathisanten kan zich kandidaat stellen. Iedereen wordt op persoonlijke titel gekozen. Het probleem is dat de meeste burgers de kandidaten helemaal niet kennen en moeten afgaan op de zeer summiere toelichting in het boekje.

Soms is de motivatie van de kandidaat duidelijk. Zo schrijft een bestuurslid van de Amsterdamse Hengelsportvereniging, die kandidaat staat als ingezetene voor het hoogheemraadschap (een deftiger woord voor waterschap) Amstel, Gooi en Vecht: “Voor hengelsporters is het hoogheemraadschap heel belangrijk; de kwaliteit van de visstand wordt immers bepaald door het huis van de vis: schoon water.” Vaak is echter veel minder duidelijk wat iemand met zijn kandidatuur beoogt. “Naast mijn studie rechten wil ik praktijkervaring opdoen bij een lagere overheid als het waterschap”, schrijft een andere kandidaat-ingezetene.

De eenmaal gekozen leden van het algemeen bestuur kiezen op hun beurt een dagelijks bestuur dat gezamelijk met de dijkgraaf, die wordt benoemd door de kroon en dus niet gekozen kan worden, de dagelijkse leiding vormt over het waterschap. De dijkgraaf is de enige voltijds-bestuurder in het waterschap. Het algemeen bestuur heeft de zeggenschap over alle belangrijke besluiten: over de belastingtarieven, de begroting, de waterbeheersplannen en besluiten over het waterpeil.

Steeds vaker moeten in het waterbeheer milieubelangen en de belangen van de agrarische sector tegen elkaar worden afgewogen. Milieu- en boerenorganisaties zijn dan ook de enige die georganiseerd campagne voeren bij de verkiezingen. Ze doen dat door kandidaten te stellen en door hun eigen leden op te roepen te gaan stemmen. Voor de kiezer is echter niet altijd duidelijk uit welke groepering een kandidaat afkomstig is. De kandidaten staan immers niet als groep op de lijst, maar als personen. In Amstel, Gooi en Vecht hebben de milieukandidaten dit geprobeerd op te lossen door in hun begeleidende tekst allemaal de leuze op te nemen: “De natuur- en milieu-organisaties steunen mij. Stem voor natuur in het waterschapsbestuur.”

De verkiezingen worden in de meeste gevallen schriftelijk gehouden, een novum voor Nederland. In het waterschapsdistrict Apeldoorn wordt geëxperimenteerd met telefonische verkiezingen, maar dat is door technische problemen geen succes. Het is de bedoeling dat schriftelijk stemmen de opkomst zal verhogen. Niettemin gaan de meest optimistische scenario's uit van een maximale opkomst van dertig procent. Vooral in de steden leeft het waterschap niet.

Met de nieuwe zetelverdeling hebben de boeren een deel van hun overwicht verloren, maar ze zijn in de meeste waterschappen nog steeds aanzienlijk sterker vertegenwoordigd dan de milieubeweging. Dat hangt af van het stedelijke of landelijke karakter van het waterschap. In Friesland worden de waterschappen nog steeds gedomineerd door de agrariërs.

“Groene bestuurders profileren zich meestal niet alsof ze leden van een politieke partij of een fractie zijn, maar in de eerste plaats als bestuurders”, zegt Anton Kiewitz, landelijk coördinator waterzaken van de Stichting natuur en milieu. De tijd dat agrariërs en milieubeweging lijnrecht tegenover elkaar stonden is voorbij, zegt ook W.H. Streekstra van de landbouworganisatie LTO-Nederland. “De tegenstellingen waren tien jaar geleden veel scherper. Ik heb de indruk dat de milieubeweging een steeds bredere kijk krijgt. Kijk, als je alleen maar oog hebt voor het landschap, moet je alle dijken doorsteken, want dat is het beste voor de natuur.”