Vooral bloedband bepaalt wie Duitser is

Iedereen voor 1937 binnen de Duitse grenzen is geboren is Duitser. Een Pool uit Opper-Silezië krijgt zo een Duits paspoort. Een in Duitsland geboren kind van Turkse ouders moet een lange procedure doorlopen.

BONN, 21 NOV. Als de Pool Andrzej Kowalski in Wrocaw (Breslau) naar het Duitse consulaat gaat, kan hij zonder problemen een paspoort krijgen. Hij houdt zijn Poolse pas, maar kan tegelijkertijd legaal in de Bondsrepubliek werken zonder een arbeids- of verblijfsvergunning, want Kowalski is dubbel staatsburger.

Gül Demirkan, kind van Turkse ouders, die in Duitsland is geboren, Duits spreekt en naar school gaat, kan pas na een lange procedure Duitser worden en raakt dan haar Turkse nationaliteit kwijt. Geen dubbele pas voor Demirkan.

Opnieuw is in de Bondsrepubliek de discussie opgelaaid om het dubbele staatsburgerschap voor iedereen mogelijk te maken, net als in de meeste andere Europese landen. Want waarom krijgt de Pool Kowalski wel twee passen en Demirkan niet.

Het Duitse staatsburgerschap heeft alles met de bloedband te maken. Ius Sanguinis (het bloedrecht) bepaalt wie Duitser is en wie niet. Niet de geboorteplaats zoals in andere landen het geval is.

De vader van Andrzej Kowalski was voor de Tweede Wereldoorlog in het Duitse deel van Opper-Silezië geboren en volgens de Grondwet is iedereen die binnen de grenzen van Duitsland uit 1937 is geboren, Duits staatsburger. Dat geldt ook voor alle nakomelingen. Ook al is Kowalski Pool, hij kan aanspraak maken op alle rechten die het Duitse paspoort met zich meebrengt.

Een belangrijk deel van het Duitse parlement vindt het de hoogste tijd om de meer dan 2 miljoen Turken, die in de Bondsrepubliek wonen en werken, een dubbel staatsburgerschap te geven. “In Amerika kon een Duitser uit Fürth, die met vijftien jaar naar de VS emigreerde, minister van Buitenlandse Zaken worden (Henry Kissinger, red.)”, schrijft de Süddeutsche Zeitung. “Maar in Duitsland mogen Turken, die hier meer dan 20 of 30 jaar wonen, niet eens hun stem uitbrengen bij gemeenteraadsverkiezingen”.

De 2 miljoen Turken vormen verreweg de grootste groep buitenlanders in de Bondsrepubliek. Het is voor Duitsland een existentiële vraag of de integratie van deze bevolkingsgroep lukt of niet. “Het doel moet integratie zijn”, constateert de Frankfurter Allgemeine Zeitung onomwonden en breekt eveneens een lans voor het dubbele staatsburgerschap.

Telkens weer als er in de Bondsrepubliek ongeregeldheden plaatsvinden waarbij Turken, of ook Koerden, betrokken zijn laait het debat over de zogenaamde falende integratie van deze bevolkingsgroep weer op. Vooral voor jongere Turken, die zich vaak vreemden voelen in hun Duitse geboorteland, zou het dubbele paspoort een belangrijke brug zijn naar normaliteit en integratie.

De Groenen, de sociaal-democratische SPD, de liberale FDP, zelfs een niet onaanzienlijke groep van 40 afgevaardigden in Helmut Kohls eigen CDU ('jonge wilden', maar ook routiniers als Karl Lamers en Heiner Geissler) pleiten ervoor nog deze regeringsperiode in te stemmen met de dubbele nationaliteit. In principe zouden ze hiermee op een meerderheid in de Bondsdag kunnen rekenen.

Maar de regeringscoalitie trapt hard op de rem. Bondskanselier Kohl, het grootste deel van zijn partij, en de Beierse zusterpartij CSU wijzen ieder compromis resoluut van de hand. Dubbel staatsburgerschap leidt tot 'loyaliteitsconflicten', vindt CSU-minister Theo Waigel (Financiën). Kohl meent dat als Duitsland in deze kwestie zou toegeven, “er in de kortste tijd 3, 4, 5 miljoen Turken, het land zouden binnenkomen.”

Deze argumenten doen bij menig voorstander de wenkbrauwen fronsen. Er wordt een schijndiscussie met schijnargumenten gevoerd, vindt Cem Özdemir van de Groenen, hij is een Anatolische Schwabe en de enige parlementariër van Turkse afkomst.

Maar Waigel en Kohl zijn vooral bang dat de erkenning van het dubbele staatsburgerschap voor de Bondsdagverkiezingen in de herfst volgend jaar stemmen gaat kosten. De CSU vreest bij de deelstaatverkiezingen in Beieren de absolute meerderheid kwijt te raken en dat zou - twee weken voor de parlementsverkiezingen - de kanselier zelf wel eens in gevaar kunnen brengen.

Guido Westerwelle, algemeen secretaris van de liberale coalitiepartner FDP, verweet de kanselier “paniek te zaaien”. Toch wilde de liberale fractievoorzitter Hermann Otto Solms zich vorige week niet aansluiten bij een initiatief van de FDP voor het dubbele staatsburgerschap. Vlak voor de verkiezingen kon de kleinste regeringspartner toch niet tégen de eigen coalitie stemmen.

De hervormers van het staatsburgerschap laten het er echter niet bij zitten. Achter de schermen in Bonn wordt dezer dagen een laatste poging ondernomen om volgende week in de Bondsdag (of in de laatste zittingsweek in december) een 'groepsmotie' in stemming te brengen. De liberale medewerker Holger Hinte van Cornelia Schmalz-Jacobsen (FDP), afgevaardigde voor buitenlandse zaken spreekt liever van een 'initiatief uit het midden' van het parlement.

Of zo'n initiatief kans van slagen heeft? Er wordt een kat-en-muis-spel gespeeld; de ene parlementariër vertrouwt de andere niet. Wat doet 'de groep van 40' in de CDU, wat doen de liberalen!

Als deze laatste poging de dubbele nationaliteit erdoor te krijgen mislukt, is dit een 'catastrofe', zegt Hinte. Niet alleen voor de coalitie. Maar het staatsburgerschap is dan voor vele jaren van de politieke agenda verdwenen. Hij wil dan ook niet uitsluiten dat er volgende week helemaal niets gebeurt.

    • Michèle de Waard