Onbekende gedichten van Komrij te koop

De Nederlandse Antiquarenbeurs, Beyneshal Haarlem (Stationsplein). Vrij 14-21u, za 11-18u, zo 11-17u. AMSTERDAM, 21 NOV. Tien typoscripten van gedichten die Gerrit Komrij op twintigjarige leeftijd schreef, worden vandaag en dit weekeinde te koop aangeboden op de Antiquarenbeurs in Haarlem. Het betreft tien gedichten uit 1964, waarvan er twee ('Steeds oud' en 'Amsterdam') niet eerder gepubliceerd zijn. Zeven gedichten verschenen in Het schip de wanhoop (1979) en één gedicht werd gepubliceerd in Komrij's debuutbundel Maagdenburgse halve bollen en andere gedichten uit 1968. Boekhandel De Slegte vraagt voor deze collectie, waarvan de herkomst onbekend is, ƒ 3.500.

Gerrit Komrij schreef de gedichten tijdens zijn studie Nederlands in Amsterdam. Hij stopte met studeren en vertrok in 1965 naar Griekenland, om daar enige tijd als privé-leraar vreemde talen te werken. In 1979 bewerkte hij zeven van de gedichten.

Uit de handmatige correcties op de typoscripten wordt duidelijk hoe de dichter over zijn jeugdwerk dacht. Soms verving hij algemene woorden door concretere: een regel als 'De wanhoop is al weer voorbij gegaan' werd 'De lijkkist is al weer voorbij gegaan'. Van het sonnet 'Op mijn ziekte, de Hosperitis' keurde hij de eerste twee strofen af; het zesregelig gedicht 'Ziekenhuis' bleef over. De titel 'Mijn vieze woorden' veranderde Komrij in 'Een vriend'. In de laatste strofe van het gedicht 'Steeds oud', dat Komrij blijkbaar ongeschikt achtte voor publicatie, kwam de stratenmaker voor die in de bundel Capriccio (1978) zou terugkeren: 'Dat moet dan weer. Vooral geen nieuws. / De Italjanen staken weer. De eeuw- / Wende nadert. De stratenmaker die / me haat hoort niet de oude geeuw.'