N.V. Nederland

Wat hebben minister Zalm van Financiën en Unilever-topman Morris Tabaksblat met elkaar gemeen? Beide bogen onlangs een flinke meevaller om in een flinke voorziening. Unilever rapporteerde vorige week een netto-winststijging van 18 procent tot 1,55 miljard gulden en streek dit jaar miljarden op door de verkoop van bedrijven, waaronder de chemiedochters en het merk John West. Het concern zei vorige week dat het dit jaar een voorziening neemt van 2 miljard voor herstructureringskosten. Dat is drie maal zoveel als normaal.

Het komt regelmatig voor dat bedrijven een forse voorziening nemen in een jaar dat de winst meevalt. In mogelijke magere jaren die komen, hoeft de voorziening dan niet te worden genomen of valt er zelfs een deel vrij ten gunste van de winst. De gevreesde kostenpost blijkt plots mee te vallen. Daardoor blijft de winstgroei egaal en dat vinden beleggers fijn.

Zalm meldde gisteren een meevaller van 2,75 miljard gulden. De helft daarvan gaat naar het extra terugdringen van het financieringstekort, voor een deel waarschijnlijk in de vorm van een extra dotatie in het AOW-fonds, een voorziening voor de kosten van de vergrijzing.

Dit jaar ging er al 750 miljoen naar dat fonds, volgend jaar 1,5 miljard en daarna loopt de dotatie elk jaar met 250 miljoen extra op tot 4,5 miljard. Door de extra storting nu kan het fonds een egalisator worden van de rijksfinanciën.

Als de analogie met het bedrijfsleven uitkomt, is het wachten op plots meevallende vergrijzingskosten bij de eerstvolgende tegenvallers voor de Nederlandse economie.

    • Maarten Schinkel