New-Yorkse politie leert hoe het niet moet

Zeven Nederlandse parlementariërs bezochten deze week New York om van nabij kennis te maken met de mores van de Amerikaanse politie in de strijd tegen de zware misdaad. Lessen voor Nederland.

NEW YORK, 21 NOV. Het afluisteren van verdachten in hun woning is er geen probleem. Undercoveragenten verkopen er drugs om vervolgens de koper op te pakken. Criminelen krijgen er veelvuldig strafvermindering door hun maten aan te geven. Laatst nog bekende een lid van een mafia-achtige organisatie achttien moorden - en hij kreeg minder straf door zijn baas te verlinken.

De Verenigde Staten zijn in oorlog: met de georganiseerde criminaliteit. Harde opsporingsmethoden zijn geoorloofd en gaan verder dan in Nederland. Het is reden voor zeven Nederlandse parlementariërs, allen lid van de vaste Kamercommissie van Justitie, om zich voor de behandeling van het wetsvoorstel opsporingsmethoden in New York op de hoogte te stellen. Zijn de Amerikaanse methoden van nut voor de Nederlandse samenleving?

Het antwoord luidt ja en nee. De vier grote partijen (PvdA, CDA, VVD en D66) omarmen in New York het afluisteren van verdachten in hun woning. Het wetsvoorstel sluit dat uit. Alleen GroenLinks vindt het een onaanvaardbare schending van de privacy.

De politici juichen ook het sluiten van deals met criminelen toe - tenminste als dat onder strenge voorwaarden geschiedt. In het hotel zegt het Kamerlid Vos (VVD) strafvermindering voor moordenaars uit te sluiten. “Ik vind zo'n overeenkomst met een achttienvoudige moordenaar ongelooflijk.”

De Kamerleden zien in New York ook de negatieve kanten van het Amerikaanse opsporingsbeleid. “Ik heb vooral geleerd hoe het niet moet”, laat D66'er Dittrich zich halverwege de week ontvallen. Zijn collega Rabbae (GroenLinks), die gruwt van het Amerikaanse systeem, knikt instemmend. De delegatie is nog geen etmaal in New York, als hoogleraar strafrecht Block adviseert de Nederlandse opsporingsmethoden te exporteren in plaats van de Amerikaamse te importeren. Block waarschuwt de Kamerleden voor de vergaande corruptie van Amerikaanse justitie en politie bij de bestrijding van de georganiseerde misdaad.

Eerst zijn de Kamerleden een beetje lacherig, maar na gesprekken met rechter Erlbaum, officier van justitie Lefcourt en burgerrechten-activist Shapiro zijn ze verbijsterd over de vergaande bevoegdheden van politie en justitie. Het gebrek aan controle schokt hen. “De beste regels werken niet indien schending ervan in de doofpot wordt gestopt”, concludeert Kalsbeek (PvdA). “Agenten nemen het soms niet zo nauw met de regels. Ze denken de good guys te zijn”, zegt Koekkoek (CDA).

Hij maakte, evenals de delegatieleden Vos en Rabbae deel uit van de parlementaire enquête-commissie opsporingsmethoden, onder leiding van de onlangs overleden PvdA'er Van Traa. Tijdens die enquête bleek de politie op eigen houtje haar opsporingsmethoden te hebben veranderd. Containers hasj werden met medewerking van de politie op de markt gebracht, in de hoop een grote bende op te rollen. Agenten runden criminele informanten, al was soms onduidelijk wie nu wie leidde.

Nu tonen de Amerikaanse gesprekspartners zich verbaasd. Colemann, hoofd van de Drugs Enforcement Agency (DEA) in Newark en ooit betrokken bij een grote antidrugsoperatie in Frankrijk, beter bekend als de French Connection, zegt: “Wij mogen kleine hoeveelheden op de markt brengen, maar geen containers vol. Dat is ethisch toch niet verantwoord.”

Wel waarschuwt de voormalig special agent er voor de handen van de Nederlandse politie niet al te veel te binden. Hoe kan de politie criminelen bestrijden zonder hen langdurig te observeren of hun huizen af te luisteren, vraagt hij zich af. CDA'er Koekkoek kan zich daar in vinden. “De huidige internationale georganiseerde misdaad vraagt om slimme methoden. De gereedschapskist van de politie moet goed gevuld zijn.”

De discussie over het vullen van die kist leeft in Amerika nauwelijks. Ruim 80 procent van de bevolking wil een hardere aanpak van drugshandel en -overlast. De hardheid van de Amerikaanse samenleving treft de Kamerleden. Dittrich: “Een meerderheid van de bevolking weet niet meer wat medelijden is”. Die publieke opinie is doorslaggevend in een samenleving waar zelfs rechters worden gekozen. Somber is ook de VVD, doorgaans pleitbezorger van een harde aanpak van de criminaliteit. “Recidivisten van geweldsdelicten krijgen doorgaans twintig jaar. Het publiek vindt dat mooi”, zegt Vos.

Maar de Kamerleden kunnen niet om het succes van de harde aanpak heen. De misdaad in de straten van New York is spectaculair gedaald. Het aantal moorden is met circa 60 procent afgenomen. Diefstallen, inbraken en tasjesroven zijn gehalveerd - al werd het handtasje van Kalsbeek de tweede avond in de bar van het hotel gestolen. Dealers, verslaafden en prostituees zijn van toeristische trekpleisters als Times Square verdreven.

Burgemeester Guilliani van New York en zijn politie schrijven het succes toe aan het broken windows-beleid: kleine overtredingen (vandalisme en zwartrijden) moeten worden bestraft, anders ontstaat een buurt waarin sociaal verval en grote misdaad makkelijk hun intrede doen. Burgerrechtenactivist Shapiro bagatelliseert het optreden van Guilliani. De misdaad daalt volgens hem vooral door de sterk groeiende economie en de daling van het aantal jongeren, traditioneel een groep die veel kleine misdaad pleegt.

Maar het broken windows-concept vindt een gewillig oor bij CDA, VVD en D66. “Zo kan de overheid haar gezag terug winnen”, meent de Vos. Daarentegen hekelt Rabbae de “kinderlijke Amerikaanse extremiteiten” van de Newyorkse variant van lik-op-stuk. “Mensen worden gestraft als ze bier op straat drinken of hun hond uit een publiek reservoir laten drinken”, smaalt hij.

Veel repressie, weinig preventie, signaleert Kalsbeek. “Wil een politicus gekozen worden, dan moet hij een harder standpunt dan zijn tegenstander hebben.” Het leidt volgens haar tot extremiteiten. Want ze vraagt zich toch echt af of het zin heeft mensen, die met een paar gram hasj worden opgepakt, gedurende een half jaar hun rijbewijs af te nemen. “Zulke mensen vervreemden toch alleen maar van de maatschappij?”