Kroonprins werd een geplaagd man; Wolffensperger uit de gratie

DEN HAAG, 21 NOV. Gerrit Jan Wolffensperger (53) heeft een lange en gevarieerde carrière achter de rug, maar hij zal toch te boek blijven staan als 'de man die liever minister was geworden'. En sommige D66'ers in de Tweede Kamer zullen geneigd zijn te denken: de man die ook maar beter minister had kunnen worden. Kritiek is de fractievoorzitter van D66 in de Tweede Kamer de afgelopen vier jaar niet bespaard gebleven. De NOS krijgt als voorzitter een kundig maar geplaagd man.

Wolffensperger begon zijn politieke loopbaan in Amsterdam, waar hij van 1978 tot 1986 wethouder was. Hij beheerde zijn portefeuilles, waaronder mediabeleid, tot zo'n tevredenheid van de gemeenteraad dat hem binnen en buiten zijn partij al snel een grote toekomst werd toegedicht. Nadat hij in 1986 Kamerlid was geworden, oogstte hij daar waardering met principiële betogen over de kwaliteit van de rechtsgang. Hij heette de 'kroonprins van Van Mierlo' te zijn.

Behalve zijn politieke loopbaan was de rest van zijn levensloop op dat moment ook het predikaat D66-kroonprins waardig. Hij was zoon van de kunstenaar en verzetsheld Gerrit van der Veen. Hij werkte in de jaren zestig als ladingsofficier bij de Koninklijke Nederlandse Stoomboot Maatschappij en als fotograaf. Zijn vrouw was succesvol als hoofdredacteur van Viva.

Als cruciaal moment in Wolffenspergers carrière kan de zomer van 1994 worden aangemerkt, de formatie van het eerste paarse kabinet waarvoor hij zich als deelnemer aan het Des-Indes-beraad al acht jaar had ingezet. De jurist Wolffensperger stond op de nominatie om minister van Justitie te worden, een post die hij ambieerde. Maar de man die Van Mierlo als fractievoorzitter naar voren had geschoven, Aad Nuis, genoot te weinig steun van de fractie. Een andere kandidaat, Jacob Kohnstamm, wilde zelf per se niet. De partij deed een zwaar beroep op de loyaliteit van Wolffensperger.

Het bleek een klotebaan, zo erkende hij een jaar later.

Wolffensperger kreeg een spervuur van kritiek over zich heen toen hij in een debat over het vertrek van de Amsterdamse procureur-generaal Van Randwijck D66-minister van Justitie Sorgdrager onvoldoende te hulp kwam, waardoor de minister bijna ten val kwam. Een taxatiefout, zo gaf hij zelf toe. Om vervolgens tot zijn ergernis te ontdekken dat zoiets je in de politiek blijft achtervolgen.

Vanaf dat moment was er op het Binnenhof een zacht zagen hoorbaar aan de poten van zijn stoel. De fractievoorzitter heette te soft te zijn, te veel in zichzelf gekeerd en te weinig zichtbaar tussen zijn concurrenten Bolkestein en Wallage. Wolffensperger kon op zijn kamer glashelder uitleggen waar het om ging, in de vergaderzaal reageerde hij lichtgeraakt als anderen al dan niet om politieke reden minder inzicht toonden dan hij.

“Ik wil en kan niet zoals Bolkestein zijn. Ik verdom het alleen te roepen wat electoraal succesvol is”, voerde hij ooit als verdediging aan in Het Parool. “Als politicus heb je ook de verantwoordelijkheid thema's naar voren te brengen die misschien niet helemaal in zijn.”

Maar toen D66-partijvoorzitter Tom Kok afgelopen voorjaar het lijstje D66'ers opsomde die in de verkiezingscampage een gezichtsbepalende rol moesten spelen, was Wolffensperger daar al niet meer bij. Voor de opvolging van Van Mierlo werd hij niet genoemd. Een politicus die volgens zijn partijleiding onvoldoende geschikt is voor het televisietijdperk, vertrekt naar Hilversum.

    • Hans Nijenhuis