Golfers vrezen loodzwaar herexamen

Vijf Nederlandse professionals nemen deel aan de de PGA European Tour Qualifying School die gisteren in Zuid-Spanje van start is gegaan. Een plaats bij de beste veertig volstaat om Rolf Muntz in 1998 te kunnen vergezellen op het Europese toernooiencircuit.

ROTTERDAM, 21 NOV. In 1990 won Stephen McAllister op de Kennemer Golf & Country Club het Dutch Open, een van de grote Europese toernooien. Aan het eind van dit seizoen viel de Schot met 75.000 gulden verdiend prijzengeld buiten de top-115 van Europa. Zijn 'straf': terug naar de Qualifying School. Als McAllister niet bij de eerste veertig eindigt, is hij volgend jaar veroordeeld tot het spelen van toernooien op de Challenge Tour, de eerste divisie van het Europese golf waar het prijzengeld nauwelijks kostendekkend is en publiek een even zeldzaam verschijnsel als een hole-in-one.

Wie uitblinkt in golf maakt snel fortuin en wordt bewierookt. Wie minder presteert verdwijnt in de anonimiteit. Een roemrijk verleden doet niet ter zake. Alleen het heden telt in de harde professionele golfwereld.

Het aantal golfers dat via de Qualifying School toegang hoopt te krijgen tot het Europese toernooiencircuit neemt elk jaar toe. Nederland is aan de Costa del Sol met een recordaantal spelers vertegenwoordigd: Joost Steenkamer, Maarten Lafeber en Ralp Miller overleefden de voor-kwalificaties waarin meer dan zeshonderd spelers streden om honderd startbewijzen. Chris van der Velde als de nummer één van het Nederlandse toernooiencircuit, en Robert-Jan Derksen dankzij een goede klassering op de Challenge Tour, waren al verzekerd van deelname.

Het Nederlandse vijftal speelt op de banen van de San Roque GC en de Guadalmina GC in een veld van 180 spelers om de veertig fel begeerde tourkaarten. Na vier dagen gaan de beste 75 geklasseerden door voor de twee slotronden. De krachtsverschillen zijn gering.

Chris van der Velde speelde vijf keer eerder in de Qualifying School. Drie keer veroverde hij een tourkaart, steeds verspeelde hij het jaar daarop zijn speelrecht weer. “Dit toernooi is loodzwaar. Niemand is gewend zes dagen achtereen achttien holes te spelen. Het gaat erom grote fouten te vermijden. Het zijn meestal niet de beste golfers die overleven, maar de mentaal sterksten.”

De huidige golfsterren beamen het. De Welshman Ian Woosnam, in september lid van het winnende Europese Ryder Cup team, moest drie keer 'herexamen afleggen' op de Qualifying School. Woosnam denkt er niet graag aan terug. “Zes ronden golf onder enorme druk, een heel seizoen dat afhangt van die ene week. Ik haatte het.”

De Qualifying School heeft de reputatie veelbelovende spelers kapot te maken. Het missen van de tourkaart, en dus het uitblijven van inkomsten in het volgende jaar, betekende noodgedwongen uitzien naar en andere baan. Zo veel hangt er voor sommige spelers af van die ene zenuwslopende week. Toch zegt Andy McFee van de PGA European Tour het kwalificatiesysteem niet onrechtvaardig te vinden. “Het is meedogenloos maar eerlijk. Als je het in de top van het Europese golf wilt redden moet je kunnen afzien.”

Chris van der Velde weet daar alles van. “Zodra je de tourkaart haalt, ga je al weer denken aan het volgende jaar: als ik mijn kaart maar niet verspeel. Het houdt nooit op.”

    • Gerard Louter