D66 moet op zoek naar nieuwe fractievoorzitter

Met het vertrek van haar voorzitter moet de fractie van D66 in de Tweede Kamer een opvolger voor hem zien te vinden. De beroerde stand van D66 in de polls maakt de keuze tussen de twee kandidaten er niet gemakkelijker op.

DEN HAAG, 21 NOV. De Tweede-Kamerfractie van D66 heeft voor de opvolging van Gerrit Jan Wolffensperger de keuze uit twee kandidaten: vice-voorzitter Roger van Boxtel (43) en secretaris Thom de Graaf (40). De fractie heeft geen uitgesproken voorkeur.

Van Boxtel en De Graaf zitten beiden sinds 1994 in de Tweede Kamer. De jurist Van Boxtel was eerder ambtenaar (bij de gemeente Amsterdam en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten) en organisatie-adviseur.

De jurist De Graaf werkte als wetenschappelijk medewerker staatsrecht bij de Katholieke Universiteit Nijmegen en als ambtenaar op Binnenlandse Zaken.

Van Boxtel maakte binnen D66 carrière vanuit Amsterdam en De Graaf vanuit Nijmegen. Beiden zaten eerder in het hoofdbestuur van de partij.

In de Tweede Kamer is Van Boxtel specialist volksgezondheid. Hij verdedigde dit jaar een initiatief-voorstel in de Kamer om specifieke medische keuringen bij de aanstelling van werknemers en het afsluiten van verzekeringen aan banden te leggen. De Graaf is actief op bestuurlijk en justitieel terrein. Hij speelde als vice-voorzitter een belangrijke rol in de parlementaire enquêtecommissie inzake opsporingsmethoden.

Beiden golden eerder als mogelijke kandidaten voor de opvolging van partijleider Hans van Mierlo. Deze koos begin dit jaar voor minister Els Borst (65) boven “de jonkies” Van Boxtel en De Graaf.

Bij de fractie treedt Van Boxtel intern veelvuldig op als vervanger van Wolffensperger. De Graaf zit als secretaris van de fractie in het presidium van de Tweede Kamer en onderhoudt zo veel contacten met andere partijen. De keuze van de nieuwe fractieleider wordt bij D66 beschouwd als een zaak van de fractie. De opvattingen van partijleider Van Mierlo, kandidaat-lijsttrekker Borst en partijvoorzitter Kok worden wel ingewonnen, maar de fractie hecht eraan zelf de keuze te maken. Tot vandaag is in de fractie niet officieel over de opvolging gesproken.

Volgens interne peilingen onder fractieleden hebben beide kandidaten evenveel steun. Binnen de fractie bestaan volgens ingewijden geen 'kampen'. Van Boxtel en De Graaf worden niet gezien als vertegenwoordigers van verschillende richtingen in de partij. De twee kandidaten hebben in de fractie ook geen campagne gevoerd voor zichzelf. Naar buiten toe ontkennen zij rivaliteit en benadrukken ze een kameraadschappelijke verhouding. Ze spreken over zichzelf als een tandem. “De vraag is alleen wie straks voorop komt”, zei één van de twee dezer dagen.

Fractieleden van D66 noemen binnenskamers de keuze tussen Van Boxtel en De Graaf moeilijk.

De fractieleden die een voorkeur hebben voor Van Boxtel, menen dat het passeren van De Graaf geen “knak” in diens carrière zal zijn. Binnen D66 wordt De Graaf - eerder dan Van Boxtel - gezien als kandidaat voor een post in een volgend kabinet. De Graaf zelf heeft echter bij herhaling gezegd dat hij nog geen kabinetspost ambieert, omdat hij jonge kinderen heeft (7 en 11 jaar).

Bij de keuze voor de nieuwe fractieleider nemen fractieleden ook de “uitstraling” van de kandidaten in overweging. Binnen D66 bestaan grote zorgen over de slechte stand in de opiniepeilingen. Deze worden behalve door het zwakke opereren van kandidaat-lijsttrekker Borst verklaard uit het feit dat de fractie de afgelopen jaren onder Wolffensperger geen 'gezicht' toonde. Een deel van de fractie geeft de voorkeur aan De Graaf, omdat zij hem een sterkere presentatie toedichten en hij een sterkere 'televisie-performance' zou heben.

Behalve politieke criteria worden in de boordeling ook persoonlijke kwaliteiten betrokken. Sommige fractieleden ervaren Van Boxtel anders dan De Graaf als een “warme” persoonlijkheid. Zij waarderen dat Van Boxtel eerder deze maand bij de verschijning van de kandidatenlijst voor de Tweede-Kamerverkiezingen aan opvang deed van fractieleden die laag of niet meer op de lijst stonden.

Uitstraling is belangrijk, maar moeilijk te meten

    • Kees van der Malen