Twee Shakespeares in simpele montage

Voorstelling: Venetië naar Shakespeare door De Roovers. Spel: Robby Cleiren, Günther Lesage, Luc Nuyens e.v.a. Gezien: 14/11, Toneelschuur, Haarlem. Tournee t/m 20/12. Inl. (023) 531 24 39.

Omdat in de stad waar Shakespeares De Koopman van Venetië zich afspeelt, ook zijn Othello is gesitueerd, heeft de Vlaamse toneelgroep De Roovers haar voorstelling simpelweg Venetië gedoopt. Onder die titel spelen zij beide stukken, die ook nog eens alletwee gaan over de teloorgang van de vreemdeling in een hem vijandige omgeving - in het eerste een jood, in het tweede een Moor.

Gevaar is wel dat het resultaat blijft steken in een vooral dramaturgische vondst; de loutere constatering, dat de thematiek van beide stukken overeenkomt, ligt voor de hand en is op zichzelf niet voldoende. Ze zou het uitgangspunt moeten zijn van een verrassende assemblage die meer is dan de som der delen. Pas als de strekking van de combinatie onontkoombaarder is dan die van elk stuk afzonderlijk, is deze benadering zinvol.

De Roovers wekken de indruk afgezien te hebben van de bij hun vondst behorende zoektocht. Hun montage van beide stukken is althans wel erg simpel en nietszeggend.

Van De Koopman hebben ze een proloogje bij Othello gemaakt, in de vorm van een zo knullig en oubollig mogelijk gebracht poppenkastspel. De groep maakt het stuk in een oogwenk soldaat met commedia dell'arte-achtig amateurisme, een schetsmatige karikatuur van een tekst die kennelijk niet de moeite waard is.

Daarna schakelen de spelers voor Othello over op een veel gedragener stijl, die evenwel nog altijd veel te raden over laat wat betreft de status van de personages, hun motieven en de handeling.

Het decor bestaat uit rijdende en uitklapbare kastvormige elementen van sloophout die nu eens dienst doen als zuilen, dan weer een wand vormen en steeds weer nieuwe locaties suggereren. Het is effectvolle arte povere, waaraan op het laatst enige afbreuk wordt gedaan, als de aan weerszijden van het toneel opgestelde reflectie-schermen tevens dienst gaan doen als fakkeldragers, die van de moorden aan het slot een soort rituele dienst maken.

Wat we nu uit de ultra-korte Koopman en de uitgesponnen Othello in thematisch opzicht moeten afleiden, is onduidelijk. Ik zie slechts niet verklaard gebrek aan evenwicht tussen beide onderdelen en daardoor willekeur.

Sterk aan de voorstelling zijn sommige details. De tanige Günther Lesage als Othello is in zijn woede-uitbarstingen intrigerend en de zoektocht van Desdemona (Dahlia Pessemiers) naar haar gestolen zakdoek is mooi verbeeld. Haar meid houdt een dienblad met twee stapels zakdoeken op, die zij er razendsnel een voor een afgrist en over haar schouder gooit. Ter illustratie van een drinkgelag worden twee flessen water leeggegoten. Dat zijn aardige, veelbetekenende en originele stileringen.