Marokkaanse verkiezingen toch ontsierd door fraude

RABAT, 19 NOV. De parlementsverkiezingen in Marokko van afgelopen vrijdag blijken toch iets minder “doorzichtig, vreedzaam en probleemloos” te zijn verlopen dan de minister van Binnenlandse zaken, Driss Basri, zaterdag op een persconferentie meedeelde en ook de buitenlandse journalisten dachten te hebben waargenomen.

De klachten over manipulatie en fraude kwamen zowel van de winnaars als de verliezers - van de socialistische partij USFP, de moslim-fundamentalisten, de conservatief-nationalistische Istiqlal en de communisten, wier krant zelfs met een zwarte rouwband uitkwam. Niettemin zei minister Basri gisteren opnieuw dat de beschuldigingen inzake onregelmatigheden “niets afdeden aan de geloofwaardigheid van de stemming”.

De USFP won weliswaar de meeste zetels van alle partijen, maar was zeer teleurgesteld dat het Kutla-blok, waarin zij zich met drie andere partijen had verbonden, onvoldoende stemmen had gekregen om zelf te regeren. De USFP deelde mee dat er meer dan 1.000 gevallen van fraude waren geconstateerd. Zowel plaatselijke autoriteiten als partijactivisten zouden zich schuldig hebben gemaakt aan het omkopen en bedreigen van kiezers.

De fundamentalisten kwamen niet zozeer met beschuldigingen, als wel met bewijzen van grootscheeps geknoei. Er was in de processen-verbaal van 83 stemlokalen zoveel gestreept, dat ze nauwelijks nog leesbaar waren. Uit de eerste, nog niet 'aangepaste' telling bleek dat de fundamentalistische kandidaat Mustafa Lahia 6.393 stemmen had gekregen, terwijl de officiële winnaar Mohamed Hafid van de USFP, 1.549 stemmen had vergaard.

Daarop verklaarde de zeer in verlegenheid gebrachte Mohamed Hafid in een open brief aan zijn partijleider dat hij zijn parlementszetel niet zou innemen, “aangezien deze is verkregen in omstandigheden van fraude, het kopen van stemmen en manipulaties (...). Ik weiger een gefabriceerd parlementslid te zijn”. Hij vroeg om nieuwe verkiezingen in zijn district. Inderdaad zullen nu officiële onderzoekscommissies de eindresultaten in twee kiesdistricten nog eens nagaan.

De USFP zit diep in de problemen. De basis is het niet eens met het principebesluit van haar leiding om aan een coalitieregering deel te nemen. Zij vreest voor de compromissen die dan, ten koste van de oude partijprincipes, moeten worden gedaan. Het wordt dan ook een buitengewoon moeilijke klus voor de leiding van de USFP de basis alsnog van de noodzaak te overtuigen dat de partij, samen met het centrumblok, moet gaan regeren.

De richtingenstrijd binnen de USFP is nog absoluut niet beslist. Het was ook de basis die een gemeenschappelijke kandidaat met de andere Kutla-partijen heeft afgewezen, terwijl de leiding daarover al een akkoord had bereikt. Een ervaren politicus zegt: “Zelfs Zijne Majesteit de koning kan dat probleem niet zomaar regelen. Die tijd is voorbij”. Daarentegen hebben de 'gematigde' moslim-fundamentalisten alle reden tot vreugde. Voorlopig is hun politieke tactiek die van de zachte 'overreding' van andersdenkenden, gepaard aan even zachte beschuldigingen, die hoogstens wat teleurstelling weergeven over de door de anderen gemaakte fouten.

Alleen de stokoude dr. Abdelkrim al-Khatib vergiste zich met zijn triomfantelijke opmerking: “Voor de eerste maal zal de stem van de islam weer galmen in de Kamer van Afgevaardigden.” Hij werd meteen gecorrigeerd door Abdelilah Benkirane, die zei: “Alle Marokkanen zijn moslims - en vooral die in het parlement. Meneer Khatib had het niet over de islam maar over de politieke islam.”

Abdelilah Benkirane is de leider van de fundamentalistische groep Tawhid al-Islah (Eenheid en Hervorming), uit wier midden de negen gekozen parlementsleden stammen. Omdat de groep door de overheid niet als politieke partij werd erkend, trad zij toe tot de MPDC van dr. al-Khatib.

Volgens Benkirane was overleg met de USFP-kandidaat Mohamed Hafid helemaal niet nodig geweest. “Hij had de verslagen van de stembureaus en kon zélf zien wat er gebeurd was. We zaten 's avonds in een Arabisch-talige uitzending van de BBC. Daar zei ik: 'onze kandidaat heeft gewonnen'. Meneer Hafid zei: 'dat is waar - hun kandidaat. Het zal als een bom bij de media inslaan. Hun kandidaat heeft inderdaad gewonnen'.”

Benkirane zei tevens dat niet zozeer de regering, als wel de lokale overheden fraude hebben gepleegd. Ook dr. al-Khatib was één en al tolerantie. Hij liet weten dat verkiezingen zouden “leiden tot de ontwikkeling van 's lands democratie en de veiligheid en stabiliteit onderbouwen”. Taal die tegenstanders van de fundamentalisten niet van hen verwachten.