De veertigste film van consequent New-Yorks filmauteur Sidney Lumet; Dwangmatige nuances van goed en kwaad

Night Falls on Manhattan. Regie: Sidney Lumet. Met: Andy Garcia, Richard Dreyfuss, Lena Olin, Ian Holm, Ron Leibman, Colm Feore. In: 6 theaters.

Het kan niet genoeg herhaald worden, de stelling dat de nu 73-jarige Sidney Lumet een van de meest interessante levende Amerikaanse filmauteurs is. Toch is lang niet iedereen daarvan overtuigd. In het auteurspantheon van de Franse filmcritici kwam Lumet niet voor, waarschijnlijk omdat hij gezien werd als een handige, van de televisie afkomstige veelfilmer, die in zijn cameravoering weinig in het oog springende fratsen uithaalt. In een tijdperk dat elke uit de videoclipdivisie gepromoveerde jonge regisseur duizelingwekkende camerabewegingen en montagetoeren uithaalt, is de bijna documentaire precisie en helderheid van Lumet een verademing. Ook zijn eigenhandig geschreven scenario's verraden een verrassend geworden trouw aan klassieke theaterconventies, alsof ook een film vanzelfsprekend uit drie akten bestaat.

Dat Lumet als auteur over een eigen thema en een eigen wereld beschikt lijdt geen twijfel. Van zijn veertig in evenveel jaren voltooide lange speelfilms werden er negenentwintig opgenomen in de straten van New York. Bijna altijd gaat het over rechtvaardigheid en integriteit, tegen de klippen op. Lumets debuut was een veel geïmiteerde rechtbankfilm, Twelve Angry Men (1957), en de rechtszaal bleef een van zijn favoriete locaties (The Verdict, Q&A, Guilty as Sin). Andere steeds weerkerende thema's zijn het belang van familierelaties en de corruptie van de New-Yorkse politie, met als hoogtepunt Prince of the City (1981), gebaseerd op een roman van Robert Daley. Dezelfde auteur leverde met Tainted Evidence de stof voor Lumets opus nummer 40 met de omineuze titel Night Falls on Manhattan.

Het begint en eindigt met een tamelijk direct gefilmde instructiebijeenkomst voor jonge officieren van justitie in opleiding. Onder hen bevindt zich de ambitieuze Sean Casey (Andy Garcia), de zoon van een bijna gepensioneerde rechercheur (Ian Holm), die in maatschappelijk opzicht moet bereiken wat zijn vader nooit gelukt is. Als de vader gewond raakt bij de arrestatie van een stuk geteisem, dat eerst drie andere agenten doodt, ziet de hoofdofficier (Ron Leibman) zijn kans schoon op een mediastrelend showproces, waarin de zoon als aanklager optreedt. De advocaat (Richard Dreyfuss), gemodelleerd naar briljante en idealistische strafpleiters als Allan Dershovitz en William Kuntsler, brengt vergeefs de corruptie van de vermoorde agenten in stelling, met als motief zelfverweer tegen een standrechtelijke executie door bad cops die elders meer konden verdienen. Maar de twijfel bij Garcia is gezaaid: zou zijn vader ook corrupt zijn?

Het ingenieuze scenario van Night Falls on Manhattan is opgebouwd uit elementen die we stuk voor stuk waarachtig wel eens eerder gezien hebben. Toch weet Lumet er telkens een originele draai aan te geven, mede doordat hij steeds de overtuiging weet te wekken dat hij weet waar hij over praat, en door zijn bijna dwangmatige nuanceringen van goed en kwaad. Verrukkelijk is Lumets beheersing van het idioom, de mentaliteit en de sfeer van de onderkant van New York. Bijna ontroerend is zijn geloof in rechtvaardigheid, ook in een door en door verrotte samenleving. Zelfs gaat hij niet de realiteit van het wederzijds racisme uit de weg, een gegeven in een uit hechte etnische minderheidsgroepen (Ieren, Italianen, joden, zwarten) opgebouwde stadstaat. In de harde en eerlijke stijl van Lumet wekt ook dat aspect voornamelijk sympathie. Net als bij Woody Allen is het prettig te weten dat er volgend jaar waarschijnlijk weer een nieuwe film van Sidney Lumet zal zijn.

    • Hans Beerekamp