WK-programma stemt hockeyers tevreden

UTRECHT, 18 NOV. De Nederlandse mannenploeg begint het WK hockey, volgend jaar in Utrecht, op donderdag 21 mei met een duel tegen Canada. India, Duitsland en Zuid-Korea zijn de volgende tegenstanders van de selectie van bondscoach Roelant Oltmans. Op 28 mei sluit de olympisch kampioen de voorronde af met een wedstrijd tegen Nieuw-Zeeland.

In de andere poule strijden Australië, Engeland, Maleisië, Polen, Spanje en titelverdediger Pakistan om de bovenste twee plaatsen die recht geven op deelname aan de kruisfinales op zaterdag 30 mei. Twee dagen later staan de finale en de troostfinale op het programma.

De indeling zoals die gisteren in Utrecht bekend werd gemaakt door het WK-organisatiecomité sluit aan op de wens van de nationale selectie. Namens de spelersgroep sprak aanvoerder Stephan Veen onlangs een voorkeur uit voor een wedstrijdprogramma dat de ploeg drie jaar geleden bij het WK in Australië naar de finale leidde. De middenvelder van HGC reageerde gisteren dan ook verheugd op de indeling, die vorige week de goedkeuring kreeg van de internationale hockeyfederatie. “Precies zoals we wilden, een programma waarbij de moeilijkheidsgraad langzaam oploopt. Met Duitsland als eerste topwedstrijd en tot besluit tegen Nieuw-Zeeland, een duel dat normaal gesproken geen problemen mag opleveren.”

Over welgeteld 184 dagen begint het dubbel-WK, de eerste in zijn soort. Een recordaantal van 24 ploegen, afkomstig uit zeventien verschillende landen, doet mee aan het toernooi. De vrouwenploeg van bondscoach Tom van 't Hek stuit achtereenvolgens op Nieuw-Zeeland, Engeland, Zuid-Korea, India en Argentinië. In groep A spelen titelhouder Australië, China, Duitsland, Schotland, Verenigde Staten en Zuid-Afrika.

In dertien dagen worden 84 duels afgewerkt, verdeeld over twee stadions: Nieuw Galgenwaard, de thuishaven van FC Utrecht met een capaciteit van 15.000 zitplaatsen, en het Frockey-stadion, een nog te verrijzen onderkomen aan de overzijde van de Kromme Nieuwe Rijn met 5.000 zitplaatsen.

Als ondergrond in beide stadions koos het organisatiecomité onlangs voor de DD Action Turf L, een kunstgrasveld van nylon polyamid die, zo bleek uit een enquête, de voorkeur heeft van de internationals van tal van ploegen. Aanvankelijk was gekozen voor de DD Sportilux S, een minder snelle maar goedkopere mat die grotendeels uit polypropyleen bestaat. Maar omdat het organisatiecomité een toernooi zegt na te streven waarbij het sportieve belang voorop staat, werd besloten de duurdere variant aan te schaffen. Geschatte kosten: 700.000 gulden per kunstgrasmat.

In Nederland is Den Bosch de enige hoofdklasser die over een dergelijke mat beschikt. Bij het jaarlijkse Hoofdklassetoernooi in augustus werd het veld aan de Oosterplas in gebruik genomen. Spelers en speelsters klaagden na afloop over de gladheid van het nieuwe kunstgras en bondscoach Van 't Hek sprak openlijk zijn twijfels uit over de mat die pas een dag voor het begin van het toernooi was aangelegd. Navraag leerde dat de gladheid veroorzaakt werd door een smeermiddel, dat nodig was om aan de vereiste condities te voldoen. Leverancier Desso uit Oss garandeert een vlekkeloos verloop van het toernooi als het veld voldoende wordt bewaterd en geborsteld.

FC Utrecht speelt op 19 april zijn laatste thuiswedstrijd in de voetbalcompetitie. Een dag later wordt het kunstgrasveld aangelegd. Mocht de club veroordeeld worden tot het spelen van een nacompetitie, dan wijkt de ploeg die de laatste jaren telkens vocht tegen degradatie voor de gelegenheid uit naar een ander stadion.

    • Mark Hoogstad