Geloof op wielen

In de Antwerpse regio is door inwijking het woord 'moskee' een ingeburgerd begrip geworden, want de islam is er de tweede godsdienst. Zo'n moskee is meestal niet meer dan een huis in de rij. We hebben nog nooit gehoord dat inwijkelingen uit Nederland op dat gebied eisen stellen.

Uiteraard kunnen de katholieken terecht in de katholieke kerken, maar tussen de vele verhuizers moeten toch ook gereformeerden en hervormden zitten. Maar, al is het kerkbezoek in België nog iets beter dan in Nederland, ook hier is de neergaande trend niet te stuiten.

Een predikant hier sprak over het vier-wielen-katholicisme: we rijden met de familiewagen naar de doopplechtigheid, met een opgepoetste wagen gaat het later kerkwaarts voor het vormsel, weer later rijdt een oldtimer, boerenkar of koets ter kerke voor de huwelijksviering en de begrafenis tenslotte gebeurt in een gestroomlijnde Buick-lijkwagen. Alles op wielen.

In de Trappistenabdij van Zundert vertelde pater Jan Bomans zaliger over bezoekers die zich meestal beperkten tot twee vragen: “Zijn jullie hier nog met velen?” en “Maken jullie bier of kaas?” Diepere vragen kwamen zelden aan de orde.

Een pastoor zal zijn parochianen niet gauw meer bruuskeren. Dit in tegenstelling met het autoritaire dictaat van weleer. Toen in een parochie net over de grens de pastoor een herderlijke brief moest voorlezen, vond hij de tekst zo dor dat hij meende dit beter na te laten. Hij preekte gewoon en zei bij het slot dat er achterin de kerk een brief lag met het verzoek deze mee te nemen en thuis te lezen. Niemand nam dat herderlijk schrijven mee. De volgende zondag haalde de pastoor fors uit: “Als je de brief niet meeneemt, lees ik hem voor.” En dat hielp.

Ook summiere verzoeken zijn terzake veelzeggend: we lazen in de Ardennen op een bedevaartplaats: “Prière de prier”.

En in een kleine kloosterkapel stond mooi als synthese “Wil de laatste pater het licht uitdoen.”

    • Leo Suykerbuyk