Vroege Mozart bij Opera Zuid

Voorstelling: La finta giardiniera, opera van W.A. Mozart door Opera Zuid. Limburgs Symphonie Orkest o.l.v. Lionel Friend. Regie: Keith Warner. Solisten: Anne Dawson, Jeffrey Lentz, Sandra Zeltzer, Ann Taylor e.a. Gehoord: 15/11, Theater a/h Vrijthof Maastricht. Herhalingen: 18/11 Rotterdam; 20/11 's-Hertogenbosch; 22/11 Sittard; 25/11 Utrecht; 27/11 Tilburg; 29/11 Eindhoven; 2/12 Breda; 4/12 Venlo; 6/12 Heerlen.

In de nieuwe productie van Opera Zuid, Mozarts La finta giardiniera, zijn de zangers op een goed moment aan elkaar geketend. Meer nog dan aan elkaar, zijn echter geketend aan de liefde, of eigenlijk aan de wellustige zoektocht naar de ware. Maar hoe herken je de ware? Voor graaf Belfiore lijkt dat gravin Violante te zijn. Als hij haar echter in een vlaag van jaloezie te lijf gaat - zo zeer dat hij denkt haar te hebben vermoord - zoekt hij zijn toevlucht bij de burgemeester en wordt prompt verliefd op diens nicht, Arminda. De gravin, vermomd als tuinierster, verblijft onderwijl ook bij de burgemeester. Na tal verwikkelingen worden graaf en gravin uiteindelijk liefdevol herenigd en kan de burgemeester tegelijkertijd twee andere huwelijken inzegenen. Voor de nicht blijkt toch Don Ramiro de ware en voor Nardo, de knecht van de gravin, is dat het dienstmeisje Serpetta.

La finta giardiniera (de geveinsde tuinierster) is een minder bekende jeugdopera van Mozart. Tien jaar geleden werd hij al eens in het Holland Festival door de Nationale Opera van Brussel opgevoerd en zeven jaar geleden door Forum Jong. Zowel thematiek als muziek (met enkele prachtige aria's en ensembles) spiegelen Mozarts latere opera's voor, in het bijzonder Le nozze di Figaro, Così fan tutte en Don Giovanni. Maar geen van deze opera's heeft een met La finta giardiniera vergelijkbare draaikolk van verwarrende voorvallen, turbulente momenten en merkwaardige gemoedswisselingen.

En juist met dit gebrek aan een consistente verhaallijn lijkt de Engelse regisseur Keith Warner zich niet goed raad te weten. Weliswaar creëert hij enkele suggestieve beelden, zoals de visuele echo's waarmee de graaf met handboeien en strop een aria van Arminda ondersteunt, maar zijn enscenering is fragmentarisch en schools, en heeft niet die tintelende humor die spreekt uit muziek en tekst. De loopplank op het voortoneel lijkt meer uit nood geboren dan inhoudelijk gemotiveerd. Zo gauw daarop tijdens de ouverture de eerste solist voorbijsnelt, voel je onwillekeurig aan dat alle andere zullen volgen. Warner blijft zijn publiek vrijwel nergens een stapje voor.

Van de solisten zijn het vooral de dames die zich gunstig onderscheiden. Anne Dawson is een vocaal uitstekend toegeruste gravin, Sandra Zeltzer een lekker hanige Arminda. Jeffrey Lentz is een wat kleurloze graaf; de overdadig vibrerende Harry Nicoll als burgemeester viel tegen. Toch mengen deze stemmen alle opvallend goed in de complexe ensembles die in deze opera het muzikale hoogtepunt vormen. De begeleiding door het Limburgs Symphonie Orkest onder leiding van de Engelse dirigent Lionel Friend verliep moeizaam: veel onzuiverheden, ritmisch wankelend en met een orkestrale kleuring als een te vaak gewassen T-shirt.

    • Emile Wennekes