Last embrace

The last embrace (Jonathan Demme, 1979, VS), BBC1, 1.00-2.40u.

De tekst op de achterkant van de videocassette doet alsof Last embrace een doorsnee-thriller is die gewoon kan worden aangeprezen met de clichés uit het doorsnee-filmreclamejargon. “Zijn zwaarste opdracht - misschien wel zijn laatste.” Het is zo'n aanprijzing waarachter zich doorgaans een derderangs-thriller ophoudt, en dat klopt in dit geval niet.

Natuurlijk is het de videohandel van 1979 niet aan te rekenen, dat regisseur Jonathan Demme destijds nog tamelijk onbekend was. Per slot van rekening moesten The Silence of the Lambs en Philadelphia nog komen. Maar ook toen was al te zien dat Last embrace geen derderangs-filmpje was. Zelfs met een rammelend scenario, dat nogal wat vragen onbeantwoord laat, bleek Demme een vakman te zijn die het métier in de vingers had en onderweg met onnadrukkelijke beeldcitaten aantoonde dat hij zijn klassieken kende.

Last embrace gaat over een soort geheim agent, met brandende ogen gespeeld door Roy Scheider, die terugkeert uit de psychiatrische kliniek waar hij werd behandeld nadat zijn vrouw was doodgeschoten, en die vervolgens door zijn opdrachtgever wordt beschouwd als een risicogeval. Die opdrachtgever wil hem onschadelijk maken, maar gaandeweg blijkt er ook nog uit een andere hoek een moord op hem te worden beraamd. Als een eenzame man in the white suit loopt hij door de film, terwijl overal gevaar loert.

Voortdurend zou de kijker in zo'n geval de adem in de keel moeten stokken, maar dat lukt Demme lang niet altijd. Eerlijk gezegd zwalkt het avontuur nogal heen en weer, tussen ironie en werkelijke dreiging, en tussen schietpartijen (met voltreffers in slow motion) en de gevoelens van de hoofdpersoon voor een meisje dat zijn dochter had kunnen zijn. Bovendien moet in de loop van de film ook nog een ietwat omslachtige ontknoping worden voorbereid.

Maar stijl heeft Last embrace, de eerste Demme-film die in de Nederlandse bioscopen kwam, zonder enige twijfel. Dat begint al bij de melodramatische, Hitchcock-achtige muziek van Miklos Rosza en dat zet zich bijvoorbeeld mooi door in alle scènes, waarin de camera langdurig de omgeving aftast voordat we te zien krijgen waar die scène over gaat. Het zal ook voor Demme wel een zware opdracht zijn geweest hier iets van te maken, maar het was gelukkig niet zijn laatste.

    • Henk van Gelder