Europa is verdeeld over Kabila's Congo

In Congo (voorheen Zaïre) kunnen VN-onderzoekers eindelijk aan het werk. De ware toedracht van de moordpartijen onder Hutu-vluchtelingen lijkt echter niemand meer te interesseren. Behalve Frankrijk.

KINSHASA, 17 NOV. Het lang uitgestelde onderzoek van de Verenigde Naties naar massamoorden onder Hutu-vluchtelingen in Congo (ex-Zaïre) kan eindelijk beginnen. De 25 leden van de VN-commissie hebben vandaag een laatste onderhoud met de Congolese autoriteiten in de hoofdstad Kinshasa en hopen daarna te kunnen vertrekken naar het oosten en noordwesten van het land. Alle hindernissen lijken weggenomen. Het resultaat van het onderzoek lijkt minder belangrijk. De Westerse donorlanden, met uitzondering van Frankrijk, willen niet dat er schuldigen worden aangewezen.

“Er zal Realpolitik worden bedreven met het resultaat”, verwacht een diplomaat van een groot Europees land. “De Westerse landen kunnen hun banden met 45 miljoen Congolezen niet verbreken als gevolg van moorden op Hutu-vluchtelingen. Dat zou rampzalig zijn voor dit land. Het is een heel pijnlijk dilemma. Er wordt politiek bedreven met wat een objectief onderzoek zou moeten zijn.”

Tijdens de opstand, eerder dit jaar, van Laurent Kabila's troepen, die steun kregen van Rwandese soldaten, werden volgens ooggetuigen op grote schaal moorden begaan onder ruim 200.000 'vermiste' Hutu-vluchtelingen uit Rwanda. Deze slachtpartijen zouden zijn doorgegaan - in het oosten en ook in het noordwesten - nadat Kabila in mei de macht had overgenomen in Kinshasa. De Verenigde Staten en de Europese Unie stelden medewerking van de nieuwe Congolese autoriteiten aan het VN-onderzoek als één van de drie voorwaarden voor verstrekking van ontwikkelingshulp.

In april werd al tot het onderzoek besloten. Maanden van touwtrekken volgden. “Een internationale samenzwering tegen ons land”, noemde Kabila de commissie. Frankrijk en de VN zouden zijn regime door middel van het onderzoek in diskrediet willen brengen. De landen in de regio steunden Kabila's standpunt. De VN deden een concessie door het omstreden hoofd van de commissie, de Chileen Roberto Garreton, terug te trekken. Hij had al vóór de aanvang van een grondig onderzoek Kabila verantwoordelijk gesteld. De groep onderzoekers arriveerde met een speciaal mandaat van secretaris-generaal Kofi Annan op 1 augustus in Kinshasa. De commissieleden hebben zich sindsdien goeddeels zitten vervelen in Hotel Intercontinental, want ze kregen geen toestemming van de regering het binnenland in te trekken. Totdat eind vorige maand de Amerikaanse diplomaat Bill Richardson een doorbraak wist te forceren. De commissie mag nu officieel haar werkzaamheden aanvangen.

Vrijwel het gehele corps diplomatique in Kinshasa slaakte een zucht van verlichting na het akkoord tussen Richardson en Kabila. Westerse landen, waaronder de VS en Nederland, maken zich nu op om hulp te gaan geven. In Washington werd vorige week op het allerhoogste niveau gewerkt aan een groot hulpprogramma voor Congo. De Westerse landen vinden dat aan de twee andere voorwaarden voor het verstrekken van hulp - democratisering en verbetering van de mensenrechtensituatie - inmiddels is voldaan. “Zolang de regering haar goede wil toont, zullen we daar positief op reageren”, aldus een diplomaat. “Cynisch is wel dat de uitslag van het VN-onderzoek geen rol speelt bij de beoordeling”.

Frankrijk blijkt de uitzondering. “Wij hebben geen enkele haast geld te geven aan dit land”, zegt een Franse diplomaat. “We beschikken nu al over voldoende bewijzen voor massamoord. Verder houdt Kabila zich niet aan zijn beloftes over democratisering en er bestaat hier geen enkel respect voor de rechten van de mens. De landen die hulp gaan geven, zullen daar spijt van krijgen. Het regime van Kabila zal niet lang meer bestaan, er komt een golf van geweld in Congo”.

Binnen de EU bestaat onenigheid over Kabila's Congo. Volgens Frankrijk moet de Congolese regering eerst en volledig aan alle drie de voorwaarden voldoen om in aanmerking te komen voor hulp en dient het resultaat van het VN-onderzoek te worden afgewacht. Om die reden verzette Parijs zich tegen het houden van een speciale donor-conferentie voor Congo begin volgende maand in Brussel. Volgens waarnemers hangt de Franse houding samen met de steun die Parijs tot het allerlaatste moment gaf aan de inmiddels verdreven president Mobutu. “Frankrijk zal er alles aan doen om de regering van Kabila dwars te zitten”, aldus een diplomaat. “Binnen de EU kan dat tot grote problemen leiden”.

De Franse diplomaat verwelkomt het vorige week in New York gepubliceerde rapport van Garreton over de politieke situatie in Congo. In dit uiterst kritische relaas beschuldigt Garreton - die in Congo persona non grata is - de Congolese regering er van “het burgerrecht op leven en vrijheid te hebben geëlimineerd”. De politie en het leger zouden misdaden begaan tegen opposanten en “er bestaan geen mensenrechten of democratie”.

Het Congolese kabinet stelde vorige week een afkeurende verklaring op over het rapport, maar trok deze in na interventie van Kabila, die meende “dat Garreton geen reactie waard is”. Veel diplomaten noemen het rapport uiterst slordig en gebaseerd op informatie van ballingen. Ook binnen de VN-commissie valt twijfel te beluisteren. “Garreton wil kennelijk zijn gram halen, want hij is onder Congolese druk door de VN opzij geschoven als hoofd van onze commissie”, aldus een lid van het onderzoeksteam.

Binnen de VN viert politiek opportunisme kennelijk hoogtij waar het Kabila's Congo betreft. Kan de commissie dan nog wel een objectief rapport samenstellen over de moordpartijen? “Het zal ons niet weerhouden goed werk af te leveren”, antwoordt José Diaz, woordvoerder van de commissie. “Ons onderzoek is de eerste stap in doorbreking van de cyclus van straffeloosheid in de regio. We zijn voorzichtig hoopvol dat het ons lukt”.

Volgens een diplomaat zullen er om politieke redenen geen harde beschuldigingen worden geuit in de conclusie van de commissie. “Er komt een rapport waaruit niet zal blijken dat mensen van het nieuwe bewind opdracht gaven tot de moorden; het verslag zal uitwijzen dat Kabila's mannen slechts marginaal betrokken waren bij de slachtpartijen”. Leden van de Congolese regering ontkennen dat Kabila blaam treft. “De man is geen moordenaar”, zegt een minister die zijn naam niet genoemd wil zien. “Rwandezen hebben het gedaan. Denkt u nu werkelijk dat Rwandese soldaten Kabila toestemming zouden vragen om Hutu's te vermoorden?”

    • Koert Lindijer