Weinreb (5)

Het standpunt van Aad Nuis inzake Weinreb munt uit door redelijkheid, afgewogenheid en integriteit, zo moet de lezer wel oordelen die het betoog van de staatssecretaris in de krant van 5 november heeft gelezen.

Dat wil zeggen - de lezer die zich niet in de Weinreb-affaire heeft verdiept. Want Nuis vertelt niet de hele waarheid, en soms zelfs helemaal niet de waarheid. Om met een voorbeeld van dat laatste te beginnen: Nuis beweert dat de onderzoekers van het RIOD weliswaar aantoonden dat Weinrebs proces niet had gedeugd, maar dat ze deze belangrijke, met Nuis' visie overeenstemmende conclusie niet in de samenvatting van hun Weinreb-rapport hebben opgenomen.

Wie dat rapport bij de hand heeft, kan verifiëren dat deze bewering onjuist is. Van de 53 bladzijden lange samenvatting zijn er maar liefst 20 (blz. 1592-1612) gewijd aan het proces en de gebreken daarvan.

Nuis vertelt dat hij het Weinreb-rapport van het RIOD zorgvuldig heeft bestudeerd. Hij heeft vastgesteld dat de RIOD-onderzoekers zeer partijdig te werk waren gegaan. Ze zouden stelselmatig het slechtste gedacht hebben van Weinreb en het beste van zijn tegenspelers. Het bewijs van verraad door Weinreb zou in geen enkel geval geleverd zijn. Deze bevindingen heeft Nuis neergelegd in zijn geschrift Het monster in de huiskamer. Dit betoog houdt hij nu nog stand. Hij merkt op, dat Grüter in haar dissertatie over Weinreb geen poging doet dat 'gedetailleerde betoog' te weerleggen.

Dit lijkt allemaal heel redelijk. RIOD-onderzoekers komen met een Weinreb-rapport, Nuis analyseert het rapport nauwgezet, hij concludeert dat het rapport “zijn stellige pretenties niet waarmaakt”, Nuis' eigen gedetailleerde betoog wordt niet weerlegd, en we kunnen dus niet vaststellen of Weinreb een verrader was of niet. “Soms zit er niets anders op dan te leven met twijfel”, concludeert Nuis rustig en evenwichtig.

Nuis vertelt er echter iets heel belangrijks niet bij. Anders dan hij suggereert, heeft hij niet het laatste woord gehad in het Weinreb-debat. Na zijn bijdrage is de discussie niet verzand in een onoplosbare twijfel. Want nadat Nuis het 1.700 bladzijden dikke Weinreb-rapport over de hekel had gehaald, hebben de RIOD-onderzoekers een uitvoerige repliek geschreven. Deze reactie, 'Aanvulling op het Weinreb-rapport', verscheen in 1981 als Tweede-Kamerstuk en laat van Nuis 'gedetailleerde betoog' - dat overigens een flinterdun boekje is - geen spaan heel. Punt voor punt, aan de hand van uitvoerige citaten, weten de RIOD-onderzoekers alle aantijgingen van Nuis overtuigend te weerleggen. Zo reageren ze op de beschuldiging dat ze Weinreb zo zwart mogelijk zouden hebben afgeschilderd, onder meer met de volgende passage:“Wij hebben bijvoorbeeld in hoofdstuk 17, waarin de door Weinreb geboden hulp bij onderduiken wordt behandeld, talrijke verklaringen ten gunste van hem zonder meer als juist geaccepteerd. Dat geldt trouwens voor verreweg de meeste ten gunste van Weinreb afgegeven verklaringen, bijvoorbeeld ook voor die afgedrukt achterin Collaboratie en Verzet. In de hoofdstukken 25 en 59 kan men lezen, dat wij zelf enkele mensen opgespoord hebben, die hun overleven mede aan Weinrebs lijsten te danken hebben. Deze gevallen hebben wij in het Rapport zorgvuldig uiteengezet. Het komt ons voor, dat deze voorbeelden niet in het Rapport te vinden zouden zijn geweest, als wij met de door Nuis gestelde onbeschaamde eenzijdigheid te werk waren gegaan.”

Verder tonen zij aan dat Nuis de inhoud van het Weinreb-rapport niet minder dan 16 maal onjuist heeft weergegeven. Die onjuistheden variëren in karakter van kleine of grote onzorgvuldigheden, via duidelijke fouten tot grove verdraaiingen.

Zij concluderen dan ook dat Nuis niet het Weinreb-rapport, maar een door hem zelf vervaardigde karikatuur daarvan heeft bestreden.

Nuis' constatering dat mevrouw Grüter geen poging doet zijn betoog te weerleggen is haast potsierlijk en wijst op de aanwezigheid van een indrukwekkend stel oogkleppen. Mevrouw Grüter hoefde Nuis' 'gedetailleerde betoog' niet te weerleggen. Dat genante betoog was namelijk al meer dan 15 jaar geleden aan flarden gescheurd.

    • Drs. S.M.Burgers