REFUGIA

Was het Amazone-gebied tijdens de laatste ijstijd een savanne-achtig gebied, of niet? Trok het tropisch bos zich terug zodat er slechts een aantal eilandjes van bos, zogeheten refugia, resteerden? De 'refugia-school', waartoe onder andere de Nederlander Van der Hammen behoort, denkt van wel.

Deze school baseert zich onder meer op een precipitatie-kaart, die met huidige neerslaggegevens is samengesteld. Gebieden waar nu meer dan 2500 mm neerslag per jaar valt, zouden tijdens de ijstijd als refugia dienen. Tijdens een ijstijd daalt de jaarlijkse hoeveelheid neerslag met zo'n 25 tot 40 procent. En, savannes komen tegenwoordig voor waar de jaarlijkse neerslag beneden de 1500 mm ligt.

De andere school, waartoe onder andere Colinvaux behoort, beschouwt de refugia-hypothese als onzin. Colinvaux verrichtte een boring in het Pata Meer en vond geen aanwijzingen van een savanne-achtig landschap waar grassoorten overheersen. En bij de monding van de Amazone-rivier, waar sediment uit alle takken van de rivier bezinkt, bleken gemonsterde sedimenten van glaciaal en interglaciaal evenveel graspollenkorrels te bevatten. Volgens Colinvaux is dit een sterke aanwijzing dat het Amazone-gebied ook tijdens de ijstijd bebost is gebleven. Er was geen savanne.

Door het geringe aantal boringen is niet duidelijk welke school gelijk heeft. Tijdens de NWO-Huygenslezing benadrukte zowel Colinvaux als co-referent prof.dr. H. Hooghiemstra dat er ongeveer honderd boringen op goed gekozen plaatsen in het Amazone-gebied nodig zijn om de vraag op te lossen.