Fokker's pensioenfonds

Voor veel oud-werknemers van Fokker kan het faillissement van hun vroegere werkgever een vervelend financieel staartje krijgen. Het pensioenfonds van Fokker komt nog 243 miljoen gulden tekort bij de financiering van alle uitstaande verplichtingen, zo blijkt uit het laatste openbare verslag van de curatoren bij Fokker. Als dit tekort niet uit de opbrengst van de failliete boedel wordt aangezuiverd, zullen veel werknemers dat straks in hun pensioen gaan merken.

Om de claim van 243 miljoen gulden binnen te slepen, moet het pensioenfonds van Fokker een hard juridisch gevecht leveren. Belangrijk element daarin is de plaats die het pensioenfonds (waar 20.000 ex-werknemers bij zijn betrokken) weet te veroveren op de ranglijst van schuldeisers.

De curatoren hanteren verschillende verdedigingslinies tegen de claim van het pensioenfonds. Om te beginnen betwisten de curatoren “de vertegenwoordigingsbevoegdheid van het fonds” - een gebruikelijke verdedigingstaktiek bij dit soort kwesties. Daarnaast zeggen de curatoren “geen enkel inzicht (te hebben) in de berekeningswijze van de vordering”, terwijl ze het tegelijkertijd niet eens zijn met “de grondslag van enige affinancieringsverplichting”.

Mocht dat allemaal niet voldoende zijn om de rechter te overtuigen, dan hebben de curatoren nog een laatste argument dat alle anderen overbodig moet maken: “Gezien de waarde van de beleggingen van het Fonds [zijn zij] van mening dat het Fonds ook thans in staat moet zijn alle pensioentoezeggingen zonder meer na te komen”. Kortom: of de hoogte van het geclaimde tekort nu wel of niet terecht is, het pensioenfonds is nog steeds rijk genoeg om aan alle huidige en toekomstige verplichtingen te voldoen.

Waar bestaat de claim van 243 miljoen gulden van het Fokker-pensioenfonds uit? Het grootste deel heeft te maken met de manier waarop de pensioenregeling bij Fokker werd gefinancieerd. Evenals bij de meeste Nederlandse bedrijven keerde het Fokker-pensioenfonds een aanvullend pensioen uit op basis van het laatst verdiende salaris. Omdat de premieheffing plaats heeft gedurende de loopbaan (als het salaris nog wordt opgebouwd), wordt er in feite te weinig pensioenpremie geheven. Enkele pensioenfondsen - waaronder Fokker - financierden dit verschil (backservice geheten) achteraf: daarbij gaan de fondsen ervan uit dat de beleggingsopbrengsten op ingelegde premiegelden daarvoor voldoende zijn.

Als de onderneming failliet gaat breekt de premiestroom af, terwijl toekomstige verplichtingen nog niet volledig zijn gedekt. Enkele jaren geleden kwam het pensioenfonds van Daf, de truckfabrikant die tenonder ging en in een andere rechtspersoon herrees, al om dezelfde reden in de problemen. Het pensioenfonds van het 'oude' Daf heeft een gerechtelijke procedure aangespannen tegen de curatoren om de backservice ter waarde van 107 miljoen gulden uitbetaald te krijgen.