De wederkomst van Elia

Hulde voor de wijze waarop Maarten 't Hart de Bijbel leest en ontleedt. Iedere (niet-) christen zou daarvan kunnen leren. En wie de Bijbel van begin tot eind kritisch leest, komt net als Maarten 't Hart op een gegeven moment de tegenstelling tegen tussen enerzijds Mattheus 11: 12-14, waarin Jezus bevestigt dat Johannes de Doper Elia is, en anderzijds het Evangelie van Johannes 1: 19-21 waarin Johannes de Doper ontkent Elia te zijn.

Toch denk ik dat deze raadselachtige tegenspraak, door Maarten 't Hart in zijn column van 7-11 'het grote, onoplosbare mysterie' genoemd, eenvoudig op te lossen is. Of men nu wel of niet in mystiek gelooft, het lijkt mij in dit verband namelijk interessant te citeren wat de Oostenrijkse mysticus Jakob Lorber (1800-1864) daarover schrijft in zijn elfdelige Het grote Johannes Evangelie. In deel een, hoofdstuk vijf, alinea negen staat het volgende te lezen: 'De oorzaak van de ontkenning van Johannes ligt daarin, dat Johannes zich hier alleen de naam wil geven die past bij zijn huidige taak en niet die bij zijn eerdere taak paste, toen hij als Elia op aarde was. Elia moest straffen en de Moloch vernietigen; Johannes moest echter oproepen tot juiste boetedoening, de vergeving der zonden verstrekken door de doop met het water en op deze wijze voor Mij (Jezus) de weg bereiden. En overeenkomstig dit werk gaf hij zich dan ook uit voor wat hij nu daadwerkelijk was.

    • A. van den Berg Rotterdam