Ambassadeurs terug; Diplomatieke crisis EU en Iran opgelost

BRUSSEL, 14 NOV. De ambassadeurs van de lidstaten van de Europese Unie keren naar Iran terug. Daarmee komt een einde aan een conflict tussen Iran en de EU dat begin april begon.

De EU-lidstaten hebben hun eis laten vallen dat alle Europese ambassadeurs tegelijk in Teheran welkom moesten zijn. Iran, dat voorlopig geen Duitse ambassadeur wilde ontvangen, heeft er nu mee ingestemd dat deze een week na zijn Europese collega's naar Iran reist.

Minister van Buitenlandse Zaken Poos van Luxemburg, dat op het ogenblik het voorzitterschap van de EU heeft, maakte gisteren bekend dat dertien EU-ambassadeurs naar Iran vertrokken. Gezichtsverlies van de EU heet te zijn voorkomen doordat niet alleen de Duitse ambassadeur, maar ook diens Franse collega pas op 21 november naar Teheran gaat. Bovendien heeft de EU Iran laten weten dat zodra mocht blijken dat de Duitse ambassadeur wordt gediscrimineerd, alle EU-ambassadeurs opnieuw uit Teheran worden teruggetrokken.

De meeste Iraanse ambassadeurs zijn gisteren naar de Europese hoofdsteden vertrokken. Alleen de Iraanse ambassadeurs in Bonn en Parijs gaan volgende week naar hun posten terug.

Het conflict begon begin april toen de EU-ministers van Buitenlandse Zaken besloten hun ambassadeurs “voor overleg” naar de Europese hoofdsteden terug te roepen uit solidariteit met Duitsland. Aanleiding daartoe was het vonnis van een Berlijnse rechtbank, waarin bewezen werd geacht dat de moorden in 1992 in Berlijn op vier Koerden in opdracht van het toenmalige Iraanse leiderschap zijn gepleegd. Toen de EU-ministers enkele weken later besloten hun ambassadeurs naar Iran te laten terugkeren, meldde Teheran dat de Duitse en de Deense ambassadeur voorlopig niet welkom waren. Denemarken had gepleit voor hardere maatregelen tegen Iran. Met grote moeite werd toen de eenheid van de EU behouden. Uit solidariteit met vooral Duitsland werd besloten dat de ambassadeurs van de andere EU-lidstaten toch niet naar hun post terugkeerden. Daarna ontstond een patstelling die ondanks herhaalde verzoeningspogingen niet doorbroken kon worden. De druk om naar een oplossing te zoeken was groot, omdat landen als Duitsland, Frankrijk en Italië grote economische belangen in Iran hebben.

Iran reageerde aanvankelijk honend op de opstelling van de EU. De toenmalige Iraanse president Rafsanjani veronderstelde in april dat de EU-ambassadeurs zich zouden verontschuldigen en nederig naar Teheran zouden terugkeren. De Luxemburgse minister van Buitenlandse Zaken Poos deed eind juli een vergeefse poging om de kwestie op te lossen. Hij ging ervan uit dat de installering van de nieuwe Iraanse president Khatami zou leiden tot verandering van opstelling van diens land. Maar hij moest toen “met spijt” vaststellen dat Teheran weigerde te voldoen aan de EU-voorwaarden voor terugkeer van de ambassadeurs.

Brusselse diplomaten zeggen dat het overeengekomen compromis in elk geval betekent dat Iran zich heeft moeten realiseren dat het niet is gelukt om de EU-lidstaten uit elkaar te spelen. Er heeft wel constant verdeeldheid gedreigd. Met name Italië en Griekenland hadden moeite om zich aan de EU-lijn te houden. Diplomaten zeggen dat de nu gevonden oplossing voor het conflict “kinderachtig” lijkt, maar dat dit niet te voorkomen is als twee partijen uit een situatie moeten komen waarbij ze beide van geen wijken willen weten.

    • Ben van der Velden