'Wij eisen opheffing van de sancties'; Irak gelooft dat het niets te verliezen heeft

Irak toont zich nauwelijks onder de indruk van de nieuwe sanctie die de Veiligheidsraad heeft afgekondigd om het Iraakse leiderschap tot rede te brengen. “Niets kan erger zijn dan de blokkade die ons is opgelegd.”

ROTTERDAM, 13 NOV. Minuten na de eenstemmige aanvaarding door de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties van de eerste sancties tegen Irak sinds het einde van de Golfoorlog in 1991 hebben Iraakse leiders gisteravond de desbetreffende resolutie even eenstemmig “veroordeeld en verworpen”. De Amerikaanse VN-ambassadeur, Bill Richardson, sprak van “een ultimatum dat Irak onmiddellijk moet opvolgen”. Maar vice-premier Tareq Aziz zei dat de resolutie “Irak niet bang maakt”.

De snelle Iraakse reactie maakt duidelijk dat Bagdad inderdaad nog lang niet van plan is in te binden in zijn confrontatiepolitiek jegens de ontwapeningscommissie van de VN, UNSCOM - voor wie daaraan twijfelde. Iraakse leiders en media hebben er immers de laatste dagen geen enkel misverstand over laten bestaan dat Bagdad het gelijk aan zijn zijde heeft en niet van plan is toe te geven. “We hebben geen ander alternatief dan onze rechten te verdedigen”, aldus minister van Buitenlandse Zaken Mohammed Said Sahaf. “Het gaat om de sancties die Irak meer dan zeven jaar geleden zijn opgelegd. Wij eisen opheffing van die sancties.”

Amerikaanse regeringsfunctionarissen wijzen tevreden op de eenstemmigheid van gisteren in de Veiligheidsraad. Het nu afgekondigde reisverbod voor Iraakse functionarissen is echter het minste dat de Raad kon doen. In twee resoluties, 1115 en 1134, respectievelijk van 21 juni en 23 oktober, werd Irak zo'n reisverbod al in het vooruitzicht gesteld als het zijn (toen nog incidentele) obstructie tegen UNSCOM niet zou staken.

En de Iraakse president Saddam Hussein is toch al niet zo'n reiziger. “Ze denken dat wij een reisverbod vrezen”, aldus minister Sahaf, “maar ze vergissen zich want niets kan erger zijn dan de blokkade die ons is opgelegd.” Frankrijk en Rusland hebben bovendien meteen de eenstemmigheid ondergraven met de mededeling dat de “ernstige maatregelen” die Irak bij niet-naleving in het vooruitzicht worden gesteld, wat hen betreft geen militair geweld kunnen omvatten.

Irak is van het begin af aan een bijzonder lastige klant geweest van UNSCOM, die na de Golfoorlog in 1991 tot taak kreeg toe te zien op de ontmanteling van de Iraakse massavernietigingswapens en de installatie van een controlemechanisme. Met alle middelen hebben de Iraakse autoriteiten geprobeerd zoveel mogelijk te redden van de nucleaire, chemische en biologische wapens en ballistische raketten die Saddam Hussein in de jaren zeventig en tachtig zo naarstig bijeen had gesprokkeld om Irak en hemzelf tot Arabisch leiderschap en misschien nog meer te verheffen.

De Iraakse obstructie ging van het achterhouden van documenten tot en met het (kortstondig) gijzelen van VN-inspecteurs, en Bagdad dreef de Veiligheidsraad daarmee ook enkele malen tot boze (verbale) reacties. Vervolgens dreef de bui dan wel weer over, en ging het een tijdje goed. Maar de huidige crisis is fundamenteel verschillend. Ditmaal gaat het niet om een reeks kleinere of grotere incidenten die achteraf door Bagdad kunnen worden weggepraat of gerechtvaardigd en vervolgens vergeten. Ditmaal heeft het Iraakse leiderschap een ingrijpend eisenpakket ingediend om een eind te maken aan wat wordt gezien als de Amerikaanse overheersing van UNSCOM en vast uitzicht te krijgen op opheffing van het internationaal handelsembargo, wat volgens Bagdad nu door de VS wordt geblokkeerd. En dat maakt het nu heel wat moeilijker een oplossing te vinden.

De VS voeren aan dat Irak niets te winnen heeft bij de huidige crisis, maar Bagdad gelooft dat het niets te verliezen heeft. Wat kan zelfs Amerikaans militair geweld het Iraakse regime schaden? Een regime dat, zoals het niet moe wordt te verkondigen, een aanval van 33 landen heeft overleefd? “We moeten kiezen tussen opoffering en slavernij”, aldus Saddam Hussein drie dagen geleden in een commentaar op een schriftelijke poging van VN-secretaris-generaal Kofi Annan hem tot rede te brengen. Irak heeft volgens hem voorbeeldig met UNSCOM samengewerkt en aan alle ontwapeningseisen voldaan (wat Bagdad overigens al enkele jaren pretendeert). “Maar dit pad heeft ons geen enkel resultaat gebracht. En er bestaat niet de minste hoop dat het ons alsnog enig resultaat zal opleveren. Niemand kan echter zeggen dat dit nieuwe pad tot niets zal leiden.”

Saddam heeft daarin in zekere zin gelijk: het zit er op afzienbare termijn niet in dat het handelsembargo tegen Irak wordt opgeheven. UNSCOM is er zeker van dat Irak ten minste nog een groot biologisch-wapenprogramma verbergt, en kan de Veiligheidsraad dus niet het groene licht geven voor opheffing van het embargo. Daarnaast hebben Amerikaanse leiders in het verleden althans de indruk gewekt dat zij opheffing van het embargo met een veto zullen blokkeren zolang Saddam aan de macht is - en dat beoogt hij nog lang te zijn. Dus: wat heeft hij te verliezen?

De internationale constellatie heeft Saddam zonder twijfel aangemoedigd op zijn nieuwe pad. De vroegere anti-Iraakse coalitie is allang uit elkaar gevallen. Frankrijk en Rusland, die beide grote economische belangen in Irak hebben, propageren al jaren versoepeling van de sancties tegen Irak. De tegenwoordige Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken, Madeleine Albright, beschuldigde vorig jaar als VN-ambassadeur Frankrijk er al van “een brute dictator” te steunen.

Daarbij komt de huidige diepe impopulariteit van de VS in het Midden-Oosten als gevolg van de impasse in het Arabisch/Palestijns-Israelische vredesproces. Israel krijgt alle schuld van de impasse; Washington wordt verweten het harde Israelische beleid te sanctioneren. Ook vorig jaar september, toen de VS voor het laatst (eenzijdig) militair geweld tegen Irak gebruikten, was de Arabische reactie afkeurend. Maar het is de VS - ondanks zware druk - nu niet eens gelukt hun bondgenoten Egypte en Saoedi-Arabië te bewegen tot het zenden van een delegatie naar de komende grote internationale economische conferentie in Qatar die is bedoeld om het vredesproces economisch te schragen. Op zo'n moment is steun voor de VS tegen de Arabische broeder Irak ondenkbaar. Waarom zou Irak resoluties moeten uitvoeren, en Israel niet?

Maar in elk geval zijn de Irakezen overal klaar voor. Zoals de officiële krant Al-Jumhuriya schrijft: “De klokken van redding, vrijheid, nationale waardigheid en pan-Arabische trots luiden, en Bagdad staat weer op.”

    • Carolien Roelants