Provincie China hoopt op hulp Rusland

De Russische president Jeltsin brengt een bezoek aan de Chinese provincie Heilongjiang. De provincie hoopt door het grote buurland, dat al zo lang een rol speelt in het gebied, geholpen te worden.

HARBIN, 12 NOV. “Dat is typisch”, zegt een man langs de kant van de Straat van de vriendschap, na een uur wachten. “Jeltsin komt naar Harbin en de mist is over Heilongjiang neergedaald.” Hij staart in de lucht in afwachting van het belangrijk bezoek. “We hebben in geen twintig jaar zulke hooggeplaatste politici hier gehad”, zegt een ander. “Dat mag wat betekenen...” Gaat het weer goed met de regio of is de komst van de Russische president niet meer dan een echo uit een ver verleden?

De meesten houden het op het laatste, want China's oostelijkste provincie Heilongjiang verkeert in crisis. Het waren de Russen die hier in de jaren vijftig ingenieurs naar stuurden en grote staal- en autofabrieken bouwden. Maar wat ooit het toonbeeld was van socialistische planindustrie - buiten Shanghai zelfs de rijkste geïndustrialiseerde zone van China - is nu een wanhopige vesting van gesloten fabriekspoorten, massale werkloosheid en toenemende ontevredenheid. De gezichten van de wachtende menigte, die door massaal op de been gebrachte militairen en politiemannen op de trottoirs wordt gehouden, lijken allemaal hetzelfde te zeggen: aan wat of wie heeft Harbin het bezoek van de Russische president te danken?

Volgens een persvoorlichter van de president, heeft de komst van Jeltsin wel degelijk met het verleden te maken. Harbin was in de jaren na de Russische revolutie in 1917 en de Japanse bezetting van de stad in 1932, qua bevolkingsaantal verreweg de grootste Russische stad buiten de Sovjet-Unie. Anti-communistische Russen vluchtten massaal naar de stad in China die zij als de hunne beschouwden. In 1896 verwierf Tsaristisch Rusland doormiddel wat in China bekend staat als één van de 'ongelijke verdragen', de rechten voor de aanleg van een spoorlijn over Chinees grondgebied, via Harbin naar Vladivostok. En vanaf die tijd ontwikkelde het vissersdorp langs de Songhua rivier zich tot een bruisende Russische stad.

Op veel plaatsen in Harbin is iets uit die tijd bewaard gebleven wat op wonderbaarlijke wijze de botte slopershamer van de Culturele Revolutie en die van het huidige tijdperk van de meedogenloze vernieuwing, heeft ontlopen. De orthodoxe kerk, de smalle straten met klinkers en aan weerszijden daarvan de oude statige huizen, die in het gele licht dat tegen de avondmist weerkaatst, bijna doen geloven dat je in een negentiende eeuwse binnenstad in Europa loopt. Maar ook de recentere Russische betrokkenheid heeft zijn sporen achter gelaten in de stad. Zoals het Stalinpark aan de oevers van de Songhua rivier, de sombere hoogbouw en de vele roestige fabrieken, met Russische hulp opgezet in een tijd van verbroedering, voordat Peking en Moskou met elkaar in de clinch raakten over het leiderschap van de communistische wereld.

Waarschijnlijk zijn de gesloten fabriekspoorten de belangrijkste reden voor alle ophef rond het kortstondig bezoek van de president aan de provinciehoofdstad. De zenuwachtige blikken van de plaatselijke politie, het jachtig op en neer gescheur van hun auto's en de vele 'regels ter controle van de openbare veiligheid' (zelfs het staren vanachter de ramen van huizen langs de plaatsen die de president aandoet is verboden), is allemaal te verklaren. Hoe je het went of keert, zo lijkt de conclusie van het communistisch leiderschap van de provincie, hulp voor Heilongjiangs falende economie komt eerder uit Moskou dan uit Peking.

Jeltsin gebruikte een flink deel van de dag gisteren voor overleg met de gouverneur van de provincie en drie van diens collega's aan de andere zijde van de grens aangaande economische samenwerking. Het avondjournaal van Heilongjiang meldde geen concrete vooruitgang, maar een hoop “goede wil”. Russische bedrijven zouden overwegen samen te werken met Chinese staatsbedrijven in de noordoostelijke provincie en er zou, ter bevordering van de grenshandel, sprake zijn van plannen voor de aanleg van een brug over de Amoer of Heilongjiang rivier nabij Blagoveschchensk. De Russische president sprak veel bemoedigende woorden en zei “buitengewoon gelukkig” te zijn dat de economische betrekkingen tussen Rusland en China, goed voor een schamele 4,2 miljard dollar tot dusver dit jaar, “goede vooruitzichten bieden” voor groei. Een vierde meereizende Russische gouverneur, Yevgeny Nazratenko van de Pacifische kustregio, was niet bij het overleg in Harbin aanwezig, naar verluidt wegens zijn afwijzende en compromisloze houding ten aanzien van het maandag in Peking overeengekomen grensverdrag. Niet iedereen wenst toenadering tussen beide landen.

De vice-gouverneur van Heilongjiang, Ma Guoliang, luidde begin vorige maand tijdens een gesprek met een Chinese krant de noodklok en maakte openbaar dat aan twintig procent van het acht miljoen koppige werkzame deel van de bevolking van de provincie geen loon meer kan worden uitbetaald. Hij waarschuwde dat de kolenmijnindustrie, het leger en bosbouwbedrijven de komende twee jaar tweederde van hun staf zouden moeten ontslaan om winstgevend te kunnen blijven. In Harbin, met een inwonertal van vijf miljoen en vierduizend grote staatsbedrijven, zou overeenkomstig officiële gegevens dertig procent van de 900.000 arbeiders op straat zijn gezet. Volgens anderen zijn dat er twee keer zoveel, 600.000 mensen, omdat zeventig procent van de staatsfabrieken in de provinciehoofdstad inmiddels bankroet zou zijn gegaan.

Zeker is dat in de fabriekswijken van Harbin een uitgesproken passieve en verslagen sfeer hangt. Arbeiders staan op de hoeken van de straten, met houten borden aan hun voeten, waarop zij zichzelf en hun specifieke vakmanschap aanprijzen. En achter vele fabriekspoorten heerst een onnatuurlijke rust. Uitgewerkt, stilgelegd en weg geconcurreerd door efficiënte moderne fabrieken in het zuiden van China, die de last van gegarandeerde lonen, woningen, medische zorg en scholing niet langer hoeven te dragen.

Dat Rusland uitkomst zou kunnen bieden gelooft niemand, meent een voormalige draaibankwerker die nu zijn dagen slijt in de koude lucht als fruitverkoper langs één van Harbins grauwe straten. Hij kent de Russen alleen van de Volksmarkt, waar Russische handelaren dagelijks Chinese goederen opkopen. En dat zijn volgens de fruitverkoper niet de mensen waar Heilongjiang op kan vertrouwen. “Ze stinken”, zegt hij. “Sommigen zijn wel slim - ze weten meer van vliegtuigen en raketten dan wij - maar degenen die hier komen, dragen nergens toe bij. Ja, ze slepen onze markten leeg.” En wel voor vijfhonderd miljoen yuan (125 miljoen gulden) in 1996, volgens Chinese gegevens.

Op het beurskantoor van Harbin, waar een hal vol Chinezen hangend vanuit hun klapstoelen de koersontwikkelingen op de effectenbeurs van Shanghai en Shenzhen volgen, wordt hartelijk gelachen om de gedachte dat Rusland Heilongjiang structurele economische hulp kan bieden. “Rusland is dit...”, zegt een jonge effectenhandelaar terwijl hij zijn pink opsteekt, hetgeen Chinees is voor 'daar kijk ik op neer'. “Ik zou er niet raar van opkijken als met het bezoek van Jeltsin de koersen dalen”, zegt hij met een grijns. “Kijk Bill Clinton. Dat is anders, als Clinton naar Harbin komt, dan doen we pas zaken.”

    • Floris-Jan van Luyn