Jan Hovers verlaat Stork; 'Océ is jeugdliefde'

ROTTERDAM, 12 NOV. “Océ valt voor mij in de categorie jeugdliefdes”, bekent topman dr. Jan Hovers van Stork. “Er is veel veranderd, maar ik ben het bedrijf altijd met een meer dan gemiddelde interesse blijven volgen en ik heb er nog veel vrienden.” Per 1 mei volgend jaar keert de huidige bestuursvoorzitter van Stork terug naar kopieerreus Océ in Venlo waar hij zijn vroegere baas J. Pennings opvolgt als eerste man.

Hovers (54) werkte direct na zijn studie econometrie al van 1967 tot 1976 bij het Limburgse bedrijf. Bij Stork heeft Hovers vervolgens 14 jaar gewerkt waarvan 8 jaar als bestuursvoorzitter.

Of zijn overstap naar Océ een promotie is, laat Hovers in het midden. “Beide ondernemingen spelen in dezelfde categorie, zowel Stork als Océ zijn unieke industriële bedrijven met technologische raakvlakken en beide zijn mondiaal georiënteerd. Alleen de mix is wat anders. Océ maakt wat meer winst; Stork heeft wat meer werknemers”, licht Hovers toe. “Na negen jaar is het ook voor Stork goed. Niet vertrekken had nog acht jaar blijven betekend, dat wordt toch wel lang. Dit is een mooi moment om te veranderen, zeker als deze kans zich voordoet.”

Hovers kwam in '83 als financiële man bij Stork binnen na eerst nog enige tijd bij DSM te hebben gewerkt. Mede onder zijn leiding is Stork drastisch omgevormd. Het is allang niet meer uitsluitend een conjunctuurgevoelige machinebouwer. Rode draad in Hovers' beleid is de laatste jaren: installed base management, het onderhouden, verbouwen van door Stork zelf of door anderen te leveren machines en installaties en het maken van componenten daarvoor.

Hovers kan met zijn onmiskenbaar Limburgs accent een bijna wetenschappelijk betoog over Storks bedrijfsfilosofie houden. Strategie en lange-termijnvisie vindt hij heel belangrijk maar niet zaligmakend. “Natuurlijk moet je ook een lange termijnvisie hebben als onderneming. Maar dat is steeds meer een moving target. Onderzoek toont aan dat bedrijven die de meeste successen behalen op de korte termijn ook het langst overleven.” Hovers' adagium: 'Doe alleen waar je uniek in bent en ontdoe je van activiteiten die afremmen'. De toekomstige topman van Océ verwacht dat hij bij zijn nieuwe werkgever ook voor belangrijke strategische keuzes komt te staan. Die zijn onder meer ingegeven door de snel veranderende wensen van de klanten. “Klanten willen geen kopieerapparaten meer, maar complete oplossingen voor kopieëren, printen etc.”

Bij een groter publiek werd Hovers eigenlijk pas vorig jaar bekend toen Stork uit de failliete boedel van Fokker het onderhoudsbedrijf en de componentendivisie, gebundeld in Fokker Aviation, overnam. Stork was ook bij vrijwel alle doorstartplannen van de vliegtuigbouwer zelf betrokken. Van sommige kanten is Stork verweten zo'n doorstart te hebben geblokkeerd. Hovers heeft zich steeds tegen die visie verweerd. Volgens hem was met name het laatste plan, een Fokker II samen met o.a. Maleisië, niet goed onderbouwd. “De Malesiërs zijn zelfs nooit maar in de buurt gekomen van een serieuze propositie”, kijkt Hovers erop terug. Kritiek was er ook op zijn dubbelrol: aan de ene kant commissaris van Fokker en als Stork-topman een van de eerste gegadigden voor de wel winstgevende delen van de vliegtuigfabriek.

Stork heeft de 50-jarige A. Veenman benoemd tot nieuwe bestuursvoorzitter. Hij is al sinds 1990 lid van de raad van bestuur.

    • Ben Greif