Vier ton voor behoud Leidse kunstcollectie

LEIDEN, 11 NOV. Het Prentenkabinet van de Rijksuniversiteit Leiden krijgt 420.000 gulden voor het behoud van zijn collectie prenten, tekeningen en fotografie. Dit staat in een recent verschenen rapport van de universiteiten van Leiden, Amsterdam, Groningen en Utrecht.

In het rapport wordt de verdeling beschreven van de twaalf miljoen gulden die staatssecretaris Nuis (cultuur) in februari van dit jaar aan de universiteiten beschikbaar stelde voor het onderhoud van hun wetenschappelijke collecties.

De daadwerkelijke toekenning van het geld zal afhangen van het besluit dat het College van de Bestuur van de Leidse universiteit binnenkort moet nemen over het handhaven van de collectie binnen de muren van de universiteit.

Het Prentenkabinet bezit de enige universitaire kunstcollectie in Nederland die onbeperkt toegankelijk is voor onderwijs en onderzoek. Het College van de Leidse universiteit baarde in juni van dit jaar opzien met zijn verzoek aan het Instituut Collectie Nederland (ICN) de mogelijkheid van afstoting van de collectie te onderzoeken. Het rapport van het ICN wordt voor het eind van deze maand verwacht. Het besluit over de toekomst van het Prentenkabinet zal binnen een tot twee weken na ontvangst worden genomen, aldus een woordvoerder van de universiteit.

De fotocollectie van het Leidse Prentenkabinet en het eraan verbonden studie- en documentatiecentrum worden de laatste weken veelvuldig genoemd als basis van een mogelijk nieuw fotomuseum. De oprichting van een dergelijk museum is voorzien in het legaat van 22 miljoen gulden dat de oud-hoogleraar en amateurfotograaf H.W. Wertheimer recent naliet aan het Prins Bernhard Fonds.

De collectie van het Prentenkabinet omvat ruim 100.000 foto's die een gedetailleerd overzicht bieden van de geschiedenis van de Nederlandse fotografie. Ook de amateurfotografie die door Wertheimer in zijn testament expliciet als mede-begunstigde is genoemd, is er rijkelijk in aanwezig.

Ingeborg Leijerzapf, conservator fotografie en waarnemend hoofdconservator van het Prentenkabinet, zegt momenteel niets te zien in de mogelijkheid haar collectie voor het fotomuseum in te zetten. “Ik wil de collectie in haar huidige vorm, en dus verbonden aan de universiteit, behouden voor onderzoek en onderwijs,” zegt zij.

Daarnaast wijst ze erop dat het nu beschikbaar gekomen geld voor het onderhoud van de collectie binnen een niet-universitaire samenhang hoogstwaarschijnlijk niet besteed kan worden.

Leijerzapf: “In dat geval zou de winst van het legaat voor ons een verlies betekenen. Zoiets lijkt me nogal strijdig met Wertheimers bedoeling de fotografie te bevorderen.”

    • Eddie Marsman