Top Mitsubishi weg om afpersing

TOKIO, 11 NOV. De Japanse politie is vandaag begonnen met huiszoekingen bij electronicaproducenten Mitsubishi en Toshiba op verdenking van het afbetalen van afpersers, de zogenoemde sokaiya. Gisteravond arresteerde de politie al twee topfunctionarissen van beide bedrijven op dezelfde aanklacht.

Mitsubishi Motors maakte vandaag bekend dat de president en voorzitter van het bedrijf zullen aftreden wegens de kwestie. De getroffen Mitsubishi-groep behoort tot de 'adel' van het Japanse bedrijfsleven, met als kern de grootste bank van het land: de Tokyo-Mitsubishi Bank.

De arrestaties zijn deel van een schandaal rond de eveneens gearresteerde sokaiya Terubo Tei, waarvoor eind vorge maand al vier werknemers van autoproducent Mitsubishi Motors zijn opgepakt. Premier Ryutaro Hashimoto noemde de kwestie vandaag “beschamend”.

Het schandaal rond sokaiya Tei is het tweede grote schandaal rond banden tussen onderwereld en bedrijfsleven dat dit jaar aan het licht is gekomen. In de eerste helft van het jaar arresteerde justitie een twintigtal medewerkers van de vier grote Japanse effectenhuizen en de Dai-Ichi Kangyo Bank wegens afbetalingen aan de eveneens gearresteerde afperser Ryuichi Koike. Het huidige schandaal rond Terubo Tei concentreert zich rond de electronica-industrie en de verwachting is dat meer bedrijven bij de zaak betrokken zullen blijken.

In een derde affaire heeft de politie afgelopen week drie voormalige medewerkers gearresteerd van de Hanwa Bank, een regionale bank die in november 1996 failliet is gegaan. Justitie verdenkt de drie mannen ervan geld te hebben geleend aan criminelen - verwant aan het grootste yakuza-syndicaat van Japan - om daarmee een reeks negatieve publicaties over de bank tegen te gaan. De topfunctionarissen, waaronder een 70-jarige voormalige president van de bank, zouden hebben geweten dat het geld niet zou worden terugbetaald.

Negatieve publicaties in omloop brengen is een van de standaardmethoden van sokaiya om bedrijven af te persen, naast het dreigement om lastige vragen te stellen op de jaarlijkse vergadering van aandeelhouders.