Ruzie over tarief staaroperaties

Vijftig miljoen gulden stelde minister Borst (Volksgezondheid) vorig jaar december beschikbaar om wachtlijsten voor staaroperaties, knie- en heupoperaties en open-hartoperaties te verkorten. De ziekenhuizen en specialisten dienden daarop voor honderd miljoen gulden aan plannen in.

In juni honoreerde Borst alle 10.234 aanvragen voor cataractoperaties. Voor de orthopeden was er geld voor 1.679 extra heup- en 759 knieoperaties (50 procent). Van de aanvragen voor extra open-hartoperaties en dotterbehandelingen honoreerde de minister een relatief klein deel: 251 operaties en 74 dotterbehandelingen.

De minister betaalt voor de extra operaties een aangepast tarief. Dit is lager dan het normale omdat, zoals zij in de Kamer verklaarde, de vaste kosten van het ziekenhuis al in het reguliere budget zijn verrekend. Voor de tarieven van de medisch-specialisten geldt dat door middel van de gewone tarieven al in de bedrijfskosten is voorzien: de extra operaties leveren extra inkomen op.

Bijna een half jaar later ligt de uitvoering van het programma voor de extra hartoperaties en dotterbehandelingen op schema en is dat van de orthopeden in veel ziekenhuizen al een eind op streek. Bij de oogartsen is men nog niet zover: in een aantal ziekenhuizen worden er wel al extra cataractoperaties uitgevoerd, maar in veel ziekenhuizen nog niet.

De oorzaak is een verschil van mening met Borst over de tarieven. Net als veel orthopeden wenst het Oogheelkundig Gezelschap, de beroepsvereniging van oogartsen, meer geld per operatie: ze willen het gewone tarief kunnen hanteren. Het overleg daarover met de minister is nog steeds niet afgerond. Op verschillende plaatsen passen ziekenhuizen inmiddels de extra kosten bij, elders nemen oogartsen genoegen met het lagere tarief en voeren 'per zitting' gewoon de toegekende extra operaties uit.