Ontslagen coach Hoekstra weerspreekt kritiek wielrensters

ZWOLLE, 11 NOV. Piet Hoekstra, ex-bondscoach van de Nederlandse wielervrouwen, heeft de stilte doorbroken. “Als je geschoren wordt, moet je stilzitten. Anders word je gesneden”, aldus de Fries, die gisteren in Zwolle voor het eerst reageerde op de belastende brief van vijf rensters die hem uiteindelijk zijn baan als bondscoach kostte.

De rensters verweten hem ongemotiveerd te zijn, niets van trainingsbegeleiding te weten en slechte communicatie. Bovendien zou Hoekstra dronken achter het stuur van de ploegleidersauto hebben gezeten. “Ik draag het stempel van dronkelap mee tot in mijn graf. Alles is enorm aangedikt. Ze hebben me willen naaien, anders kan ik het niet uitdrukken.”

Hoewel de zaak inwendig aan de anders zo nuchtere Fries vrat, hield hij zich op advies van zijn advocaat wekenlang stil. “De rensters realiseren zich niet wat ze hebben aangericht. Ik had via een rechtszaak tonnen kunnen verdienen, waar ze hun hele leven voor hadden moeten opdraaien. Maar het levert mij niks op mensen de grond in te trappen.”

Uiteindelijk besloot Hoekstra de KNWU en wielersport niet te confronteren met een slepende affaire. “De zaak heeft al te veel tijd en negatieve energie gekost. De bond is negen jaar lang een goede werkgever geweest.” Hij heeft alle begrip voor de handelwijze van de KNWU. Hij vindt dat de rensters de bond in een moeilijke situatie hebben gebracht. “De KNWU kwam voor het blok te staan. Ik heb alleen maar lof voor de manier waarop ze het hebben aangepakt.”

Een commissie van drie man heeft zich over de aantijgingen van de rensters gebogen. In totaal 25 mensen, onder wie oud-renster Monique Knol, werden ondervraagd. Hoekstra sprak in totaal vijf uur met de commissie. Bewijzen voor veelvuldig dronkenschap vonden de leden niet. De KNWU vond het daarom niet gepast de coach te ontslaan.

Hoekstra, die bij de bond een coördinerende rol tussen de top- en breedtesport gaat vervullen, geeft toe dat de rensters op bepaalde punten gelijk hadden. “Ik kan dag en nacht over wielrennen praten. Maar op het intermenselijke vlak weet ik dat ik tekort schiet.” Toch zag Hoekstra dit niet als belemmering toen hij 1988 als coach aantrad. De harde en mannelijke aanpak van de voormalige gevangenisbewaarder leidde tot internationale successen voor Leontien van Moorsel en Monique Knol.

Nu realiseert Hoekstra dat hij misschien te lang als vrouwencoach is aangebleven. Toch snapt hij nog altijd niet waarom de rensters hem aan de schandpaal hebben genageld. Misschien omdat hij Yvonne Brunen vlak daarvoor bij een vermeende dopingzaak met leugens uit de wind had gehouden. “Als zij de brief intern hadden gehouden, was ik waarschijnlijk ook aan de kant gezet. De lading was dan in ieder geval anders geweest. Ik kan op dezelfde manier terugslaan, maar daar krijg ik mijn goede naam niet mee terug.” (ANP)