Advies aan kabinet; Financiering rechtshulp moet anders

DEN HAAG, 11 NOV. Het stelsel van vergoedingen aan advocaten voor door de overheid gefinancierde rechtsbijstand moet op de helling. De gemiddelde uurvergoeding kan gelijk blijven aan het huidige bedrag van 125 gulden. Dat stelt een door staatssecretaris Schmitz (Justitie) ingestelde commissie.

De commissie staat onder voorzitterschap van president E. Maan van de rechtbank in Zwolle. De Orde van Advocaten gaat akkoord met de veranderingen, maar bepleit een hoger uurtarief.

De commissie-Maan heeft een voorstel ontwikkeld voor een nieuw systeem. Het is volgens de commissie eenvoudiger en evenwichtiger dan het huidige. De nieuwe normen zijn gebaseerd op statistische gegevens over de tijd die advocaten besteden per zaaktype. Deze gegevens zijn afkomstig uit opgaven van raadslieden bij hun declaratie voor zogenoemde toevoegingszaken.

De commissie voelt er niets voor om in asielzaken te werken met een vooraf vastgestelde vergoeding voor de raadslieden. Volgens de commissie zijn er geen aanwijzingen dat voor asielzoekers onnodige procedures worden gevoerd. Zij ziet dan ook geen reden voor de invoering van een vast honorarium als vergoeding voor alle zaken die een advocaat voor een asielzoeker behandelt. Die verandering kan ten koste gaan van de kwaliteit, aldus de commissie.

De nieuwe normen doen volgens de commissie meer recht aan de feitelijke verschillen tussen zaken. Het huidige stelsel is wat dat betreft niet evenwichtig en niet fair. Voor sommige zaken wordt een relatief te lage vergoeding toegekend, voor andere een relatief te hoge. In de laatste categorie vallen bijvoorbeeld kwesties die verband houden met de wet-BOPZ (Bijzondere Opneming Psychiatrische Ziekenhuizen).

Het voorstel van de commissie voorziet wel in de mogelijkheid van een afwijkende vergoeding. Dat speelt als een advocatenkantoor bij uitstek specialistisch werk verricht, waarvoor in het stelsel geen afdoende beloning bestaat. In dat geval kunnen de Raad voor de Rechtsbijstand en de advocaat een (hogere) vergoeding overeenkomen.

De commissie laat zich niet uit over de absolute hoogte van de vergoedingen. De afspraak met Justitie was dat herijking niet mocht leiden tot hogere uitgaven voor toevoegingszaken. Bij budgettair neutrale invoering van de voorstellen van de commissie blijft de gemiddelde uurvergoeding gelijk aan de huidige van ongeveer 125 gulden.

De Nederlandse Orde van Advocaten is tevreden met de voorstellen van de commissie-Maan. De orde meent dat de vergoedingen “dringend” omhoog moeten. Binnen twee jaar naar 150 gulden, en op den duur moet dat 180 gulden per uur worden. “Dan is er weer reële ruimte voor professionaliteit en kwaliteit in de gefinancierde rechtshulp”, aldus algemeen deken J. Huydecoper.