Geweldsdelicten onder jongeren sterk toegenomen

DEN HAAG, 10 NOV. Het aantal geweldsdelicten onder jongeren is in twee jaar tijd met ruim vijftig procent toegenomen. Het aantal jeugdigen dat zich moest verantwoorden voor een vergrijp of misdrijf is gestegen van 39.000 in 1994 tot 51.000 vorig jaar, een stijging van ruim dertig procent.

Dat staat in het jaarverslag over 1996 van het openbaar ministerie dat vandaag aan de Tweede Kamer is gezonden. Oorzaken van het toegenomen geweld onder jongeren meldt het verslag niet.

Geen van de arrondissementen is het gelukt de gestelde driekwart van de jeugdzaken binnen een half jaar af te handelen. In slechts de helft van het aantal gevallen werd het misdrijf binnen de gestelde tijd afgehandeld. Dat komt deels door de drukte bij het openbaar ministerie zelf, maar ook door de soms te lange tijd tussen het misdrijf en het eerste verhoor. Het duurt ook nog steeds te lang voordat de politie een zaak aanhangig maakt bij het openbaar ministerie.

Het aantal beschikbare cellen is toegenomen, het aantal diefstallen en inbraken sterk gedaald. Vooral recidivisten, die anders na een misdrijf weer op straat terechtkwamen, kunnen nu vaker ingesloten worden. Kwamen er in 1994 nog 285.400 van dit soort zaken voor de rechter, vorig jaar is dat gedaald tot 253.000. Daarvan handelde het openbaar ministerie er zelf 110.000 af; het bracht 132.500 zaken voor de rechter. Het percentage zwaardere en ingewikkelde zaken is echter wel gestegen. Het aantal strafzaken dat het openbaar ministerie zelf aanbracht bij de meervoudige kamers van de rechtbanken is met 14 procent toegenomen.

De doelstellingen van het openbaar ministerie om de georganiseerde misdaad harder aan te pakken zijn volgens het jaarverslag gehaald. In 1996 liepen tegen 100 misdaadgroeperingen strafrechtelijke onderzoeken. In reactie op de veelbesproken IRT-affaire heeft de Centrale Toetsingscommissie, die oordeelt over opsporingsmethoden, scherper gelet op de gebruikte opsporingsmiddelen. Van de 40 gevallen die de commissie kreeg voorgelegd zijn er 28 akkoord verklaard.

Het openbaar ministerie kreeg vorig jaar 1.697 meldingen van hulp bij zelfdoding tegenover 1.524 in 1995. Het grootste deel van de euthanasiegevallen, 1.646, is zonder bespreking door het college geseponeerd. Over vier zaken bestond na gerechtelijk onderzoek nog twijfel. Twee daarvan zijn inmiddels voor de rechter geweest.

Minder gunstig is het gesteld met de zogenoemde 'Pluk ze'-wetgeving. De vorderingen om de door een misdrijf verkregen winsten van een crimineel af te nemen, bleven steken bij 1.306 gevallen met een totale waarde van 40 miljoen gulden. Men had 2.000 criminelen willen 'plukken'.