Alicia Zizzo herontdekt George Gershwin

De Amerikaanse pianiste en musicologe Alicia Zizzo ontdekte de originele versie van de beroemde Rhapsody in blue van George Gershwin, 88 maten langer dan de bekende versie. Op twee cd's speelt Zizzo pianomuziek van Gershwin, die volgens haar nog steeds wordt onderschat, onder andere drie door haar ontdekte preludes.

Gershwin rediscovered. Alicia Zizzo, piano. 30366 00052 Gershwin rediscovered II. Alicia Zizzo, piano. 30366 00312

NEW YORK, 10 NOV. “Gershwins achtergrond heeft hem altijd parten gespeeld”, zegt Alicia Zizzo, pianist en musicoloog. “Misschien wel tot op de dag van vandaag.”

Toen George Gershwin een jaar of dertien was spijbelde hij van school omdat hij geen zin had naar een viooluitvoering te luisteren. Hij ging rolschaatsen op het schoolplein en hoorde door de open ramen het vioolspel van zijn klasgenoot Max Rosenzweig. Gershwin was gegrepen en volgde Max naar huis. Hij wilde meer horen. Omdat ze bij de Rosenzweigs thuis ook een piano hadden begon Gershwin daarop te spelen. Zo leerde hij zichzelf muziek.

Gershwin was geboren in 1898 in Brooklyn als zoon van joodse immigranten uit Rusland. Al gauw verhuisde het gezin naar de Lower East Side op Manhattan, destijds een zeer joodse wijk waar veel nieuwe Amerikanen woonden. Gershwins ouders hadden het niet breed en George stond eigenlijk in de schaduw van Ira, de uitblinker in de familie. Toen de Gershwins een pianio kochten was dat eigenlijk voor Ira, hoewel er George er altijd op speelde.

“Gershwin wordt nog steeds miskend. Toen eerder dit jaar de authentieke uitvoering van Rhapsody in Blue uitkwam en ander onontdekt werk van Gershwin, besteedde de New York Times daar eerst helemaal geen aandacht aan en in tweede instantie werd er wat meesmuilend over gedaan. De authentieke Gershwin, nou èn! Van mij zeiden ze dat ik zeker van de authenticiteitspolitie ben.”

Zizzo is oprecht verontwaardigd. Ze heeft zich de afgelopen jaren met niets anders dan Gershwin beziggehouden. “Ik gaf vroeger nooit veel om Gershwin,” zegt ze. “Het Pianoconcert in F was prachtig maar de Rhapsody in Blue vond ik een vreemd werkstuk. Er klopte iets niet aan!” Zizzo werd in 1990 gevraagd om iets van Gershwin in Warschau uit te voeren en daar voldeed ze aan. De gastheren waren verbaasd dat ze niet Rhapsody in Blue koos.

De Gershwin-kenner Jablonski was echter verrukt van Zizzo's spel en zei iets volkomen nieuws te hebben gehoord in haar uitvoering. “Voor mij was dat genoeg aanmoediging om me in Gershwin te verdiepen”, zegt ze. “Ik had me altijd verbaasd hoe iemand binnen een periode van negen maanden werken als het Pianoconcert in F en de Rhapsody kon afleveren.”

Na overleg met Jablonski, toestemming van de erven Gershwin en het Library of Congress mocht Zizzo naar de originelen kijken. Ze ontdekte dat er uit de Rhapsody maar liefst 88 maten waren geschrapt. “Het stuk is geredigeerd door een paar klassiek opgeleide musici die voor zijn uitgever werkten”, zegt Zizzo. “Het werd minder jazzy. Ze veranderden ook akkoorden, ze voegden crescendi in en maakten het romantischer. Het waren mensen die niets van jazz begrepen.”

Gershwin ging echter met alles akkoord, moeten we vaststellen en Zizzo beaamt dat. “Gershwin was al lang blij dat het werd gepubliceerd”, zegt ze. “Zijn hele leven lang heeft hij gehoord dat hij het nooit ver zou schoppen, dat zijn muziek niet deugde dus alle erkenning deed hem goed. Hij had ook commercieel succes en was al op jonge leeftijd miljonair.”

Ook dat werd tegen hem gebruikt. De critici boorden de Rhapsody in Blue de grond in. Gershwin was een genie, zo erkende men wel tussen de regels door, maar hij had geen scholing gehad en hij was notabene populair bij het grote publiek! Zizzo: “Virgil Thompson was een componist en destijds ook een zeer invloedrijk muziekcriticus. Volgens mij was hij jaloers op Gershwin want hij liet geen spaan van hem heel.”

Gershwin wilde graag verder in de muziek. Hij toog naar Parijs en vroeg aan Nadia Boulanger of hij les kon krijgen maar zij weigerde omdat hij geen klassieke opleiding had gehad. Ook Maurice Ravel wees hem af, zij het niet zonder gevoel voor humor. Ravel vroeg aan de miljonair Gershwin: “Hoeveel verdien jij met je muziek? Misschien moet ik naar New York komen en les van jou krijgen.”

Zizzo vond behalve de oorspronkelijke Rhapsody in Blue ook een mini-opera Blue Monday en enkele preludes, die Gershwin wel heeft gespeeld maar waarvan werd aangenomen dat de muziek was zoekgeraakt. Plotseling zijn er geen drie maar zes Gershwin-preludes. “Gershwin is de Chopin van de twintigste eeuw”, zegt Zizzo. “Hij is hier altijd op één lijn geplaatst met Cole Porter en de Irving Berlin, maar deze man was ècht een genie.” Volgens Zizzo wisten zijn collega's dat destijds ook. Ze meent vaak Gershwin-invloeden te horen in klassieke werkstukken uit de jaren dertig. “In Sjostakovitsj' Vijfde symfonie uit 1935 bijvoorbeeld hoor ik de Cuban Ouverture, maar dan denk ik: kon de muziek van Gershwin in de jaren dertig wel tot in Rusland doordringen?”

Gershwin stierf in 1937 aan een hersentumor. Van de 24 preludes die hij in navolging van Chopin van plan was te schrijven zijn er maar zes bekend. Het staat ook vast dat hij een kwartet voor strijkers in zijn hoofd had maar dat heeft hij nooit opgeschreven.

Zizzo heeft nu twee cd's met Gershwin-muziek uitgebracht en Warner Music publiceerde de bladmuziek. Ze werkt aan een derde opname met nog meer Gershwin, die moet uitkomen ter gelegenheid van de honderdste geboortedag van Gershwin in 1998. Ook is ze bezig een boek te schrijven voor de klassieke pianist waarin ze vertelt wat zij ziet in Gershwins muziek.

“Als ik zelf geen pianist was geweest, had ik misschien nooit iets vreemds gemerkt aan Gershwins muziek”, zegt Zizzo, die als musicerend wonderkind al op haar elfde de concertzalen bespeelde. “Nu begrijp ik hem echter veel beter. De Rhapsody kwam niet uit de lucht vallen maar had een plaats in zijn ontwikkeling. Die ontwikkeling hoop ik in mijn boek te kunnen beschrijven, zodat straks als alle snobs gestorven zijn, geïnteresseerde musici serieus kennis kunnen nemen van Gershwins muziek.”

    • Lucas Ligtenberg