Zaak-Weinreb (3)

Dat drs. A. Nuis zijn vertoog ter verdediging van F. Weinreb getiteld Een monster in de huiskamer (1979) wenst te beschouwen als “een oude koe” die hij nu “dertig jaar later” (?) liever niet meer uit de sloot haalt, kan ik me wel voorstellen; niet voor niets is hij sedertdien in de politiek gegaan.

Maar het getuigt wel van een uitermate laakbaar gebrek aan stijl om in een zogenaamd ruiterlijk stuk (NRC Handelsblad, 5 november) waarin hij zijn ongelijk in de Weinreb-zaak toegeeft - zij het na veel wollig geleuter en met niet ter zake doende tussenstops te Nieuw-Guinea en Zuid-Afrika - niet eenmaal de naam te noemen van W.F. Hermans, die Nuis destijds in een opzienbarende polemiek herhaaldelijk, zij het tevergeefs, op diens foutieve stellingname heeft gewezen.

    • L.H. Wiener